InterviewRomain Bischoff

‘Een viool kan betoveren, maar geen instrument dringt zo snel door tot de ziel als een stem’

Geen idee is te gek en geen aria veilig voor muziektheatergroep Silbersee. Artistiek leider Romain Bischoff (57) haalt alle invloeden binnen. ‘Dat loopt niet eens zo vaak spaak.’

Guido van Oorschot
Romain Bischoff in de Evangelisch-Lutherse Maartenkerk, Zaandam. Beeld Daniel Cohen
Romain Bischoff in de Evangelisch-Lutherse Maartenkerk, Zaandam.Beeld Daniel Cohen

Het kwaliteitskeurmerk van opera is natuurlijk de traan. Dus zaten we goed, vorig najaar, bij de Nederlandse muziektheatergroep Silbersee. Een handvol zangers experimenteerde met misschien wel de beroemdste klaagnoten uit de historie: Dido’s Lament van de Engelse barokcomponist Purcell. U kent de muziek vast wel, al was het maar van een uitvaart (‘Remember me! Remember me!’).

Op respect voor oude meesters viel Silbersee niet te betrappen. De voorstelling Dido Dido begon met stilte. Gaandeweg klonk geruis, geadem, gehijg. Vaag brabbelen ging over in woorden. In de woorden kwam ritme, bijna werd het een rap. Toen Purcells noten aan het eind van de avond weer in hun oorspronkelijke stand werden teruggeschroefd, met een truc die we nu niet verklappen, ja, toen rolde de traan.

Woensdag in Den Bosch zal Dido opnieuw lamenteren. Ze treedt aan op November Music, het tiendaagse feest voor actuele muziek dat vanavond z’n 26ste editie aftrapt. Dat het festival drie recente producties toont van Silbersee (zie kader), werd tijd. Nederland kent wel meer clubjes die opereren op de grens van muziek en theater. Maar alleen Silbersee onderhoudt een permanent laboratorium voor een cruciaal muziektheateringrediënt: de menselijke stem.

‘De stem is de bron van al ons werk’, zegt Romain Bischoff, Silbersees directeur en artistiek leider. ‘Van geboortekreet tot doodsreutel, het is een oergeluid dat heel het leven omvat. Uit de stem is bovendien alle muziek ontstaan. Een viool kan betoveren, maar geen instrument dringt zo snel door tot de ziel als een stem.’

Kelige ‘r’, elegante ‘l’: het Nederlands van Bischoff (57) verraadt zijn Waalse wortels. Hij werd opgeleid als klassieke zanger, bariton is zijn stemvak. Bischoff opende zijn proeftuin voor ‘onorthodox muziektheater en experimentele opera’ in 2002. De naam Silbersee, zilvermeer, haalde hij uit een operatitel van de Duitse componist Kurt Weill.

November Music, 26ste editie
‘Muziek van nu door de makers van nu’, zo luidt de leus van het festival November Music. De 26ste editie speelt zich opnieuw af op verschillende locaties in Den Bosch. Vrouwen zijn dit jaar sterk vertegenwoordigd. De Australisch-Nederlandse componist Kate Moore levert het jaarlijkse ‘Bosch Requiem’. De Canadese sopraan Barbara Hannigan komt weer eens iets krankzinnig moeilijks zingen: de liedcyclus Jumalatteret van de Amerikaanse jazzcomponist en altsaxofonist John Zorn. Anoushka Shankar, dochter van de Indiase sitarvirtuoos Ravi Shankar (en halfzus van jazzcoryfee Norah Jones), verweeft haar wereldmuziek met de klanken van het Metropole Orkest. En de mannen van rietkwintet Calefax spelen de wereldpremière van Wind Waves, door de Frans-Griekse componist Georges Aperghis.

Experiment

Experiment is Bischoffs middle name. Wordt van zangers bij De Nationale Opera verwacht dat ze excelleren in zonovergoten geluid, die van Silbersee verkennen ook duistere krochten. ‘Een stem moet raken’, vindt Bischoff, ‘of hij nu ontroert of shockeert.’ Geen aria is veilig voor de tengels van Silbersee. Laatst bijvoorbeeld, hielden ze audities voor de Koningin van de Nacht, een beruchte rol uit Mozarts opera Die Zauberflöte, met noten als mitrailleurvuur. Zelfs hooggeschoolde strotten zien ertegenop. Zing het nu eens op een rockmanier, zei Bischoff tegen een nerveuze sopraan. ‘Gewoon, lekker ontspannen. Het werd een totaal overrompelende ervaring.’

Potentiële Silbersee’ers wacht niet alleen een zware stemtest. Ook hun theaterkwaliteit wordt op de proef gesteld. Wat dat betreft komt het mooi uit dat de vloer van de vaste repetitielocatie, de Lutherse Kerk in Zaandam, is bestrooid met zand. ‘Vraagt iemand bij een kruipopdracht om een kleedje’, zegt Bischoff, ‘al is het maar met de ogen, dan wordt meedoen een lastige zaak.’

Risico wordt verder ingebakken doordat Silbersee per project samenwerking zoekt met andere disciplines, zoals dans, circus of poppenspel. ‘We weten nooit wat de uitkomst wordt. Het loopt niet eens zo vaak spaak, pakweg een op de vijftien producties. Dan blijkt een artistiek idee domweg niet te werken, of een componist baalt ervan dat we muziek in de prullenbak gooien.’

Want in klank zijn ze dus pietjes-precies. De stelregel luidt: muziek bepaalt de dramaturgie, zeg maar de logica waarmee een voorstelling in elkaar grijpt. ‘Zonder muzikale aanleiding floept nog geen lichtspot aan. Afhankelijk van de klank kan hij langzaam opgloeien of plotseling fel gaan schijnen.’

Maatschappelijke erecode

In een subsidieadvies roemt het Fonds Podiumkunsten Silbersees ‘hoge kwaliteit’ en ‘grote vakmanschap’. Het oordeel van recensenten pakt wisselvalliger uit. De Volkskrant plakte vier sterren op Aardappelvreters, een locatievoorstelling over de kloof tussen boer en burger (‘geslaagd sprookje met humoristisch acteerwerk en fascinerende muziek’). Eén ster was het lot van Sarah’s Passion, met filosofische bespiegelingen bij de spirituele muziek van de hedendaagse Estse componist Arvo Pärt.

Zo groot is de bandbreedte van kwaliteit en partners dat een nare vraag rijst: heeft Silbersee wel een eigen smoel? Is de groep geen vergaarbak van subsidievriendelijke ideetjes?

Uit Bischoffs keel komt een lach zoals alleen getrainde zangers die in de strot hebben: gul en krachtig. Terug op adem zegt hij: ‘Ons werk mag kameleontisch ogen, maar we programmeren breed uit overtuiging. Per productie bereiken we een ander publiek, van scholieren tot stamgasten van De Nationale Opera. Geld van de gemeenschap ploegen we zo divers mogelijk terug in artistieke waarde.’

Het is een maatschappelijke erecode voor Bischoff, de boerenzoon uit Gemmenich, Wallonië, die vrijwel gratis naar de harmonie en de muziekschool kon. Die zang studeerde, opera ontdekte en uitvond dat die kunst draait om de kwetsbare mens: zijn liefde, zijn gekte, zijn sterfelijkheid. ‘Met muziektheater wil Silbersee iets terugdoen. Hopelijk bieden we bezinning en troost.

November Music, op meerdere locaties in Den Bosch, 2 t/m 9/11, novembermusic.net.

Drie keer Silbersee op November Music

Stille Nacht

‘Een literaire nachtmis, vol poëzie, hoop en troost’, zo kondigt Silbersee zijn voorstelling Stille Nacht aan. Als centrale compositie klinkt The Little Match Girl Passion, treurmuziek die de Amerikaan David Lang in 2007 schreef bij Andersens rauwe wintersprookje Het meisje met de zwavelstokjes. Vorig jaar sloeg Silbersee de handen ineen met schrijver Arthur Japin, nu verbindt Anna Enquist de voorstelling met eigen teksten.

Den Bosch, Grote Kerk, 3/11

DIDO DIDO

Silbersee maakte Dido Dido met regisseur Nicole Beutler en het theatergezelschap Ulrike Quade Company. Het is een dansvoorstelling die de rituelen rond leven en dood verkent. Centraal staat de aria When I am laid in earth, uit Purcells opera Dido and Aeneas. De zangers improviseren erop, er komt een doedoek voorbij, het melancholieke Armeense rietinstrument, en als een mediterrane zangstem komt meeklagen is de droefenis compleet. Zakdoek mee voor een verrassend slot.

Den Bosch, Verkadefabriek, 7/11

Stimmung

De Duitse avant-gardist Karlheinz Stockhausen componeerde Stimmung in 1968 voor zes zangers en zes microfoons. Een jaar later, in Het Concertgebouw, liep een uitvoering uit op een rel. Tijdens de uit acht speakers komende meditatie rond één grondtoon en talrijke boventonen werd gemiauwd. ‘Opsodemieteren’, schalde het door de zaal. De tijden zijn veranderd. Tegenwoordig geldt Stimmung als een moderne klassieker met kippenvelpotentie.

Den Bosch, Grote Kerk, 8/11

Meer over