Geest van de koning gevangen

Toen modefotograaf Mario Testino in 1997 lady Diana in een uitgebreide reportage voor het magazine..

Maar wat nog niemand had gezien, en wat Testino kon vangen: een volkomen openhartige blik, die uit niets anders dan vertrouwen en gemak kon voortkomen. Daarin verschilden Testino’s foto’s, nu iconen, van alle beelden die ooit van haar waren genomen – van paparazzifoto’s tot hofportretten. De Peruaanse Testino is inmiddels hoffotograaf en heeft van Diana’s zoon William én van haar ex Charles hetzelfde vertrouwen gewonnen en vastgelegd.

Wat de geportretteerde de kunstenaar geeft, geeft hij de wereld. Diana’s vertrouwen was voor Testino, en Testino gaf het aan iedereen. Het vertrouwen van een voorvader van Diana’s familie, koning Charles I, was voor Anthony van Dyck, en Van Dyck gaf het aan iedereen. In 1632 schilderde de Vlaamse kunstenaar, net gearriveerd in Londen, de koning omringd door zijn gezin. In een voor die tijd ontspannen enscenering, met een pastoraal doorkijkje naar een landschap wordt een ideaal opgeroepen van een hechte familie. Maar de koning is er niet minder autoritair om: in zijn blik is de verantwoordelijkheid en zorgzaamheid tegelijk te zien. Die familiedeugden gaf Van Dyck aan het volk door. Boodschap: zoals de koning over zijn familie waakt, waakt hij over u.

Anthony van Dyck (1599-1641) en koning Charles waren matching souls, stelt de tentoonstelling Van Dyck & Britain in het museum Tate Britain in Londen. Ze scheelden slechts achttien maanden in leeftijd. De koning en hij hadden vergelijkbare ideeën over de ideale heerser, gebaseerd op ideeën van de Griekse filosoof Plato. Charles zou ze uitvoeren, Van Dyck zou ze verbeelden: psychologisch en filosofisch leiderschap, en hoe dan ook autoritair leiderschap. In de jaren dat Van Dyck hoofdschilder aan zijn hof was, vorstelijke privileges en een woning van de heerser kreeg en aparte leefruimten in diens paleis, voerde Charles I absoluut leiderschap uit over Groot-Brittannië. Hij was de steun van het parlement kwijt, het waren de jaren van de Personal Rule, vlak voor de escalatie in de eerste Britse Civil War. Pas bij de tweede burgeroorlog, in 1648 toen Van Dyck er al niet meer was om het vast te leggen, moest Charles zijn hoofd buigen en offeren op het schavot.

Te midden van dit rumoer zette Anthony van Dyck, vijf jaar na het deugdelijke familieportret, het zoontje van Charles dan ook in een houding neer die opeens een grotere waakzaamheid uitstraalt. De latere koning Charles II, 7 of 8 jaar, draagt een knellend en glimmend harnas en een geweer. Zijn kindervingers liggen op een grote helm. Zijn vader had immers reden voor een defensiever opstelling. Toch laat Van Dyck de kinderlijkheid heel in de getooide jongen. Zijn wangen, ogen, haren, alles in zijn gezicht is zacht en in contrast met de het glanzende staal waarin zijn lijfje schuilgaat.

Een goed portret zendt tientallen berichten uit. Over de persoon, wat en wie die persoon wil zijn, over de cultuur en zijn status daarbinnen, en over de relatie tussen de geportretteerde en zijn blikvanger, de kunstenaar.

Anthony van Dyck, voor ons en de Belgen gewoon Antoon, heeft de geest van de Britse hoogste klasse in de 17de eeuw gevangen en van een format voorzien dat tot ver in de 19de eeuw is herhaald. Ook dat laat Tate Britain zien – hoe zelfs Joshua Reynolds, Thomas Gainsborough en John Singer Sargent schatplichtig zijn aan de verbeeldingsstijl die Van Dyck introduceerde. Het beheerste uiterlijk vertoon. De kalme superioriteit.

Natuurlijk eigent de tentoonstelling Van Dyck schaamteloos toe als ras-Brit. Zeker, hij maakte met de elegante nonchalance van zijn edellieden een blauwdruk voor de houding van iedere Eton-geschoolde in de hedendaagse upperclass die zich laat fotograferen.

Maar de tentoonstelling laat ook zien uit welke elementen Van Dyck zijn herkenbare stijl samenstelde. De staande portretten van jongelingen uit Noord-Italië, vastgelegd door Titiaan en gezien door Van Dyck op zijn reizen in de jaren twintig. De zwierige Antwerpse Barok van zijn leermeester Rubens, beteugeld met Britse beeldtradities die terugvoeren op Holbein. De Britse adel had met Charles, en vooral met Van Dyck, voor even een zuidelijk randje.

Meer over