Geen suffig imago meer

Het succes van de de Accordion Tribe toont de wederopstanding van de ooit zo gehate accordeon. Alleen in Amerika zijn de vooroordelen nog niet opzij gezet....

TON MAAS

Hoe brouw je van vijf accordeonvirtuozen een kwintet? Zeker als je te maken hebt met vijf solisten van wereldfaam, afkomstig uit vijf verschillende landen en van zeer uiteenlopende muzikale signatuur, is dat vast geen sinecure. Bovendien bespelen de leden van Accordion Tribe niet van die kleine, lichtvoetige trekzakjes, maar enorme concertaccordeons, die elk voor zich al bijna orkestrale proporties kunnen aannemen. Iedere associatie met de accordeonorkesten van weleer is bovendien volkomen misplaatst.

De Tribe kent geen rolverdeling tussen begeleiders en solisten en verder zijn alle leden ook nog eens actief als componist voor het ensemble. Vragen omtrent stijl en genre zijn nauwelijks nog van toepassing. Het muzikale palet van het vijftal reikt van bedrieglijk eenvoudige danswijsjes via spaarzaam minimalisme en Bachiaanse mathematiek tot atonale erupties, weemoedige lyriek en jachtige swing. Dit vernieuwende repertoire van speciaal voor accordeon geschreven muziek markeert een doorbraak in de wederopstanding van het ooit zo gehate instrument.

Het begon allemaal tien jaar geleden, toen Guy Klucevsek van een festival in het Belgische Gent carte blanche kreeg om een deel van de programmering te verzorgen. Klucevsek komt uit de Verenigde Staten, waar hij zich als een van de zeer weinige klassiek geschoolde accordeonisten bezig houdt met eigentijdse en geïmproviseerde muziek. Zijn eigen helden – allemaal Europese accordeonisten – had hij op één na nog nooit ontmoet, dus besloot hij ze alle vier uit te nodigen.

Zo kwamen ze in 1996 voor het eerst bij elkaar: Klucevsek uit de Verenigde Staten, Lars Hollmer uit Zweden, Otto Lechner uit Oostenrijk, Bratko Bibic uit Slovenië en Maria Kalaniemi uit Finland. Of ze in Gent ook echt samen zouden spelen of alleen het podium delen, stond vooraf niet vast, maar toen dat heel spontaan toch gebeurde, sloeg er een vonk over die hen alle vijf deed beseffen dat hier iets heel bijzonders aan de hand was. Op dat moment was Accordion Tribe in feite geboren.

De echte problemen moesten toen nog komen. Om te beginnen waren de bandleden afkomstig uit volstrekt verschillende werelden: Hollmer en Bibic via de traditionele volksmuziek en die van de neo-folk, Kalaniemi uit de wereld van de klassieke muziek en de Finse tango, en Lechner als enige uit de jazz. In de documentaire Accordion Tribe – Music Travels van Stefan Schwietert vertelt Kalaniemi dat ze in het begin helemaal niets begreep van de muziek waar de anderen mee aan kwamen zetten. ‘Het leek wel of ze van een andere planeet afkomstig waren.’ Otto Lechner biecht grijzend op hoe hij in de beginjaren vóór elk optreden zat te bibberen als een schooljongen, omdat hij nooit eerder in zijn leven uitgeschreven partijen exact had hoeven uitvoeren. Het instuderen van elkaars composities zorgde voor aanzienlijke problemen, omdat slechts twee van de vijf dankzij hun klassieke achtergrond gewend waren om noten te lezen. Dankzij technieken als MIDI (het digitale equivalent van de pianola met zijn geperforeerde rollen) en internet konden composities, arrangementen en partijen echter worden uitgewisseld en desgewenst op het gehoor ingestudeerd.

Het resultaat van al die inspanningen mag er wezen. Dankzij de speciaal voor het kwintet geschreven stukken, de spitsvondige arrangementen en de formidabele speltechniek van deze giganten klinkt Accordion Tribe verrassend lichtvoetig en transparant, hoewel ze desgewenst ook een heuse wall of sound kunnen neerzetten. Het effectieve contrast tussen de strakke maatvoering van Klucevsek, de volkse swing van Hollmer en Bibic, de lijzige timing van Kalaniemi en de downbeat van Lechner is een fraai voorbeeld van serendipiteit.

Ondanks de indrukwekkende reputatie die de groep in tien jaar tijd geeft opgebouwd, bleef het succes tot dusver beperkt tot Europa. In Amerika, waar instigator Klucevsek toch een zekere faam heeft verworven in het wereldje van de New Yorkse avantgarde, door zijn samenwerking met mensen als John Zorn en Fred Frith, vindt Accordion Tribe nauwelijks gehoor. Klucevsek daarover: ‘In Europa heeft de accordeon de afgelopen twintig jaar een enorme revival meegemaakt. Elke keer als ik hier een platenzaak binnen stap, kom ik naar buiten met minstens vijf accordeonisten van wie ik nog nooit had gehoord – allemaal onder de dertig en stuk voor stuk briljant. In de Verenigde Staten wordt het instrument nog altijd geassocieerd met suffige genres of met heel specifieke stijlen als Tex-Mex en zydeco. Bovendien zijn er in heel Noord-Amerika sinds de jaren vijftig nauwelijks nog bekwame docenten te vinden, dus dat heeft de ontwikkeling flink gestagneerd. Wat dat betreft zitten we in een lastige vicieuze cirkel: het zijn precies die vooroordelen die we met Accordion Tribe willen bestrijden, die ervoor zorgen dat we niet worden gevraagd om in Amerika te komen spelen. Alleen al onze naam is in dat opzicht een flinke handicap. We zijn nu tien jaar bezig en hebben in al die tijd nog niet één keer in Noord-Amerika opgetreden. Zelfs mijn eigen vrouw heeft ons nog nooit live zien spelen.’

Videoverslag

Gijbert Kamer bespreekt popcd's

www.vk.tv/muziek

Luister naar fragmenten van Accordion Tribe

volkskrant.nl/muziek

Meer over