tv-recensiefrank heinen

Het Bed & Breakfast-format is in beton gegoten, maar nu trok er een schaduw over het programma

null Beeld

Sinds enkele weken is het programma Bed & Breakfast (Max) terug op de buis, in een zoveelste serie. En alweer (of: nog steeds) kijken elke vrijdagavond miljoenen naar mensen die zich op een vers opgemaakt bed laten ploffen, hun verwachtingen uitspreken over het ontbijt en opgelucht zinnetjes opzeggen als: ‘Da’s vijf euro meer dan de vraagprijs, dankjewel.’

Het format is in beton gegoten. Zo opereren deelnemers altijd in duo’s – alleenstaanden worden bijgestaan door een goede bekende en in geval van gezinnen worden de kinderen vakkundig weggemoffeld; met andere samenlevingsvormen houdt de strikte enscenering geen rekening. De tweetallen arriveren altijd per auto, het openbaar vervoer bestaat alleen in de vorm van een klassiek trammetje dat voor het uitje kan worden ingezet. Ruzie is er nooit, kritiek en jaloezie blijven binnen de grenzen van het sociaal-wenselijke en de rituele dans met de enveloppen voltrekt zich volgens een vaste choreografie. In feite is iedere nieuwe aflevering een herhaling van de vorige en een spiegel van de volgende. Zelfs de dorpen en plekken die de kandidaten bezoeken zijn, in al hun uniciteit en originaliteit, precies hetzelfde genoeg. Verrassing en improvisatie zijn slechts toegestaan binnen de streng bewaakte grenzen van het bewezen succesnummer. Alles wat eruit steekt, wordt op de montagetafel onbarmhartig gesnoeid.

Vorige week streken de kandidaten neer in Gees. De drie duo’s – een echtpaar, een moeder en een zoon en twee vriendinnen – lieten zich welgemoed over Drentse klinkerwegen huifkarren. Onderweg werd er halt gehouden bij een beeldentuin, een klassiek Bed & Breakfast-verzetje, ex aequo aan de top met de rondvaartboot en de verklede stadsomroeper. De ‘uitjes’ zijn nooit hetgeen waar het om draait, ze zijn voor het programma wat uitvoerige landschapsbeschrijvingen zijn voor de fantasyroman: een achtergrond waartegen de personages scherp kunnen afsteken.

Er volgde een rondleiding door de eigenaar. Na het bezichtigen van een reusachtige, in de wind wiegende ladder arriveerde het gezelschap bij een watertje. Aan de overkant stond een beeld op een sokkel. Twee figuren in een innige omhelzing. Een bijzonder beeld, vertelde de eigenaar, want het was het enige beeld waarvan zijn vrouw had geweten waar het zou komen te staan. Enkele maanden nadat het echtpaar er was komen wonen, was zij plotseling gestorven.

De eigenaar haperde kort, zijn woorden bleven haken achter zijn gedachten.

Even trok er een schaduw over het programma waarin de hemel altijd wolkenloos lijkt. Natuurlijk zie je wel vaker mensen op tv zich door hun verdriet stamelen, om de haverklap zelfs. Bijna altijd is het bedoeld, gepland, gezocht. Afgedwongen emotie.

Ditmaal leek er niets voorzien. De man keek naar het beeld en Ruby, een vrolijke Enschedese bij wie je kunt overnachten in een opgeknapte circuswagen, raakte kort zijn schouder aan. Heel kort kierde het gordijn van het programmamakervakwerk en even kreeg je een blik in de in al zijn onhandigheid troostende realiteit.

Meer over