Hannibal over de Alpen

Hanneke Niens maakt zich op om naar Nieuw-Zeeland te vertrekken voor de opnamen van de film Bruidsvlucht. En dan wint Pierre Bokma ineens een Emmy....

Het eerste wat ik de laatste weken doe als ik opsta, is mijn e-mail checken op berichten uit Nieuw-Zeeland. Het team van de speelfilm Bruidsvlucht heeft er dan aan de andere kant van de wereld weer een dag opzitten. Het blijft fantastisch me elke dag te realiseren dat het ons gelukt is deze grootse en meeslepende film van de grond te krijgen. Een bitterzoet drama over het verlangen naar een nieuw bestaan.

Bijna vier jaar geleden vloog scenariste Marieke van der Pol rechtstreeks van de rode loper in L.A., waar we voor de Oscarnominatie van De tweeling waren, naar Nieuw-Zeeland om inspiratie op te doen voor de ontwikkeling van het scenario. Nu vlieg ik met haar over enkele dagen naar de set, waar ze kan zien hoe de door haar gecreëerde personages tot leven komen onder regie van Ben Sombogaart.

Tussen deze twee zinnen in zit, om het miljoenenbudget rond te krijgen, een wereld van knokken, incasseren, inventiviteit en onvoorwaardelijk geloof in het project en het team.

Filmfinanciering maakt een steeds groter onderdeel uit van het dagelijks werk van een producent. Slinkende nationale budgetten nopen tot ingewikkelde buitenlandse financieringsconstructies, het gevecht om de rechten en exploitatie verhardt, het marktaandeel van de Nederlandse film moet omhoog om het bedrijfsleven aan te trekken. Het is dan ook geweldig dat er op dit moment drie Nederlandse kaskrakers in de bioscopen draaien.

Tijdens die jaren van financiers overtuigen, kapitaal vergaren (en soms weer verliezen) en risico's nemen, lijkt ‘het maken’ van de film weleens tot bijzaak gedegradeerd, alsof je dat maar gezellig in je hobbytijd moet doen. Gelukkig vallen hobby en professie bij mij, en bij vele producenten, samen.

In plaats van een dankwoord voor te bereiden, heb ik vanmiddag vele, vele foto’s van dennenbossen en meren in Noord Frankrijk en België via een speciale site van onze locatiescout ontvangen en besproken met regisseur Mischa Kamp.

De televisiefilm De Fuik die zij regisseert, zou vanavond het einde van de opnameperiode vieren met een feestje voor cast, crew en alle betrokkenen. Maar omdat vorige week door sneeuwval in Duitsland de crew zonder een shot gedraaid te hebben terug moest komen naar Nederland, zitten we nu nog midden in de zoektocht naar bevredigende alternatieven.

Dit soort zaken valt onder overmacht. Maar weersovermacht is niet te verzekeren. Ik heb groot respect voor de regisseur, de uitvoerend producent en de keycrew, die dwars door hun frustratie heen blijven accepteren dat je een film maakt in een balans tussen inhoudelijke wensen, productionele mogelijkheden en financiële grenzen (de tweede heilige driehoek van mij).

De eerste rushes (ruw opnamemateriaal) van de shoot in Nieuw-Zeeland zijn binnen. En het kijken er naar ontroert me ontzettend. Niet eens de zo bijzondere feel and look van de film. Die is in de opnameperiode in Luxemburg, waar we veel Nieuw-Zeelandse interieurs en minder specifieke exterieurs draaiden, al geproefd, overwogen en bepaald. Maar er trekt aan de andere kant van de wereld een karavaan rond (de uitvoerend producent noemde het al Hannibal die over de Alpen trekt) met honderden mensen, tientallen voertuigen, bussen, gevat in transport- en overnachtingschema’s om alles wat het script van het land vraagt praktisch haalbaar te maken. Zo groots.

En het land – een leading actor gevat tussen 1953 en 1963 en in het heden – doet in samenspel met de acteurs de rest om me te emotioneren. Dit zijn momenten dat ik het vervloek dat ik als producent wat verder van de dagelijkse gang van zaken sta, en dus niet de gehele periode in Nieuw-Zeeland vertoef. Nu had ik Ben complimenteus hard op zijn rug moeten slaan, Piotr de cameraman moeten zoenen, naar José de uitvoerend producent moeten lachen en op iedereen die zich zo gedreven het schompes werkt het glas willen heffen.

Nog zes nachtjes... Heb me maar vol overgave gestort op mijn maandagavondritueel: sporten, en daarna naar een van mijn favoriete Utrechtse filmhuizen voor lekker eten, filmbladen consumeren en natuurlijk een film.

Om 03.30 uur gaat mijn telefoon. Fantastisch bericht uit New York. Acteur Pierre Bokma heeft de prestigieuze Emmy gewonnen voor zijn rol in De Uitverkorene. De televisiefilm die we in samenwerking met de VPRO hebben geproduceerd. Een Emmy is dé Oscar van de televisie.

Twee dagen geleden hebben we Pierre er nog van overtuigd dat hij echt, echt, echt zonder visum in Amerika zou worden toegelaten zonder in het gevang te belanden, en nu zie ik de eerste foto’s met een stralende winnaar op internet verschijnen en een telefonisch interview met hem op het vroege Journaal.

Bij elke prijs gaat bij IDTV Film een hele machinerie van start. In eerste instantie persoonlijke belletjes naar cast, crew en (financiële) partners, maar meteen daarna het uitgeven van persberichten, persitems en andere acties om de betreffende film weer onder de aandacht te brengen.

Film en publiciteit zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Maar wanneer die koppeling plaatsvindt, wordt daar heel verschillend over gedacht.

Schrijf je het scenario al met een doelgroep en marketingmogelijkheden voor ogen? Start je vanaf de opnamen van de film de publiciteit met een gedoceerde, doch niet aflatende stroom publiciteitsuitingen? Bouw je pas net voor de uitbreng van de film naar een hoogtepunt?

Een leuke, onophoudelijke discussie met de distributeur van Bruidsvlucht met wie ik vanavond heb gegeten. Hij is voor pieken net voor de première en is ervan overtuigd dat een lange aanloop het publiek het gevoel van ‘deze film is passé’ geeft. Ik ben voor het lang van tevoren verankeren van de titel van de film in ieders hoofd.

Zo verschillen we wel over meer. Hij vindt het houden van een première alleen van belang voor de persaandacht en het dus belachelijk dat de producent de zaal tot de nok wil vullen met iedere naam op de aftiteling en elke verre tante.

Vandaag een rommeldag. Veel mails, veel telefoon. Nagepraat met collega-producenten over een nieuw initiatief tussen de Filmacademie (NFTVA) en de belangenvereniging van speelfilmproducenten (NVS).

Hiermee willen we derdejaarsstudenten Productie de kans geven de laatste twee jaar van hun studie een producent als mentor te hebben.

Een van de producenten vroeg zich af wat er voor hem in zat om een student zo toe te laten tot de krochten van zijn onderneming. Het leek mij nou juist een goedkope manier van therapie. Zelfreflectie te over ben ik bang....

Woensdagavond is de vaste avond voor het eten met onze vrienden, sinds een paar jaar zelfs buren. Zij een puberzoon, basisschooldochter en puppyhond, wij een kleuterzoon.

Geweldig. Geen opvoedprogramma meer nodig. Sluit helemaal aan bij de onderzoeksresultaten dat alle ouders kinderen onopgevoed vinden, behalve die van zichzelf. Zelfreflectie wederom...

Vandaag een spannend gesprek bij het Filmfonds. We hechten erg aan continuïteit met de makers. Hoe langer je met elkaar samenwerkt, hoe minder ego er om de hoek komt, hoe groter de openheid en kruisbestuiving, hoe groter de kans dat die meerwaarde te zien is op het witte doek. Voorstaande niet te verwarren met grijze compromissen en vlees noch vis-resultaten.

Er wordt dus met Ben Sombogaart en Marieke van der Pol alweer een nieuw groot filmproject ontwikkeld. Maar we hebben Marieke ook gevraagd een scenario te schrijven voor een jonge regisseur die we erg interessant vinden.

Arrivé en coming met elkaar verbinden. We doen mee aan een speciaal talentenproject, een wedstrijd. Vanmiddag kregen we de kans nog eens gepassioneerd te vertellen over de film die ons voor ogen staat. Maandag uitslag.

Laat het lukken, want hier hebben twee makers elkaar gevonden en is 1 en 1 waarlijk 3. Morgen naar Nieuw-Zeeland. Maar niet voordat ik met mijn zoontje een kalender heb geknutseld waarop hij de nachtjes kan aftellen. Misschien voor mama ook maar een kalender maken.

Meer over