Beeldvormers

Er zijn geen kinderen meer in Jemen

De rubriek Beeldvormers onderzoekt hoe een foto onze kijk op de werkelijkheid bepaalt. Deze week: oorlog in Jemen

Jemenieten in de westelijke provincie Hodeida verdelen noodpakketten van een Britse organisatie. In het land woedt al zes jaar een burgeroorlog. Beeld AFP
Jemenieten in de westelijke provincie Hodeida verdelen noodpakketten van een Britse organisatie. In het land woedt al zes jaar een burgeroorlog.Beeld AFP

De kinderen van Jemen zijn de afgelopen week, net als hun Nederlandse evenknietjes, weer naar school gegaan. Ondanks de oorlog die het zuidelijke buurland van Saudi-Arabië al zes jaar teistert en meer dan 100 duizend inwoners het leven heeft gekost, verzamelden de kinderen zich maandag voor de tweede termijn van het onderwijsjaar in hun klaslokalen. Er zijn foto’s van die heuglijke dag, van jochies in kale lokalen, drie op een rij op harde bankjes zonder rugleuning in de hoofdstad Sanaa: ze hebben er overduidelijk zin in.

Naar schatting een half miljoen kinderen gaan in Jemen niet naar school, omdat de al zes jaar durende strijd tussen (door Iran gesteunde) Houthi-rebellen en het (door Saudi-Arabië en de Verenigde Staten geholpen) regeringsleger hen tot een andere prioriteit dwingt: overleven.

Behalve aan het oorlogsgeweld - er zijn veelvuldige bombardementen door de Saudi’s - is de bevolking ten prooi gevallen aan hongersnood. De Arabische tv-zender Al Jazeera zond beelden uit van uitgemergelde Jemenieten. Persbureau Reuters toonde op 20 december een foto van een op sterven na dood jongetje, vel over been: het ellendige cliché van honger waarvan je, even clichématig, wilt wegkijken.

De Verenigde Naties hebben het conflict uitgeroepen tot ‘de grootste humanitaire crisis ter wereld’. Intussen heeft de nieuwe Amerikaanse president Joe Biden een voorzichtige koerswijziging aangekondigd in het Jemen-beleid van zijn land, iets wat de Jemenieten die oorlogsmoe zijn wellicht een sprankje hoop biedt.

Intussen is de oorlog allang doorgedrongen tot alle geledingen van de Jemenitische samenleving. Dat blijkt niet alleen uit de foto’s van de gewelddadigheden zelf, van de puinhopen en de vele verse graven op begraafplaatsen. Het is ook te zien in meer alledaagse details. Zo was er deze week een uitvaartceremonie van gesneuvelde Houthi’s in Sanaa. Een erewacht draagt de doden op de schouder, waarbij vooral de nonchalance opvalt: de militairen lachen breeduit, de kisten wiebelen op de schouders, het ritueel is overduidelijk routine geworden. De doodskisten zijn dusdanig versleten en gebutst dat er sprake lijkt van veelvuldig hergebruik. Worden ze na de uitvaart bij het graf van het stoffelijk overschot ontdaan?

null Beeld AFP
Beeld AFP

Kinderen zijn in Jemen opgehouden kind te zijn. In Sanaa zag een EPA-fotograaf vorige week twee jochies, 8, misschien 9 jaar oud, op een zware motorfiets een controlepost passeren. Het oogt best koddig, hun benen zijn te kort om de grond te raken, hun sandalen bungelen boven de weg. Grappig, maar ook verontrustend om te zien dat het gevaarte aan de kinderen is toevertrouwd, en dat de militair bij de wegversperring dat als de gewoonste zaak van de wereld beschouwt.

Bij de uitdeling van noodpakketten met eerste levensmiddelen aan vluchtelingen, dinsdag in de woestijnachtige westelijke provincie Hodeida, zie je hoe kinderen worden gebruikt als pionnen in de survival game die militaire grootmachten uitvechten in Jemen. Een Engelse hulporganisatie heeft er rantsoenen met rijst, meel, suiker en bakolie weten af te leveren, en voordat de bevolking zich die mag toe-eigenen, worden die op regelmatige afstand van elkaar over de zandvlakte neergezet.

Zodra de goederen worden vrijgegeven, zijn de kinderen aan zet: ze lopen gauw naar de hulpgoederen toe, en als ze zich over een rantsoen hebben ontfermd, is het veiliggesteld. Klaarblijkelijk een vorm van claimen die iedereen daar respecteert. Later komen gezinsleden om de voeding op te halen. Het tafereel oogt als een wrange variant op de met rood-wit lint en het woord ‘bezet’ veiliggestelde verkoopplaatsen op de vrijmarkten van Koningsdag.

Helemaal zonder slag of stoot verloopt de uitdeling niet. Rechts vooraan op de foto wijst een bullebak een paar jongens terecht die blijkbaar inhalig zijn geweest: je mag er maar ééntje, gebaart de man. Hij is een van de weinigen die schoeisel draagt, eenvoudige slippers. Vrijwel alle kinderen zijn blootsvoets.

Wat ook opvalt: er is in de schare geen meisje of vrouw te zien. Of dat in deze ongewisse omstandigheden een gunstig teken of een kwaad omen is? Ik durf het niet te zeggen.

Meer over