BoekrecensieHet verhaal van Genji

Frisse, levendige vertaling van een 11de-eeuws Japans meesterwerk ★★★★★

Het 11de-eeuwse Japanse meesterwerk Het verhaal van Genji leest alsof het zojuist is geschreven in de levendige, precieze vertaling van Jos Vos.

Beeld Athenaeum-Polak & Van Gennep

Het komt niet vaak voor dat de naam van de vertaler op het omslag van een roman prijkt. In bescheiden letters staat het hier toch, op Het verhaal van Genji van de Japanse schrijfster Murasaki Shikibu: ‘Vertaald door Jos Vos.’ Hoe terecht deze vermelding, want welk een bijzondere prestatie heeft hij geleverd met zijn vertaling van deze 11de-eeuwse roman, die geldt als meesterwerk van de Japanse literatuur. Het verhaal leest alsof het zojuist is geschreven, fris, levendig, rijk en navolgbaar, ook al stamt het uit een andere tijd met een geheel andere cultuur dan de onze, en andere (literaire) conventies. Dat is zonder twijfel de verdienste van de schrijfster, van wie de verbeeldingswereld uitzonderlijk modern aandoet, of wellicht eerder tijdloos is. Maar zeker ook van de vertaler, die zowel de verhalende als de poëtische kracht van de roman in fraai, soepel en precies Nederlands heeft weten te vangen. Handeling, belevingswereld en decor mogen ons vreemd zijn, we dringen toch al na enkele passages door in het verhaal alsof het ons eigen is. Alsof dit, voorbij de vreemdheid, ook ons verhaal is, en voor ons wordt verteld.

Murasaki Shikibu werd aan het begin van de 11de eeuw, zoals geregeld gebeurde met talentvolle mannen en vrouwen, opgenomen aan het keizerlijk hof, destijds gevestigd in Kioto. Als dochter van een provinciegouverneur trad zij in dienst van de keizerin en kreeg de opdracht de hovelingen te vermaken met verhalen. Dat leidde tot wat mogelijk een van de vroegste vormen van fictioneel proza met psychologische ontwikkeling in de geschiedenis is: Het verhaal van Genji, een verhaal van meer dan 1.500 pagina’s, waarmee de schrijfster haar publiek ongetwijfeld vele avonden heeft geboeid. De roman is een soort feuilleton dat (bijna) eindeloos doorgaat. De afleveringen werden niet gepubliceerd, zoals in de 19de eeuw in kranten, maar aan de hovelingen overhandigd.

Springlevend

In zijn informatieve begeleidende teksten onthult de vertaler iets van de vermoedelijke aanpak van Murasaki Shikibu. Zij baseerde zich op nog oudere klassieke teksten en verhalen, en liet zich tegelijkertijd leiden door de reacties van haar toehoorders die met de personages en hun lotgevallen meeleefden. Een ‘interactieve’ roman dus, waarover lezers en toehoorders meedachten. Dat moet een fascinerend spektakel zijn geweest, en het spreekt boekdelen over het belang dat in die tijden werd toegekend aan cultuur en culturele communicatie. Met stijgende bewondering las ik de talrijke, aansprekende gedichten die personages, minnaars en minnaressen, elkaar in de roman toesturen, volgens de conventie geschreven, maar vaak duidelijke boodschappen bevattend over hun gevoelens en (amoureuze) bedoelingen. Die gedichten staan afgedrukt alsof ze in het Nederlands zijn geschreven – springlevend –, ook al zijn de verwijzingen en natuurbeelden ons onbekend.

Na de eerdere luxe-uitgave uit 2013, met een inspirerend nawoord van Cees Nooteboom, verschijnen deze maanden de vier delen van de roman in afzonderlijke paperbackuitgaven. Ze zijn opnieuw aanlokkelijk vormgegeven – in Japanse stijl –, zowel het buitenwerk als het binnenwerk doet aangenaam aan. Die staan echter alleszins in dienst van het verhaal dat zich overrompelend ontvouwt, vol intriges, liefdesavonturen, honger naar status en macht, verraad en geroddel, het instrument waarmee machtigen en gewone mensen nog altijd worden ondermijnd.

Ode aan de kunsten

In eerdere kritieken is hoofdpersoon Genji wel een losbol en een vrouwenversierder genoemd. Binnen de klassieke Japanse context heeft hij vooral in het eerste deel inderdaad Casanova-achtige trekken. Hij heeft niettemin nooit iets trouweloos en zijn gehechtheden zijn langdurig en teder. Minstens zo meeslepend als de liefdesavonturen zijn de beschrijvingen van het hof, met zijn hiërarchie, politieke verwikkelingen en valkuilen. Het verhaal van Genji is vooral een fascinerende beschrijving van de menselijke conditie. En niet in de laatste plaats een ode aan de vele kunsten die aan het hof werden beoefend: kalligrafie, poëzie, woordkunst, papierkunst, dans, muziek, schilderkunst. Samen iets beoefenen, je samen in iets bekwamen gold als een hoge vorm van verbinding. Welk een fascinerende wereld, welk een schitterende spiegel.

Murasaki Shikibu: Het verhaal van Genji – deel 1. Uit het Japans vertaald door Jos Vos. Athenaeum-Polak & Van Gennep; 383 pagina’s; € 15.

Meer over