Een van de grote jongens

Deze week kocht Wegener-topman Jan Houwert vijf dagbladen van VNU, en bombardeerde zich zo tot krantenmagnaat. Een man afkomstig uit een courantiersgeslacht, die politicologie en psychologie studeerde, maar 'vet knipoogt en platte grappen maakt'....

ALLES LIEVER dan Wegener. Zelfs uitgeverij De Telegraaf is minder erg, piepten journalisten en hoofdredacteuren van vijf VNU-dagbladen voordat ze deze week voor 1,8 miljard gulden werden verkocht aan het 'schrale' en 'ordinaire' concern in Apeldoorn. Wegener Arcade-topman Jan Houwert sloeg met de overname zijn grote slag, maar ondervond dat zijn bedrijf nog altijd in een kwade reuk staat. Te plat. Te schraperig. 'Dat kranten erom smeken overgenomen te worden door De Telegraaf, en niet door Wegener, moet hem in zijn ziel grieven', zegt een collega-uitgever.

Met VNU-dagbladen als BN/De Stem en De Gelderlander is Wegener als krantenuitgever ineens een grote speler naast PCM (onder meer de Volkskrant en NRC) en De Telegraaf, en Jan Houwert dus zoiets als een persbaron. Dat de VNU-kranten openlijk gruwen van Wegener moet voor Houwert des te pijnlijker zijn omdat hij - derde generatie Twents courantiers-geslacht - graag gezien wordt als een uitgever met hart voor zijn kranten. Zo neemt Wegener de royale arbeidsvoorwaarden van VNU over, en belooft het concern geen titels op te heffen of banen te schrappen.

Al die goede bedoelingen en schone beloftes willen maar niet helpen: Wegener kampt nog altijd met een imagoprobleem. Drie jaar geleden nam Houwert het roer over van Peter Appeldoorn, die Wegener uitbouwde van een huis-aan-huis-bladenboer tot een multimediaal concern met anderhalf miljard gulden omzet. Maar wat Houwert erfde, stond bekend als 'de loser' onder de uitgevers, een proleet die zijn moeizaam verdiende winst, bijeen geschraapt met gratis kranten en gemeentegidsen, weer verspeelt met onverkoopbare verzamel-cd's van Arcade.

En dat terwijl Houwert zelf bepaald geen proleet kan worden genoemd. Anders dan voorganger Appeldoorn ('Een hele goeie onderbroekenverkoper', smaalt een ex-Wegener-directeur), hangt om Houwert iets van een intellectueel. Hij haalde zijn kandidaats politicologie in Amsterdam en studeerde cum laude af in de klinische psychologie. Zijn verzameling moderne kunst wordt door kenners geroemd, net als de Nigeriaanse beelden op het landgoed De Menthenberg bij Arnhem. Bovendien spant de hoogste baas van de Steenwijker Expres en muziekzender TMF zich in als fondsenwerver voor de Nationale Reis Opera in Enschede en het balletgezelschap Introdans in Arnhem.

Krantenmagnaat lijkt Houwert en passant te zijn geworden. Hij is de kleinzoon van een Tinus Houwert die in 1927 procuratiehouder wordt bij de Enschedese dagbladuitgever Van der Loeff, en later de opvolger van directeur Ko van der Loeff. Onder Tinus' zoon Chris begint het bedrijf in de jaren zestig te expanderen: de Arnhemse Courant wordt opgekocht, en de Edese Courant, de Graafschapbode en het Dagblad van het Oosten. Maar kleinzoon Jan taalt niet naar het familiebedrijf: hij verdwijnt als linkse, langharige student naar Amsterdam.

N A ZIJN STUDIE opent Jan Houwert een galerie aan de Keizersgracht, totdat zijn vader, een courantier van de oude stempel, hem aan een baan helpt bij de Haarlemse uitgever Damiate, en uiteindelijk toch weet terug te halen naar Twente. De Houwert die op 35-jarige leeftijd alsnog uitgever wordt, is geen hippie meer, maar een workaholic in een enorme Amerikaan. Begonnen als advertentieverkoper, begint Houwert al snel verder te kijken dan de eigen regio. Hij koopt de Twentsche Courant, en richt de Oostelijke Dagbladen Combinatie op, om die luttele maanden na de afscheidsreceptie voor zijn vader te verkopen aan Wegener.

De transactie maakt Houwert rijk. Nog altijd is bijna een kwart van de aandelen (21,27 procent) van het beursgenoteerde Wegener via investeringsmaatschappij Van der Loeff Beheer in handen van de Houwerts. Dat belang vertegenwoordigt een waarde van circa 230 miljoen gulden. Als grootste aandeelhouder kwam Houwert bij Wegener binnen als vice-voorzitter van de raad van bestuur, om Appeldoorn op te volgen nadat die met de overname van het muziekbedrijf Arcade zijn laatste kunstje had geflikt: een bredere uitgeverij bouwen die niet alleen in bedrukt papier doet. Zoiets, zei hij, als een Hollands Time Warner.

'Maar van Arcade heeft Jan Houwert nog geen dag plezier gehad', schetst een collega nu, niet zonder mededogen. Volgens een ex-Wegener-directeur was de muziekuitgeverij een gruwelijke miskoop van de veel te gretige, megalomane en niet door bankiers begeleide Appeldoorn. Het afbouwen van Arcade behoort volgens andere uitgevers dan ook tot 'de drie dingen die Jan Houwert goed heeft gedaan', mét de aankoop begin dit jaar van het Britse direct marketing bedrijf Dudley Jenkins, en de zojuist beklonken overname van de VNU Dagbladen.

Toch is Houwert nog niet de vooraanstaande dagbladenman die hij wil worden. 'Hij wil bij de grote jongens horen, maar dat lukt maar niet', zegt een oud-hoofdredacteur volgens wie Houwert achtervolgd wordt door de slechte naam die Wegener in de jaren tachtig had toen 'de Gele Rijders' het voor het zeggen hadden, de kliek rond topman Appeldoorn, voormalige 'advertentiecolporteurs' van de Gouden Gids. Hun overname van het Utrechts Nieuwsblad en de ooit zo deftige Haagsche Courant was volgens sommigen fnuikend voor die zeer fatsoenlijke kranten.

'Het was verschrikkelijk', zegt een betrokkene, die stelt dat bij Wegener destijds niet de minste belangstelling bestond voor journalistieke kwaliteit. Maar die tijd, zegt hij ook, is voorbij. 'Het is een karikatuur geworden waar het bedrijf niet vanaf komt.' Tegelijk berust de veronderstelde eruditie van Houwert óók op een misvatting, zegt een andere oud-manager. 'Ik heb hem nooit op een grote mate van diepgang of filosofisch inzicht kunnen betrappen. Onder de Gele Rijders is hij een witte raaf. Maar dat zegt niets. Bij Wegener is iedereen met een drs-titel een genie. Houwert is geen fijnzinnige man. Hij maakt platte grappen over vrouwen en geeft vette knipogen.'

Voor alles is de bestuursvoorzitter 'een kruidenier', meent een oud-directeur volgens wie de top van het concern zich tot in de kleinste financiële details bemoeit met de tientallen werkmaatschappijen. 'De focus op de centen verblindt het zicht op de grote lijn. Houwert keert zich langzaam af van het tijdperk-Appeldoorn. Hij neemt nieuwe jonge mensen aan, maar houdt ook iets feodaals, heeft niets met moderne beloningsstructuren. Dat zal zijn herkomst wel zijn - je was in Twente iemand als je vader de baas van de provinciale krant was.'

H OEWEL oud-topman Appeldoorn zich nog altijd als adviseur met het concern bemoeit, begint Houwert volgens deze bron a man in his own right te worden. Een uitgever die best een kwaliteitskrant zou willen hebben maar de Provinciale Zeeuwse Courant ook een mooi bezit acht. Die geen enkele affiniteit heeft met Arcade ('Appeldoorn had wel iets met die glamour'), en ook de vergeefse investeringen in nieuwe media snel zal vergeten ('Daar heeft Wegener het geld, de lange adem en de mensen niet voor').

Waar de veel kleinere Groningse uitgever Hazewinkel (onder andere Nieuwsblad van het Noorden) een zeker prestige geniet, en VNU-topman Joep Brentjes bekend staat als een gevierd uitgever, moet Jan Houwert zich ondanks tientallen dagbladtitels en eindeloos veel huis-aan-huis-bladen vreemd genoeg nog bewijzen als courantier. Zegt een collega: 'Hij keert terug naar de roots van Wegener, maar moet er nog een samenhangende tent van maken. Misschien is het waar dat Houwert van een andere stijl en intellectuele orde is dan zijn voorganger, maar wanneer gaan we dat merken?'

Meer over