Eng licht in Annies van god verlaten huis

'God heeft beide poten gebroken en ligt in mijn huis', zegt Annie Wilkes. God is voor haar de stuiverromannetjesschrijver Paul Sheldon....

Karin Veraart

Dit gegeven, waaraan Stephen Kings eigen ervaring met obsessieve bewonderaars ten grondslag zou hebben gelegen, vormt uitgangspunt van zijn thriller Misery. Begin jaren negentig werd die succesvol verfilmd door Rob Reiner, met in de hoofdrollen James Caan en Kathy Banes. In de nieuwe versie voor theater van Het Nationale Toneel worden ze vertolkt door Eric Schneider en Geert de Jong.

Het licht is behoorlijk eng, en de schommelstoel, thriller-rekwisiet bij uitstek, schommelt als vanzelf. De hanenbalken van Annies godverlaten boerenwoning werpen onheilspellende schaduwen op de ruwhouten vloer. Tegen dit decor voltrekt zich de terreur waaraan ex-verpleegster Annie haar perplexe patiënt onderwerpt, en hieraan zal het dus niet liggen. Toch is het regisseur Lodewijk de Boer maar heel af en toe gelukt om die juiste mix van spanning en humor te bereiken die de film ooit kenmerkte. Vaker is de sfeer oubollig.

Aan Annie is van meet af aan af te zien dat het niet helemaal lekker met haar gaat; een overtuigende ontwikkeling van enthousiast bewonderaarster tot geobsedeerd eng wijf ontbreekt daardoor, al treft Geert de Jong gaandeweg steeds beter de toon van de waanzin.

Op de beste momenten komt Eric Schneider als getormenteerd schrijver droogkomisch uit de hoek; wanneer hij zijn (stiekem bemachtigde) pijnstillers opgewekt met urine wegspoelt, of hardop verzint hoe mooi zijn laatste boek uitgebracht zal worden: gebonden in de huid van de gevilde auteur zelf. En jawel, als zij met brute kracht zijn gebroken benen in de rolstoelklemmen perst, gaat zijn schreeuw door merg en been.

Jammer, die momenten zijn er te weinig, de (af en toe wat al te luide) suspense-muziek ten spijt. Wanneer Annie tot overmaat van ramp Paul een voet afhakt, begin je te verlangen naar het einde.

Meer over