Geen museumpret of mini-utopisten

Kan een kunstwerk tegelijkertijd het einde én het begin markeren van een tijdperk? Dat kan.

Neem het varken van de Amerikaanse kunstenaar Jeff Koons, oftewel 'de big van Beeren'. Het werk Ushering in Banality werd in 1989 door toenmalig Stedelijk Museumdirecteur Wim Beeren onder luid protest aangekocht voor 100 duizend dollar. Oerlelijk is het varken met zijn suikerzoete kindengelen eraan vast, opgeblazen superkitsch uit oma's porseleinkast, maar ook toppunt van de wilde, postmodernistische jaren waarin met alles en iedereen werd gespot.

Het varken van Koons is niet alleen hét icoon van de jaren tachtig, het is ook een voorbode van de jaren negentig. Koons laat namelijk zien dat musea geen steriele kunsttempels hoeven te zijn, maar ook onderdak kunnen bieden aan plezier, commercie en alle vormen van banaliteit. Daarmee legt hij een bom onder het heiligdom.

Gek genoeg is het varken van Koons niet aanwezig op de gelegenheidstentoonstelling Secrets of the '90s, waarmee het Museum voor Moderne Kunst Arnhem een greep doet uit de collectie van het tijdelijk gesloten Stedelijk Museum Amsterdam. En ook van de museumpret en van de talloze uitstapjes naar het dagelijkse leven, zo kenmerkend voor de jaren negentig, is op de tentoonstelling weinig terug te vinden.

Deels komt dat door de aard van de jaren negentig kunst zelf. Want zo provocerend als de jaren tachtig, zo vluchtig en speels reageerden de jaren negentig. Als padvinders trokken de kunstenaars erop uit. Hun activiteiten waren niet in een object te vangen en derhalve moeilijk te verzamelen en te bewaren.

Kunst hoefde niet langer een beeld of een schilderij te zijn. Het kon ook als schril gefluit om de oren klinken (Georgina Starr). Het kon een verrassingsreis zijn van vierentwintig uur met de kunstenaar als reisleider (Susan Kinoshita) of een rondrit in een liefdesbed onder een glazen stolp, met louter zicht op de wolken (Carsten Höller), zoals de tentoonstelling De Koffer van de Celibatair in 1993 op het station van Maastricht liet zien.

Dat van deze kunst in Arnhem weinig terug is te zien, komt ook door de opvatting van conservator Mirjam Westen, die liever voorbijgaat aan het plezier en de lichtzinnigheid om zich te richten op de wrange en maatschappelijke kanten van de kunst.

Dus kiest ze niet voor de bij elkaar geshopte reclamebabes van Inez van Lamsweerde of voor de kritiekloze ode aan de eeuwig lol-cultuur van Micha Klein. Maar kiest ze wel voor het eerbetoon van Nan Goldin aan vriendin Cookie Müller, gestorven aan Aids. Dus laat ze het tussen design en kunst balancerende, vrijheidsminnende werk van Joep van Lieshout links liggen, om de van leven en dood getuigende ziekenhuiscontainer van Damien Hirst naar voren te schuiven. Overigens is de container een slap aftreksel van de doorgesneden haai waarmee deze voorman van de Brit Art wereldroem vergaarde.

Blijft de vraag waarom bepaalde kunstenaars genegeerd worden in Arnhem? Beschouwt het museum het werk van Voebe de Gruyter die zich aanbiedt als gids in de mist of van Alicia Framisdie een nachtje komt logeren om je dromen te bewaken als oprispingen van kunstenaars die, op zoek naar nieuw publiek, het spoor zijn kwijtgeraakt? Dat zou onterecht zijn, want deze kunstenaars werpen zich op als mini-utopisten, willen de ervaring van het moment koesteren, de poëzie van het alledaagse benadrukken en daarmee tegenwicht bieden aan de op hol geslagen welvaartsmaatschappij.

Slechts een aantal keer komen plezier en moraal op de tentoonstelling voorbeeldig samen, zoals in de video Medium Girl van Barbara Visser uit 1997. In hilarisch schuifdeurentoneel over de queeste naar identiteit laat Visser twee meisjes stoeien met de attributen van de Zeeuwse klederdracht. Als de dames er na veel getrek en gedoe uit zijn, neemt het blonde meisje in steeds wisselende outfit een klassieke schilderspose aan.

Maar over het algemeen levert de keuze van Westen een al te eenzijdig, ethisch beeld op van de toch tamelijk luchtige jaren negentig.

Secrets of the Nineties, een keuze uit de collectie van het Stedelijk Museum Amsterdam. In: Museum voor Moderne Kunst Arnhem, t/m 31 mei.

Meer over