God ten onder in acteergeweld bij de Trust

THEATER..

De Bezoeker van Eric-Emmanuel Schmitt. Regie: Peter Oosthoek. Schouwburg Utrecht, Tournee.

God is de laatste jaren opvallend aanwezig op de Nederlandse toneelpodia, steeds in een andere gedaante. In Klaagliederen van Gerardjan Rijnders had Hij het aanzien van Michael Matthews, een zwarte man die de dood nabij was. In Fly away van Arjan Ederveen is God een mongoolse jongeman. 'Ik ben al blank geweest, zwart, geel, met baard, kaal, met tien armen en zelfs vrouw' verzucht Hij in het toneelstuk De Bezoeker, dat vrijdag opnieuw in Nederland in première ging.

In deze voorstelling lijkt God verdacht veel op de acteur Henk van Ulsen. 'Hoe vindt u mij?' vraagt Hij aan Sigmund Freud, bij wie hij plotseling binnenstapt. 'Ik heb mij de kop laten maken van een acteur die geboren wordt na uw dood.'

De Fransman Eric-Emmanuel Schmitt, die De Bezoeker in 1993 schreef, laat het een beetje in het midden of God werkelijk in zijn toneelstuk verschijnt. Zijn personage draagt de naam De Onbekende, en hij zou de ontsnapte gek met grootheidswaanzin kunnen zijn die zich in de buurt van Freuds woning schijnt te verbergen. Ook wel iets voor Henk van Ulsen, wiens naam onlosmakelijk verbonden is met Gogols Dagboek van een gek.

Maar in de regie van Peter Oosthoek is Van Ulsen meer God dan gek. Dat heeft misschien te maken met deze tijd, waarin het geloof een voorzichtige terugkeer beleeft. Zelfs Friedrich Nietzsche, de man die God ooit dood verklaarde, wordt in de recente voorstelling van de Trust aan het eind van z'n leven toch door twijfel overvallen. Het komt ook door Van Ulsens entree.

'Zijn komst moet zowel natuurlijk als mysterieus lijken', schrijft Schmitt voor, maar de mooie, verstilde verschijning van Van Ulsen is voornamelijk wonderbaarlijk. Dat scherpt de blik van het publiek voor de hardnekkigheid waarmee Freud, gespeeld door Eric Schneider, weigert om in deze God te geloven.

Het blijft in deze voorstelling bij dat ene theatrale wonder. Het handschrift van Peter Oosthoek - een zorgvuldig belichte, strakke mise-en-scène - wordt overschaduwd door het acteergeweld van Van Ulsen en Schneider. De voorspelbare golven waarop zij de woorden van Schmitt laten aanrollen en wegebben, maken het moeilijk om naar de scherpe, geestige tekst te blijven luisteren. Veel intrigerender is de bijrol van Freerk Bos, die zich onttrekt aan de bekende acteercliché's. De beminnelijke nazi die hij neerzet, is uiterst plezierig om naar te kijken. Die nazi schept meer verwarring dan Van Ulsens God, die aan alle verwachtingen beantwoordt waar Zijn nieuwste materialisatie mee gepaard gaat.

Marijn van der Jagt

Meer over