Hendrik doopt z'n kleed bleekjes in bloed

Sponsor Schiphol Airport kan tevreden zijn. Bij de nieuwe openluchtvoorstelling van Theater het Amsterdamse Bos speelt de vlieghaven weer een opvallende bijrol....

Marijn van der Jagt

Dat doen ze niet alleen voor de gein; de herrie die zo'n toestel produceert maakt een pauze noodzakelijk. En het mooie is, dat de vliegtuigen binnen de voorstelling steeds een andere betekenis krijgen. Ze kondigen de reizigers aan die door de boevenbende van Sir Falstaff van hun knalgele 'See, Buy, Fly'-tassen worden beroofd. Het drukke vliegverkeer past ook prima bij de vele bezoekjes die twistende en konkelende legerleiders brengen aan het Engeland van koning Hendrik IV. Het 'paard' van de verlopen Falstaff is al een aftands autootje dat het toneel op komt slingeren. Kun je nagaan waarmee de officiële staatslieden zich verplaatsen.

Het lelijke eendje of de privé-jet. Voor die keus staat de jonge kroonprins Hendrik V, de eigenlijke hoofdpersoon van Shakespeares koningsdrama. In het besef dat de prinsenplicht hem ieder moment kan roepen, is hij ondergedoken in de vrijbuiterswereld van zijn clowneske vriend Falstaff. Die brengt de prins op het 'slechte' pad: zuipen, bedriegen en stelen. Maar om weer op het 'goede' pad te komen, zal de prins oorlog moeten voeren zoals het een koningstelg betaamt. Op de dag waarop de prins eindelijk 'zichzelf' zal zijn, zal hij een kleed van bloed dragen. 'Mijn gezicht zal geborgen zijn in een bloedig masker', laat Oscar van Woensel de kroonprins vrij naar Shakespeare zeggen.

In zijn bewerking legt Van Woensel de nadruk op het vraagstuk van de wil. 'Ik heb een wil', ontdekt prins Hendrik als hij eindelijk de kroon van zijn vader heeft overgenomen. 'Hij heeft geen vrije wil meer,' constateert Falstaff die zijn vriend aan het koningschap verliest. Geert Lageveen speelt in de regie van Frances Sanders de prins als een in zichzelf gekeerde jongeman die geleefd wordt door anderen. Dat maakt hem tot een onuitgesproken figuur in het gezelschap van heersers en verliezers dat het grote openluchtpodium bevolkt.

Net zo'n machteloze indruk maakt Peter Faber als koning Hendrik IV, die verloren over het kale toneel dwaalt. Bij beide spelers mis je een videocamera die inzoomt op hun gezichten, of een groot gebaar dat hun naar binnen geslagen emoties vertaalt. Ze zijn allebei bleekjes vergeleken bij Porgy Franssen als Falstaff, die met zijn aangeplakte dikke buik en koddige motoriek de ware koning van de voorstelling is.

Naast Franssen brengen alleen Ad Knippels als de fascistoïde legerleider Hotspur en Marcel Faber in zijn vele bijrollen de boel echt tot leven. Want ondanks een paar spectaculaire vondsten is de regie van Sanders nogal saai. Het tempo is lekker hoog, maar er is geen ruimte om de tragiek of de grap van een scène uit te spelen. De voorstelling bestaat voornamelijk uit veel woorden, zonder dat de rijke tekst van Shakespeare/Van Woensel tot z'n recht komt.

Meer over