Een hiphoppresident

Al eerder ontfermde Hollywood zich over de carrières van Nixon, Kennedy en Clinton. Nu is er de film W., met een hakkelende Bush....

‘Ik heb een president nog nooit woorden als ‘lotsbestemming’ en ‘offer’ horen zeggen zonder dat ik ‘bullshit’ dacht’, zegt de jonge politieke activist over de inspirerende, Democratische kandidaat. ‘En mensen geloven het. Ik wil het geloven. Ik wil er een onderdeel van zijn.’

Woorden van gelijke strekking vallen dezer dagen in alle uithoeken van de Verenigde Staten op te tekenen. Barack Obama schrijft geschiedenis en iedereen wil erbij zijn. Maar de scène komt uit de speelfilm Primary Colors (1998), gebaseerd op de gelijknamige roman, een interpretatie van de verkiezingscampagne van Bill Clinton in 1992. John Travolta brengt als Clinton in herinnering dat er toen eveneens een ‘historische’ kandidaat was die een nieuwe tijd belichaamde.

In hetzelfde genre is er nu W. van regisseur Oliver Stone, die zich eerder al – met JFK (1991) en Nixon (1995) – verdiepte in de levens van John F. Kennedy en Richard Nixon. Josh Brolin speelt George W. Bush, en zodra hij twijfelend, hakkelend of dom in beeld kwam tijdens de première afgelopen woensdag in New York, klonk er gegrinnik in de zaal. Maar na afloop waren er vooral kanttekeningen te horen in het donker: ‘Clichématig, gemakkelijk, simplistisch.’

Toch heeft de aloude Amerikaanse traditie van regisseurs en schrijvers die op kritische wijze hun licht laten schijnen over de politiek, een schat aan films en boeken opgeleverd, met haarscherpe observaties van de tijdgeest. Zo bracht de roman To Kill A Mockingbird van Harper Lee (1960) – die werd verfilmd met Gregory Peck in hoofdrol – de rassenscheiding aangrijpend onder de aandacht. Vietnamfilms als Deer Hunter (1978) en Platoon (1986) lieten de oorlog op een nieuwe, schokkende manier zien. En United 93 (2006) schiep een onvergetelijk beeld van de aanslagen van 11 september 2001.

Daarnaast zijn er de schrijvers en filmmakers die Washington zelf als onderwerp en decor kiezen. Vanaf Mr. Smith Goes to Washington, de filmklassieker van Frank Capra uit 1939, is er een duidelijke lijn te trekken naar Supreme Courtship: de nieuwe, satirische roman van Christopher Buckley over de benoeming van een tv-ster als hoge rechter.

Was Head of State in 2003 een – matig ontvangenm– lachfilm waarin Chris Rock een hiphoppresident met een ghetto-accent speelt, nu, amper vijf jaar later, is het interessant te zien hoe onwaarschijnlijk een zwarte kandidaat toen leek. Sommige observaties uit de film zijn houdbaar: de zorg dat hij zal verliezen vanwege zijn kleur en de zekerheid dat het ‘de komende vijftig jaar’ niet zal lukken om nog eens een zwarte te nomineren.

Toeval of voorgevoel? In de politieke satire Wag the Dog orkestreert de topadviseur van de president een oorlogje om de aandacht van een seksschandaal af te leiden. De film verscheen in 1998, kort voordat de Kosovo-oorlog Bill Clintons Lewinsky-affaire van de voorpagina’s verdrong.

Ook ‘rechts’ doet een duit in het zakje, hoe bescheiden ook. In 2004 lieten de makers van de animatieserie South Park nog een conservatieve boodschap horen met de satire Team America, over de clichés en stereotypen van de linkse elite. En dit jaar is er wederom een poging om het genre nieuw leven in te blazen. An American Carol is een parodie op het leven en werk van de documentairemaker Michael Moore, een held van progressief Amerika. Door de medewerking van Dennis Hopper (overtuigd McCain-aanhanger), James Woods, Kelsey Grammar en Jon Voight is het een redelijk succes qua bezoekersaantallen. Maar de recensenten waren eensgezind en vernietigend (er is nog geen Nederlandse verschijningsdatum bekend).

Films met een progressieve boodschap zijn evenmin een garantie voor succes. De opvattingen van de acteur John Cusack – tegen de oorlog in Irak, anti-Bush – worden breed gedeeld, maar de satire War, Inc. (2008) werd slecht ontvangen en sprak weinig filmliefhebbers aan.

Lions for Lambs (2007) had de sterren Robert Redford, Meryl Streep en Tom Cruise, en een actueel onderwerp: de besluitvorming over Afghanistan. Recensenten en bioscoopgangers zagen er niet veel in.

Het kan zijn dat zo’n film te vroeg verschijnt. De oorlog is elke dag op het nieuws – moeten we er nou ook al over nadenken met de popcorn op schoot? Hetzelfde geldt voor Stone’s film W. en de nieuwe Amerikaanse roman American Wife van Curtis Sittenfeld, over ‘Alice’, in wie makkelijk Laura Bush te herkennen valt.

Het einde van 2008 is een schakelmoment: van het einde van het Bush-tijdperk naar het begin van iets nieuws – wat het ook zal zijn.

Iets meer bezinning en tijd om het stof te laten neerdalen, zou beide producten goed hebben gedaan, zeggen de critici.

Misschien zal W. over tien jaar alsnog zijn waarde bewijzen, zoals Oliver Stone beweert. Primary Colors doet dat anno 2008 immers ook. ‘We kunnen ongelooflijke dingen bereiken’, zegt Travolta’s Clinton, als een Obama avant la lettre. ‘We kunnen dit land veranderen!’

Meer over