Familievoorstelling beschrijft avonturen van stervend meisje Poppen zijn sterren in 'Kleine Sofie' van het RO

Is er wel eens een vogel de dampkring uitgevlogen? De stervende Sofie, creatie van de schrijfster Els Pogrom, vraagt zich dit en veel meer af in Kleine Sofie en Lange Wapper, die vanavond in première gaat in de Rotterdamse Schouwburg....

Van onze medewerker

Arne Leffring

ROTTERDAM

Els Pelgrom moest vooral wennen aan het 'rauwe taalgebruik' in de voorstelling. En dan is de poedel die 'suck it to me baby' uitroept, haar nog ontgaan. Kinderen zijn tegenwoordig al tamelijk grof in de mond, lijkt ze te bedoelen. Maar het is detailkritiek.

Over het geheel van de familievoorstelling Kleine Sofie en Lange Wapper die Rieks Swarte en Xavier López Piñon bij het RO Theater regisseren, is ze zeer te spreken. 'Ik was overdonderd', zegt ze na het bijwonen van een try-out, drie dagen voor de première in de Rotterdamse Schouwburg.

Terwijl tekenaar The Tjong Khing nog kon praten met de kostuumontwerpster, zijn de voorbereidingen van de voorstelling aan de schrijfster voorbij gegaan. Els Pelgrom is pas net terug van een maandenlang verblijf in Zweden. Het manuscript van de bewerking die Niek Barendsen van Kleine Sofie en Lange Wapper (1984) maakte, kwam nooit op haar adres in Zweden aan.

Temidden van vierhonderd joelende middelbare scholieren kon Pelgrom vaststellen dat het duo er 'geen sentimentele draak' van had gemaakt. Het boek gaat over Sofie, een doodziek meisje dat niet lang meer heeft te leven. Ze wil dolgraag weten Wat Er In Het Leven Te Koop Is en wat er gebeurt als je dood bent. Als haar ouders een avondje uitgaan, komen de poppen en haar kat Terror in haar kamertje tot leven. Met de wijze Terror, de bange meneer Beertje en de nonchalante ritselaar Lange Wapper valt ze van het ene avontuur in het andere.

Ze ontmoet de arme familie Wapper, treft levensgenieter Annabella en maakt zelfs kennis met koning en koningin.

De voorstelling volgt het boek op de voet. Sofie (Esther Scheldwacht) treft rondtrekkende zigeuners en de struise Annabella. Ze raakt haar haar kwijt als ze op de markt letterlijk moet kiezen tussen voorspoed en ellende en belandt zo in het Tehuis voor Mislukte Kinderen. Daar bevalt het haar goed, maar als Wapper in het gevang belandt, wil ze hem redden van de beul.

Met Terror en Annabella bedenkt ze een list om Wapper te bevrijden. Intussen proeft Sofie van de schoonheid van het leven. Haar dood is slechts het begin van een eindeloze reis. Haar vriend Terror had het al voorspelt: 'Je weet nooit van te voren waar je aan begint.'

Voor poppenontwerpster Beatrijs Persijn gold dat motto sterker dan ooit. Maandenlang werkte ze met een paar stagiairs aan het in elkaar zetten van naakte poppen, tot ze op het 'monsterlijke aantal' van ruim zeventig zat. Daarbij liet ze zich volledig leiden door het boek en met name de tekeningen van Tjong Khing, die overigens voor iedereen een inspriratiebron zijn geweest. Volgens Persijn is het voor de acteurs wel goed om met poppen te werken. 'De ego's moeten voor deze keer opzij worden gezet. De pop is de ster, daar ligt de concentratie.'

Kostuumontwerpster Carly Everaert kleedde de poppen aan en bedacht kleurrijke kostuums voor de acteurs. Vooral de volumineuze jurk van Annabella, die zich in de voorstelling als hoer ontpopt en het aanlegt met Wapper, Beertje en de koning, steelt de show. 'Hij is heel aaibaar, iedereen wil eraan zitten', zegt ze triomfantelijk.

Van Terror maakte ze 'een keurig heertje' met platgekamd haar. Tot groot genoegen van Swarte, die een hekel heeft aan mannen in kattenpakjes met snorharen. 'Dat is stomvervelend.' Meneer Beertje kreeg geen oren maar oranje, in krullen gedraaid haar. De ontwerpsters werken al jaren met Swarte samen en voelden feilloos aan wat hij wilde. 'Niet dat verdomde realisme.'

Zo pakte Swarte het ook aan met Wind in de Wilgen, de familievoorstelling waarvoor hij in 1992 het decor ontwierp. Die voorstelling zag hij in het Londense National Theatre. 'Alles was uitgewerkt in maskers en gebaartjes. Toen we in de zaal zaten, zeiden we: ''Zo doen we het dus niet.''

'Daar hadden ze een levensgrote locomotief met stoom en op de grond geprojecteerde rails. Wij lieten een acteur met een steekkarretje opkomen en bliezen op een fluitje. Iedereen wist: daar komt de trein. Daar houd ik van, suggereren. In de zigeunerscène in deze voorstelling weet je op een gegeven moment echt niet meer wat acteur is en pop. Zo kunnen de acteurs zich veel meer permitteren en gaat iemand met een stevige kaakslag door de ruimte.'

Wat is voor Swarte eigenlijk de waarde van dit verhaal?

'Dat je deze dag moet leven als de langste dag van je leven. Dan wordt het een hele bijzondere dag. Je kunt het leven niet mooier beschrijven dan het laatste moment voordat je dood gaat. Annie M. G. Schmidt maakte van een begrafenis ook een feestje.'

Hij is blij met de arrangementen die Fay Lovsky voor deze productie schreef. Ondersteund door Joost Belinfante en Cok van Vuuren begeleidt ze de voorstelling op subtiele wijze, gebruikmakend van kop en schotel, zingende zaag, en andere rariteiten. Maar ook banjo en elektrische gitaar komen er aan te pas. De banjo die eerst nog opzwepende zigeunercharda's laat horen, verandert in een melacholieke balalaika als de sneeuw valt boven huize Beertje. De muzikanten spelen zelfs nog mee in de voorstelling als het mislukte orkestje dat het vorstelijke paar maar niet kan behagen.

Terwijl zijn partner zich tijdens de repetitie op de regie concentreert, laat Swarte het geheel over zich heen komen. Terwijl hij zijn benen laat bungelen over de stoel voor hem in de grote zaal schaterlacht hij om de gimmicks van de acteurs, die soms nog wat onhandig met de poppen manoeuvreren. Wel ergert hij zich aan het staartje van de kat dat nog onder het zwarte doek uitsteekt. 'Kan het dan ook nooit goed gaan met dat verdomde doek', sist hij.

Onder het bericht na de pauze dat Cees Geel (Lange Wapper) zoveel last heeft van een oude hamstring-blessure dat hij naar huis gaat, blijft de regisseur monter. 'We hebben nog een paar dagen voor de première.' Wat zei Terror ook al weer? Je kunt niet alles van tevoren weten.

Waar komt het water vandaan? Is er wel eens een vogel buiten de dampkring gekomen? Hoe komt het dat het gras groen is? Op al die vragen die Sofie in het begin aan meester Jeroen stelt, krijgt ze antwoord. Maar ze wil nog zo veel meer weten. Wie zich met haar zorgen maakt om het naderende einde kan gerust zijn. Er is nog tijd genoeg om op zoek te gaan.

Kleine Sofie en Lange Wapper van het RO Theater. T/m 4 jan. in de Rotterdame Schouwburg. Tournee.

Meer over