‘Gewoon spelen was mijn ideaal’

Springsteen en Kerouac zijn hun inspiratie, hun thema is verveling: The Hold Steady...

Van onze medewerker Gijsbert Kamer

‘Wie jong is en opgroeit in de Amerikaanse suburbs, en wil ontsnappen aan de dagelijkse sleur, staat weinig anders te doen dan in de auto stappen en eindeloos te gaan rondrijden. Dat was al zo in de jaren vijftig, zoals Jack Kerouac ze beschreef, dat was zo toen ik opgroeide, eind jaren tachtig en dat is nog steeds zo.’

Craig Finn (35), zanger van de Amerikaanse rockband The Hold Steady heeft het gegeven tot thema van zijn liedjes verheven. Samen met gitarist Tad Kubler is hij even in Amsterdam ter promotie van de derde Hold Steady cd Boys And Girls In America. Een titel ontleend aan een regel uit Jack Kerouacs On The Road (eerste deel hoofdstuk 10): ‘Boys and girls in America have such a sad time together.’ Finn: ‘Toen ik die regel las was ik overdonderd. Precies het thema van veel van mijn liedjes’.

‘Voor jullie Europeanen is het moeilijk voor te stellen’, vult Kubler hem aan, ‘maar beneden de 21 jaar mag je bij ons in veel zalen niet naar binnen. Clubs, uitgaan en zelfs bandjes kijken is dan geen optie. Dus wat doe je dan, je leent de auto van je pa en je gaat met vrienden uit rijden. Eindeloos waren die tochtjes. Ja blowen, drinken en noem maar op, alles deden we in die auto. Dat het sad was, ontdekten we pas later.’

‘We hadden eigenlijk wel een hoop lol in Minneapolis’, zegt Finn, die met Kubler zich uiteindelijk in Brooklyn zou vestigen. ‘Er kwam in de jaren tachtig de meest geweldige muziek vandaan. Van de Replacements en Hüsker Dü bijvoorbeeld. We waren te jong om ze echt meegemaakt te hebben, maar kregen wel iets mee van de golf aan muzikale creativiteit die ze te weeg brachten. Lang is er een traditie blijven bestaan van livemuziek in café’s. En zo spelen, heel simpel, gewoon rock ’n’ roll, met je vrienden in de kroeg, dat was mijn ideaal.’

Graham Parker en Dr. Feelgood waren naast de Replacements van grote invloed op de Hold Steady. ‘En natuurlijk Bruce Springsteen’, zegt Finn een tikkeltje verveeld. ‘Vooral omdat we op onze nieuwe plaat pianospelen, zoals Roy Bittan dat in de band van Springsteen doet, worden we heel erg met hem vergeleken. Je kunt geen stuk over ons lezen of er wordt gerefereerd aan Springsteens Born To Run.’

Maar, erkent Finn, het is ook wel terecht. Hij wil met zijn band minstens zo opwindend en gejaagd klinken als The Boss, met teksten die net zo prikkelend zijn. ‘Poëtisch en toch direct aansprekend. Je komt dan bij ons vaak uit met auto-metaforen. Maar waar karakters bij Springsteen vaak wegrijden om nooit meer terug te komen, rijden ze bij mij rondjes. Ze drinken veel, gebruiken allerhande drugs en scharrelen wat met elkaar. Allemaal op zoek naar een beetje geluk. En meestal vergeefs.’

Nee, een exacte weerspiegeling van zijn eigen jeugd is het nu ook weer niet. ‘Ik was niet zo zoekende als veel van mijn karakters. Maar ik weet de dingen nu wel beter te benoemen. Je begrijpt volgens mij beter hoe het is om 17 te zijn wanneer je 35 bent. Muziek en literatuur kan ik nu ook beter plaatsen. Van On The Road begreep ik niks toen ik 16 was, maar vond het toch mooi.’

Finn hoopt met zijn Kerouac-citaat en het noemen van de dichter John Berryman (‘de beroemdste zelfmoordenaar van Minneapolis’) mensen aan het lezen van hun werk te krijgen. ‘Zoals ik door het luisteren naar de Replacements geattendeerd werd op de muziek van Alex Chilton en Kiss.’

Tad Kubler: ‘We zijn altijd vast blijven houden aan die ruige, wat morsige rock, eerst in andere bandjes en nu in The Hold Steady. Daar moest in New York aanvankelijk niemand iets van hebben. Te ouderwets, Elektroclash was het helemaal. Maar nu lijkt het tij te keren.’

Craig Finn: ‘Wat heet. Dat de pers in Amerika ineens zo enthousiast werd, is al mooi. Maar de euforie die onze nieuwe plaat in de Britse bladen heeft veroorzaakt verbaast me echt. Ineens zijn we voor hen de ultieme rockband. Ze zijn daar blijkbaar toe aan een flinke portie sloppy rock ’n’ roll uit de oude doos. Op middelbare leeftijd hip gevonden worden, dat geeft ouderwetse muzikanten zoals wij weer moed.’

Gitarist Tad Kubler (links) en zanger Craig Finn van The Hold Steady. (Jean-Pierre Jans - de Volkskrant) Beeld Jean-Pierre Jans
Gitarist Tad Kubler (links) en zanger Craig Finn van The Hold Steady. (Jean-Pierre Jans - de Volkskrant)Beeld Jean-Pierre Jans
Meer over