Emoties spatten van het podium

Shockrock, gothic en nu-metal vormen tijdens Pinkpop een zware witte gitaarlast. Iggy Pop biedt uitkomst...

Waar is Amy Winehouse? Het publiek in de volgepakte John Peel-tent op Pinkpop begint het zich af te vragen, een kwartier na de afgesproken tijd op zondagmiddag. ‘Amy, Amy’, zingt het dus, maar de Engelse soulzangeres komt niet.

Podiumpresentator Giel Beelen dan: ‘Geen Amy Winehouse hier, voor wie het nog niet door had.’ Verwarring, want vrijwel niemand heeft het door. Beelen: ‘In plaats daarvan Krezip, een band die eigenlijk ook niet mocht ontbreken op Pinkpop.’

Reserveband Krezip komt op, en zet Amy Winehouse’ grootste hit Rehab in, met een knipoog naar waar Amy dan mogelijk wel te vinden is. Maar zangeres Jacqueline Govaert zingt Winehouse zo goed, dat de verwarring opnieuw heel even toeslaat achter in de tent. Is dit dan toch Amy met geperoxideerd haar?

Gouden wissel
Respect voor de Tilburgse band, want ga er maar aan staan. Vanuit het niets Pinkpop opgeschoven worden, en voor een publiek komen te staan dat je zwaar teleurgesteld staat aan te gapen. Maar Govaert speelt de rol van gouden wissel perfect, en heeft de tent binnen twee nummers in de knip met een voor de band nieuw en catchy rock-geluid, een dito podiumpresentatie, en dat ‘blonde Dolly’-haar dus. Maar Amy Winehouse? ‘Spoorloos’, zegt organisator Mojo. ‘De band is er, de instrumenten zijn er, maar de zangeres is zoek.’ En zoek bleef ze.

Winehouse werd gemist. Juist zij had het festival met haar wrange zwarte soul even kunnen ontdoen van de zware witte gitaarlast die het op de schouders heeft genomen. Vorig jaar zette Pinkpop al koers richting pure en zware rock, en deze editie werden de gordijnen helemaal dichtgetrokken, met theatrale shockrock en gothic van Marilyn Manson en Within Temptation op zaterdag, bijna-metal van Lostprophets en emotionele rock van Muse op zondag, nu-metal van Korn, Stone Sour en Linkin Park op maandag.

Er viel natuurlijk wel wat te lachen, om de gypsypunk van Gogol Bordello, de pubrock van The Fratellis en de uitzinnige glamdisco van Scissor Sisters, maar de vrolijke noten werden om onverklaarbare reden steeds vroeg in de middag weggewerkt, zodat vanaf de namiddag alleen grote emoties van de hoofdpodia spatten.

Geriatrisch wonder
Gelukkig boden Iggy & The Stooges een uitweg op zaterdag. Weer was het dit geriatrische wonder uit Detroit dat een festival van kleur moest voorzien, zoals Iggy vorig jaar ook Lowlands naar zijn hand zette. Messcherp waren wederom de punkhits No Fun en 1969, de jankende gitaar van Ron Asheton sneed door ziel en trommelvliezen.

Het viel na Lowlands te verwachten: het publiek mocht weer een nummertje mee-slangenmensen op het podium, en het was eigenlijk ook geen verrassing dat enkele Pinkpop-heren deden wat Iggy zelf met zijn wonderbaarlijke strakke denim altijd zo uitgekiend weet te vermijden: de broeken gingen naar beneden en ja hoor, er werd vrolijk gezwaaid met het geslachtsdeel. Ook over deze fallische performance werd nog lang nagepraat. Mooi waren de woorden waarmee Iggy Pop de blote mannen weer van het podium bonjourde: ‘Thank you, Dutch dancers.’

De nieuwe generatie rock en heavy op Pinkpop mag het zich aanrekenen dat een Amerikaanse zestiger de venijnigste en meest spraakmakende act neerzette. Want hoe zielloos kwam na Iggy de gestileerde metal van Lostprophets over; strak gespeeld en leuk gepresenteerd, zo allemaal in het zwart met witte gitaren, maar wat was het nietszeggend en saai, bijna oubollig. De Schotse Fratellis verzopen met een klein bandgeluid totaal op het hoofdpodium.

Daarvan had het Engelse Muse dan weer geen last, als afsluiter op zondagavond. De complottheorieën en onheilstijdingen van de laatste plaat Black Holes & Revelations werden live nog donkerder, met de galmende zang- en gitaarpartijen van voorman Matt Bellamy. Ingekleed door een sensationele lichtshow was dit het totaalspektakel waarmee de Pinkpop-ganger wel zijn tent in kon worden gestuurd.

Arctic Monkeys
Grote vraag was of de Britse Arctic Monkeys op maandag het hoofdpodium waardig waren, met een nieuwe plaat als bagage, op klaarlichte dag, in de volle aandacht van heel nagenoeg uitverkocht Pinkpop.

Ja dus. Tot ver voorbij de geluidstoren, op een derde van het gras voor de mainstage, knikten de hoofdjes op het nieuwe materiaal en dat is op Pinkpop toch een proeve van bekwaamheid. De band is met haar frisse postpunk opwindend genoeg. Die geluidstoren verzorgde ook de perfecte omstandigheden voor de band: een schitterend geluid. Gemeen droog klonk de bas van Nick O’Malley, vilein puntig de gitaren van Jamie Cook en Alex Turner. Heerlijk Brits-arrogante opmerking van die laatste: ‘Is dit een festival met een club uniform?’, doelend op die onuitroeibare Pinkpopplaag van de roze vissershoedjes.

Het Amerikaanse Linkin Park speelde hierna nog een energieke set, ook al met een vers stel nummers van de net verschenen plaat Minutes to Midnight. De onderhoudende metal deed het goed bij het jongere festivalpubliek. Maar Linkin Park en de reünie van de Smashing Pumpkins als afsluiter van het festival konden de indruk niet wegnemen dat de dag ervoor met Muse een sensationeler slot had geklonken.

Voorman Matt Bellamy van de Engelse band Muse tijdens Pinkpop 2007. (Marcel van den Bergh - de Volkskrant) Beeld
Voorman Matt Bellamy van de Engelse band Muse tijdens Pinkpop 2007. (Marcel van den Bergh - de Volkskrant)
Meer over