AnalyseYoutube

Het is moeilijk ontsnappen uit de algoritmefuik van YouTube

Beeld Marco Stoker

Sociale media fungeren als ‘een soort blaasbalg’ voor complottheorieën en desinformatie, waarschuwt de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid. Algoritmen van YouTube schotelen gebruikers steeds extremere inhoud voor. Wie mogen we aankijken om dit probleem op te lossen?

Het zou niet zo lang geleden ondenkbaar zijn geweest: YouTube dat een videoclip verwijdert van zijn platform vanwege de tekst. Het gebeurde onlangs rapper en graancirkeldeskundige Lange Frans met zijn nummer Lockdown. Zes maanden lang stond het gewoon op het videoplatform van Google, maar vorige week was het, na een miljoen views, ineens over en sluiten. 

De verklaring die Lange Frans kreeg: zijn nummer schendt het beleid van YouTube ‘inzake intimidatie, bedreigingen en cyberpesten’. De ingreep kan niet los worden gezien van YouTubes aangescherpte beleid. Een dag eerder deed YouTube in navolging van Facebook de complotbeweging QAnon in de ban. De videodienst van Google wil naar eigen zeggen geen vehikel zijn voor schadelijke samenzweringstheorieën, met name als die worden gebruikt om geweld tegen individuen of groepen te rechtvaardigen.

Het basisidee van QAnon is dat een boosaardige elite naar een nieuwe wereldorde streeft en dat pedofiele satanisten kinderen misbruiken en hun bloed drinken – een klassieker binnen de complotwereld. Het nummer van Lange Frans staat boordevol verwijzingen naar QAnon en pedofilie: ‘Een pedonetwerk wereldwijd vraag niet hoe. Via Hillary Clinton tot de Oranjes aan toe.’ Woensdag ging YouTube nog een stap verder en verwijderde het hele account van Lange Frans. 

Wilt u dit artikel liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie

Het basisidee van QAnon is dat een boosaardige elite naar een nieuwe wereldorde streeft en dat pedofiele satanisten kinderen misbruiken en hun bloed drinken.

YouTube en Facebook worstelen al jaren met de inhoud op hun platformen, van onthoofdingsvideo’s tot de vorige Amerikaanse verkiezingen, toen Facebook onder vuur kwam te liggen vanwege zijn rol bij de verspreiding van misleidende informatie. Inmiddels groeien ook de zorgen om de extreme variant daarvan: complottheorieën.

Zo waarschuwde de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid vorige week nog: sociale media spelen ‘een faciliterende en mobiliserende rol’ bij mensen die de overheid, wetenschap en traditionele media al langer wantrouwen. YouTube, Twitter en Facebook fungeren daarbij als ‘een soort blaasbalg’.

Het heersende idee is dat de algoritmen van sociale media gebruikers gevangenhouden in de bubbel van het eigen gelijk, met polarisatie tot gevolg. Dat lijkt volgens divers onderzoek (onder meer de Oxford-studie ‘De echokamer is overschat’ uit 2018) nogal overdreven: die bubbels bevatten nog genoeg gaten. Wel heeft met name YouTube volgens experts een duidelijk sturende werking op specifieke groepen gebruikers. Niet door mensen in hun eigen mening te bevestigen, maar juist door ze steeds extremere inhoud voor te schotelen: je begint met een filmpje over 9/11 en zit drie klikken verder diep in de platte-aardetheorie.

Lange Frans rapt in het nummer Lockdown: ‘Een pedonetwerk wereldwijd vraag niet hoe. Via Hillary Clinton tot de Oranjes aan toe.’

Dat er een probleem is, is duidelijk. Een op de tien Nederlanders gelooft bijvoorbeeld dat er rondom corona dubieuze spelletjes worden gespeeld, bleek deze zomer nog uit onderzoek van onderzoeksbureau Kieskompas. Het idee dat een komend covidvaccin door de overheid wordt ingezet om burgers te injecteren met een chip om ze zo permanent te volgen, wordt bijvoorbeeld door maar liefst 22 procent van de PVV-stemmers onderschreven.

Het vertrouwen is bij een grote groep verdwenen, concludeert ook Jeroen van den Hoven, hoogleraar techniek en ethiek aan de TU Delft. ‘We zijn losgeslagen van een anker. En twijfel zaaien werkt bijzonder goed. Het lanceren van een buitensporige samenzweringstheorie is makkelijker dan de zoektocht naar waarheid’, aldus de filosoof. ‘Als consensus ontbreekt en chaos wordt gecultiveerd, hebben we als maatschappij een groot probleem.’ Natuurlijk zijn sociale media daar niet in hun eentje verantwoordelijk voor, benadrukt Van den Hoven, maar ze versterken de effecten wel door de ‘bullshitverspreider’ een megafoon te geven om zo zijn giftige ruis te verspreiden.

De vraag is: wie gaat dit probleem oplossen?

1. De techbedrijven zelf

Het ligt het meest voor de hand: laat YouTube en Facebook hun eigen rommel opruimen. En het moet gezegd: de bedrijven zitten bepaald niet stil. De tijd dat Big Tech zich kon permitteren te verstoppen achter het mantra ‘we zijn een spiegel van de maatschappij’ terwijl het geld binnenstroomt, ligt achter ons. Dat geld komt nog steeds met bakken binnen, maar de grote platformen bemoeien zich steeds nadrukkelijker met de inhoud. In aanloop naar de volgende Amerikaanse presidentsverkiezingen volgen de maatregelen van sociale netwerken om nepnieuws tegen te gaan elkaar in rap tempo op. Ook president Trump ondervond de laatste maanden een paar keer op Twitter dat hij niet zomaar alles mag zeggen, zowel bij berichten over stembusfraude als over corona.

Facebook heeft zo’n 15 duizend mensen aan het werk voor het modereren van berichten. Bij Google zijn dat er ongeveer 10 duizend. Beide bedrijven leunen daarnaast zwaar op kunstmatige intelligentie die schadelijke inhoud eruit filtert voordat iemand er ook maar mee in aanraking komt. Google verwijderde in het tweede kwartaal 11,4 miljoen video’s.

Arjen Lubach besteedde zondag in zijn programma Zondag met Lubach een item aan de ‘fabeltjesfuik’.

Het laatste wat Google wil, is in de rol te worden gedwongen van wereldwijde hoofdredacteur van het internet. Maar het concern heeft zich de aanzwellende kritiek op zijn dienst YouTube wel aangetrokken. Voor Engelstalige video’s is inmiddels het beleid om video’s van lage kwaliteit (intern bekend als XLQ, extra low quality) niet mee te nemen in de aanbevelingsalgoritmen. Deze worden dus niet meer actief aangeraden door het platform. Het aanbevelen is geen recht meer, maar een privilege.

Uiteindelijk is het allemaal lood om oud ijzer, vindt Van den Hoven. ‘De oplossing gaat niet van YouTube of Facebook komen. Bij hen komt geld op de eerste plaats, de rest is daar ondergeschikt aan.’ Dat vindt ook europarlementariër Paul Tang van de PvdA: ‘De commerciële belangen prevaleren. De techbedrijven willen uiteindelijk maar één ding: dat mensen zo veel mogelijk tijd op hun platformen doorbrengen. Alle maatregelen die ze nu nemen, nemen ze onder publieke druk.’

Stef Aupers, hoogleraar mediacultuur aan de KU Leuven, is het daarmee eens, maar heeft hoe dan ook moeite met het idee dat techbedrijven al te enthousiast inhoud weghalen omdat deze schadelijk zou zijn. ‘Je hebt dingen die onomstreden verboden zijn, maar met de rest moet je oppassen.’

Een meme over het verschil tussen kennis en complottheorieën.

2. De politiek

De oplossing moet van buiten komen, van de politiek, vindt zowel Van den Hoven als Tang. Deze laatste werkte mee aan Europese voorstellen om het probleem van de macht van techbedrijven aan te pakken. Het Europees Parlement stemde hier dinsdag voor. Met deze voorstellen in het achterhoofd komt de Europese Commissie later dit jaar met nieuwe regels die de dominantie van de grote techbedrijven moeten indammen.

Veelgenoemde potentiële maatregelen zijn torenhoge boetes, het verbieden van overnames of zelfs het opsplitsen van te machtige bedrijven. Maar Tang wil ook het verdienmodel van Big Tech bij de wortel aanpakken. Dat model is gebaseerd op het vergaren van data van klanten om zo gepersonaliseerde advertenties aan te bieden. Een van de voorstellen van Tang is dat klanten niet langer gedwongen moeten worden in te loggen bij Facebook of Google, maar dat via een overheidsdienst kunnen doen die alleen data opslaat die strikt noodzakelijk zijn voor het gebruik. ‘Daarmee steken we er een stokje voor dat techbedrijven persoonsgegevens als commerciële producten gebruiken’, aldus Tang.

Ook wil de europarlementariër dat platformen hun inhoud standaard chronologisch aanbieden in plaats van een aanbod via algoritmen. Of liever nog: de komst van een transparant algoritme dat niet manipulatief is.

Een gemakkelijke oplossing voor het probleem van het verspreiden van complotten of nepnieuws is er hoe dan ook niet, zegt Tang. Vooral omdat er nu maar een paar platformen zijn die de dienst uitmaken. Door de brandstof van het commerciële verdienmodel (data) aan te pakken, hoopt hij dat er alternatieven zullen ontstaan. ‘Net als bij de oude media is diversiteit belangrijk. Google en Facebook zijn te dominant. Op het moment dat er echte alternatieven van de grond komen, is er keus’, aldus Tang. En dan hoeft niemand ook van YouTube of Facebook te verwachten dat zij de huisregels voor het hele internet bedenken en bewaken. Het ene platform zal wat strenger zijn dan het andere.

Ook Van den Hoven hamert op een breed pakket aan maatregelen om de macht van Big Tech af te breken. Boetes, opbreken, het stimuleren van alternatieven, maar ook onmiddellijke eisen: ‘Vergelijk het met medische apparatuur. Die mag je ook niet zomaar op de markt brengen. Google, Facebook, laat maar zien hoe jullie product bijdraagt aan een gezonde democratische samenleving.’ En als ze de fout ingaan? ‘Stel de topmannen persoonlijk aansprakelijk voor de problemen die hun producten opleveren.’

Een meme laakt vermeend kuddegedrag.

3. De burger 

En al die mensen zelf dan, die zich laven aan video’s over het verband tussen 5G en corona, over een satanistische, bloed drinkende elite of over graancirkels? Die hebben zelf toch ook hun verantwoordelijkheid? Ja, ze kunnen van alles. YouTube in incognitomodus raadplegen. Of meerdere bronnen raadplegen. En in grote meerderheid gebeurt dat laatste ook gewoon, blijkt uit meerdere onderzoeken. Die nuance maakt Aupers ook: de internetter valt niet massaal ten prooi aan complotten. Maar kleine groepen – verbonden door een diep wantrouwen in overheid, wetenschap en reguliere media – kunnen wel degelijk vatbaar zijn. ‘Die mensen hebben ten onrechte het gevoel dat ze in een open ruimte informatie tot zich nemen, terwijl ze in de praktijk diep in hun kleine holletje zitten waarin algoritmen steeds extremere informatie op ze afvuurt.’ Deze groep is helemaal niet in staat om zelf die verantwoordelijkheid te nemen, denkt ook Van den Hoven: ‘Ze zijn weerloos tegen de macht van de algoritmen.’

Meer over complotdenken en algoritmen:

De algoritmen van sociale media zouden gebruikers gevangen houden in de bubbel van hun eigen gelijk, met polarisatie tot gevolg. Dat lijkt volgens onderzoek nogal overdreven.

De populaire extreem-rechtse complottheorie QAnon wordt aangepakt door Facebook, evenals de Antifa-anarchisten ter linkerzijde. Dat is koren op de molen van de complotdenkers.

Zo werkt YouTube rechtse radicalisering in de hand.

Zet complotdenkers niet weg als gekkies, zegt socioloog Jaron Harambam, maar luister naar ze.

Zo voer je een (zinnig) gesprek met een complotdenker in je omgeving.

Meer over