Een onderhoudend, maar te kritiekloos portret van Manny Pacquiao

Op de Filipijnen zal even geen moord gepleegd worden als in Las Vegas de gong klinkt. Dat wordt althans voorspeld in de documentaire Manny, over de bokser Manny Pacquiao.

null Beeld .
Beeld .

De levende Filipijnse legende staat in de Amerikaanse gokstad om 20 uur lokale tijd in de ring tegen de Amerikaan Floyd Mayweather. Het wordt zijn laatste gevecht, waarvoor zoals gewoonlijk de hele bevolking voor de tv zit. Daarna zal de 36-jarige bokser zich gaan wijden aan zijn andere bezigheden; sinds 2010 zit hij in het Huis van Afgevaardigden in zijn vaderland.

Om de bokser heen zit een complete industrie - hij bokst jaarlijks zo'n 60 miljoen euro bij elkaar - die onlangs ook een documentaire het licht deed zien. De hand van de meester is daarin onmiskenbaar. Er zitten wat terloopse toespelingen op zijn zwakke kanten (zijn huwelijk liep averij op, hij kon moeilijk de verleidingen van drank, vrouwen en gokken weerstaan), maar uit de doeken gedaan wordt er niets. Manny is een lofzang op alles wat wél goed is gegaan in zijn leven. En dat is, na een traditioneel arme en kansarme jeugd, heel veel. Waarbij als rode draad een onverwoestbaar doorzettingsvermogen door de film loopt, keer op keer ook benadrukt door de aangezette vertelstem van Liam Neeson. Het maakt van Manny een onderhoudend, goed verteld maar te kritiekloos portret van de man die een nog altijd ongekend aantal wereldtitels in verschillende gewichtsklassen verzamelde.

Manny
Regie Leon Gast en Ryan Moore, 2014, 88 min, distr. Universal Pictures, dvd en Blu-ray.

Meer over