Gekrompen jasjes en de trui in de broek

'Dit seizoen', jubelde het persbericht dat werd uitgedeeld bij de show van Emporio Armani, de tweede lijn van Giorgio Armani, 'stijgt Emporio Armani uit boven de beperkingen van straatmode en sport, om een wereld van beschaving en elegantie te ontdekken.' Niemand die zo gemakkelijk afbrandt wat hij een paar seizoenen...

Milou van Rossum

De winter van 2005/2006 dreigt een zeer klassiek mannenseizoen te worden. Sportkleren zijn weer gewoon bedoeld om in te sporten, spijkerbroeken hebben nog steeds een zeer lage taille, maar het kruis hangt niet meer tussen de knieën. Veruit het meest favoriete kapsel op de catwalk was achterovergeplakt haar à la Leonardo di Caprio in The Aviator, en bijna iedere ontwerper had een serie fluwelen smokingjasjes in de collectie.

Maar de allerbelangrijkste boodschap voor winter 2005: pakken. Vaak opgetut met een bontstola, een corsage, een gebreide muts of een wuft fluwelen sjaaltje, maar evengoed: pakken. Traditioneel, in krijtstreep, een klassieke ruit, of in effen grijze of zwarte wol.

Miuccia Prada had de door haar zo lang aanbeden 'nerd' opzij gezet voor een volwassen en bijna sexy manbeeld. Haar pakken waren slank en aansluitend gesneden, maar hadden net dat afwijkende waarmee Prada zich onderscheidt. Truien, een ander hoofdbestand van de collectie, waren van mohair of geheel doorschijnend, zodat de gestreepte wollen sjaal die er onder werd gedragen te zien was. De truien werden, niet meer vertoond sinds de jaren tachtig, in de broek gedragen.

Bij Emporio Armani waren de jasjes net iets korter dan normaal, wat een dynamisch effect moest geven. Een verregaander versie van het gekrompen jasje, dat dit najaar al een trend was in de vrouwenmode, was te zien bij Dsquared, waar de catwalk was omgebouwd tot een sereen kerkje. De gelovig opgevoede Canadese tweeling Dean en Dan Caten hadden hun jasjes zo strak en kort gesneden dat ze twee maten te klein leken. Ze combineerden ze met iets te korte, strakke broeken met een zeer lage tailleband. Het maakte dat de modellen oogden als te snel uitgeschoten pubers - voor het anders zo blote Dsquared wel ongekend nette pubers.

De Schot John Ray, opvolger van Tom Ford als mannenontwerper bij Gucci, had de klassieke Italiaanse artistocraat gekozen als inspiratiebron. Dat resulteerde in een voor Gucci extreem rustige, romantische, bijna zachte collectie. De broeken, met de tailleband op de plaats, hadden wijde pijpen, de splitloze jasjes vielen tot over de billen en waren zeer getailleerd. Over de hoge, opstaande kragen van de overhemden waren chokers gestrikt. Stuk voor stuk zeer fraaie kleren, zij het van het soort waar je liever een vrouw in ziet.

De enige echte verrassing kwam van Alexander McQueen. De Engelse ontwerper, die woendagavond zijn tweede mannenshow hield, trok zich niets aan van de heersende tendens. Natuurlijk, ook hij had pakken, maar bij hem bestonden ze meestal uit knielange, zeer scherp gesneden jasjes en strakke broeken in glimmende stoffen. De paar tamelijk normale pakken díe hij had, werden gedragen met een soort glimmend, mouwloos bolerootje eroverheen.

Het merendeel van de collectie bestond echter uit het soort kleren dat bij de rest van de ontwerpers even op de zwarte lijst staat. Enorme hiphopbroeken, sweaters met capuchons, te grote hemdjes en parka's in uitbundige kleuren, soms in een wild dessin of overdekt met zilveren pailletten.

Zonder McQueen zou je bijna zijn vergeten dat ook mannenmode prettig tegendraads kan zijn.

Meer over