Franse schrijvers en cafés horen bij elkaar

Schrijvers in cafés, dat klinkt naar Sartre, naar Les deux Magots of Café de Flore - eerder naar Parijs in ieder geval dan naar Amsterdam, hoeveel gasten Harry Mulisch ook ontving in café Americain, hoeveel schrijvers ook Schiller of Zwart frequenteerden....

Maar er was een buitenlandse voor nodig om dat Franse verschijnsel vast te leggen. Jeanne Hilary, een Amerikaanse fotografe die in Parijs woont en door de literatuur de Franse taal leerde kennen, portretteerde alle grote, hedendaagse Franse schrijvers in hun favoriete Parijse café. Het Maison Descartes in Amsterdam haalde de expositie, La plume et le zinc, naar Nederland.

De 51 zwart-wit foto's leveren een mooie verscheidenheid aan etablissementen en aan schrijvers op. Sommige auteurs verkozen chique locaties (de bar van het Hilton, het stijlvolle Louis XIV waar Hector Bianciotti Le Monde leest), anderen lieten zich fotograferen in troosteloze gelegenheden als Le Quick (een McDonald's-achtige plek) een stationsrestauratie, of het cafetaria van het Centre Pompidou.

Les deux Magots is uit, blijkt, maar Café de Flore blijkt de plek waar Nicolas Morel het liefst verblijft. Van Jean Rouaud, de teruggetrokken schrijver van De velden van eer, is niet meer te zien dan een onherkenbaar zwart silhouet in Le Rond-Point Mathis. Marie Nimier zit, op een bijna tijdloze foto, achter een kopje koffie en een spel patience in het huiselijke Chez Jeannette. En Cesare Battisti speelt, heel Frans, een partijtje pétanque voor Le Maréchal Brune in het veertiende arrondissement, ten zuiden van het centrum.

Veel van de schrijvers die Hilary portretteerde zijn in Nederland niet of nauwelijks bekend. Christophe de Voogd, de directeur van het Maison Descartes, hoopt daar iets aan te doen met een nieuw fonds, dat opgezet wordt door het Franse ministerie van Buitenlandse Zaken, de Banque Nationale de Paris en het Maison Descartes.

Het fonds kan beschikken over 60 duizend gulden per jaar voor de vertaling van, vooral hedendaagse, literatuur en sociaal wetenschappelijke geschriften. Dat is een verdrievoudiging van het budget. Voogd hoopt de vertaling van tien à vijftien boeken per jaar te kunnen subsidiëren.

Onder de vorige directeur Philippe Noble deed het Maison Descartes al veel aan literaire activiteiten. De Voogd wil die traditie voortzetten. Behalve het fonds voor vertalingen dat hij initieerde, wil hij ook jonge Franse kunstenaars de mogelijkheid geven gedurende enkele maanden in het Maison Descartes te verblijven.

Meer over