Komedie

Floris

Floris in de weer met pepperspray

In Hollywood worden aan de lopende band films gemaakt naar populaire tv-series uit de jaren zestig en zeventig. Het zijn remakes, rip-offs, en andersoortige variaties, die gokken op de naamsbekendheid bij de inmiddels volwassen kijkertjes van vroeger. Voor hun kinderen is het popcorn-amusement geactualiseerd en opgeleukt.

Ook in Nederland breekt het besef door dat er geld te verdienen valt aan veelbekeken series. Martin Lagestee ging aan de haal met Pipo, Martin Koolhoven werkt aan een film naar Q & Q, en Jean van de Velde maakte Floris, naar de succesvolle zwart-wit NTS-serie. Het middeleeuwse ridderverhaal, op dat moment veruit de duurste televisieserie in Nederland gemaakt, betekende in 1969 de doorbraak voor regisseur Paul Verhoeven (29 jaar; op zijn cv stond alleen een opdrachtfilm voor het Korps Mariniers), scenarist Gerard Soeteman, die als vertaler bij de NTS werkte, en hoofdrolspeler Rutger Hauer - een pril toneelspelertje bij de Noorder Compagnie.

Floris werd vier keer herhaald. In 1999 werd de serie met succes op video uitgebacht, en vroeg Johan Nijenhuis (toen nog in dienst bij Joop van den Ende Producties) Gerard Soeteman een scenario te schrijven voor een bioscoopfilm.

Soeteman situeerde de film net als de serie aan het einde van de veertiende eeuw, toen de Bourgondiërs en de Hertog van Gelre om de macht streden - verder houdt elke vergelijking op. De Middeleeuwen zijn niet duister maar kleurrijk en vol flower power. Vierendelen en koppen afhakken is er niet bij; er wordt met kazen gegooid.

Floris - gemaakt met een budget van vijf miljoen euro, voor een groot deel bijeengebracht door particulieren - gaat niet over de oude Floris van Rosemondt, maar over diens kleinzoon, die ook Floris heet en helemaal geen ridder wil zijn maar toneelspeler (Michiel Huisman). Zijn trouwe metgezel, de Indiase fakir Sindala, is ditmaal een spirituele vrouw (Birgit Schuurman) die uit China komt.

Van de Veldes Floris is een film over volwassen worden. Vader Floris sr. (Victor Löw) heeft er spijt van dat hij zijn zoon ook Floris heeft genoemd. Als hij gloedvol verhaalt van de grootse daden van Floris' opa, zijn oude beelden van Rutger Hauer te zien, die weigerde een rolletje te spelen. 'Dat waren andere tijden', zegt Floris jr. 'Toen was alles nog zwart-wit.'

Het is de opmaat tot een ellenlange parade van anachronistische oubolligheden. Floris speelt in een voorstelling die Goede wind, slechte wind heet. Als hij een wit paard steelt, legt hij Pi 'het witte paarden-plan' uit.

De doelstelling om ouders én hun kroost te bedienen, levert een product op dat geen van beide doelgroepen echt zal plezieren. De grappen gaan over de hoofden van de kleinsten, of ze zijn te kinderachtig voor volwassenen.

In een gevecht met een groep sexy stoeipoezen in leren pakjes vindt Floris de pepperspray uit: met een blaasbalg blaast hij peper in hun ogen. Zo wordt gepoogd zowel papa als het kind te bedienen. Het resultaat is geestig noch spannend.

De mondiale kaskrakers Starsky & Hutch en Charlie's Angels waren geen meesterwerken. Die films lieten wel zien dat ze in Hollywood de kunst verstaan verschillende generaties te plezieren. In ons gesubsidieerde filmklimaat gelden - zo blijkt maar weer eens - andere wetten.


Meer over