Documentaire

God Is My DJ

De camera is overal, maar het levert weinig op

Jan Pieter Ekker

Zeven maanden volgde regisseur Carin Goeijers de jonge, gedreven entrepreneur Duncan Stutterheim. De initiator van grote dance-feesten als Sensation vond het een eer; de camera mocht overal bij zijn.

Zij gaat op bezoek bij zijn vader Cor ('een van de beste ondernemers van Nederland', aldus Duncan). Ze is bij hem thuis, in zijn Amsterdamse grachtenpand met lift, als Stutterheims dochtertjes van een en drie hun favoriete afhaal-sushi eten. Ze filmt een ontmoeting met pianist Jan Vayne, die opzwepende riedeltjes in elkaar flanst voor Sensation. En ze is erbij als er slechtnieuwsgesprekken moeten worden gevoerd met het ID&T-personeel.

De insteek van Goeijers - die in 2000 een Gouden Kalf won voor haar korte documentaire De nieuwerwetse wereld - en producent Pieter van Huystee was een documentaire voor een jong bioscooppubliek. Dat is God is My DJ niet geworden; niet de dancecultuur is centraal komen te staan, maar de financiële problemen van ID&T en de pogingen een verlies lijdend radiostation te verkopen. Omdat Goeijers zo weinig informatie geeft (een enkele keer verschijnt een voornaam of functie in beeld; vragen worden er niet gesteld) zijn de ontwikkelingen echter nauwelijks te volgen.

Goeijers schuwt de psychologie van de koude grond niet: het leven van Duncan wordt nadrukkelijk in de schaduw geplaatst van zijn overleden broer Miles, die in september 2000 met zijn Porsche tegen een boom reed. In een oude radio-opname vertelt Duncan over de dood van Miles, er zijn homemovies van de begrafenis te zien en een vreemde animatie waarin een zwarte Porsche in de nacht verdwijnt.

Duncan vertelt dat hij na de dood van zijn grote broer een jaar lang veel drugs gebruikte, een reis maakte en De alchemist van Paulo Coelho las. Maar wat hem nu precies drijft, waar zijn passie voor trance en dance vandaan komt, en waarom Joop van den Ende wel iets ziet in de wakeboardende ondernemer blijft volstrekt duister.


Meer over