Een grillig fonds

Dat voor het uitgeven van boeken, mooie, nuttige, leesbare en nog het meest: werkelijk begerenswaardige boeken, geen imposante bedrijfsvoering noodzakelijk is - met zo'n veelkoppig management dat zich dagelijks het hoofd breekt over de overhead - is een les die een oude rot in het vak je nog weleens wil...

Uitgeven, mag zo iemand graag vertellen, is écht de allermakkelijkste manier om je brood te verdienen. Je hoeft er niets voor te kunnen. Je wordt er niet moe van. Je kunt het - een groot voordeel - in je eentje doen en je hoeft er de deur niet voor uit. Je hebt alleen een goed manuscript en een drukker nodig.

Het sterke van zulke verhalen is dat degenen die ze doen, meestal kunnen bogen op een fonds dat min of meer staat als een huis, althans de meeste stormen heeft doorstaan. Natuurlijk overdrijven ze, maar dat is juist het kenmerk van de ware uitgever, dat hij altijd overdrijft, maar anders dan de sales promotors ('de verkopers' in het Nederlands) van de grote uitgeversconglomeraten weet hij heel goed waar hij het over heeft.

Jacob Willem Groot, Jaco voor zijn vrienden, is zo'n uitgever die altijd zelfstandig is geweest en graag mooie verhalen vertelt (over z'n boeken, nooit over hemzelf of zijn bedrijf). Zijn uitgeverij, De Harmonie, bestaat 25 jaar. Dat is, zeker nu er bijna geen onafhankelijke uitgeverijen meer over zijn, iets om te vieren, maar of dat gebeurt zal tot het laatste moment een verrassing blijven, zoals gebruikelijk bij Groot, die van verrassingen houdt.

Zijn fonds vertoont er de sporen van. Veel opvallende gelegenheidsuitgaven van auteurs als W.F. Hermans, Rudy Kousbroek, Ethel Portnoy, die hun boeken bij een andere uitgeverij publiceerden, maar voor sommige uitgaven De Harmonie verkozen, vermoedelijk daartoe verleid door het niet aflatende enthousiasme van de uitgever, die - als ik me niet vergis - vaak zelf als eerste op het idee kwam voor zo'n boek.

De lijst bekende namen is lang, maar het zijn niet alleen beroemde passanten. Het fonds wordt ook gekarakteriseerd door een wederzijdse trouw, waaruit blijkt dat schrijvers, dichters en tekenaars zich thuis voelen bij De Harmonie. Jan Blokker evengoed als Freek de Jonge, Wim de Bie, Remco Campert, Judith Herzberg, Dirk Ayelt Kooiman en Carel Peeters, waaruit blijkt dat Groot iemand is die de ernst niet helemaal offert aan de humor.

Het is een grillig, of om het aardiger te zeggen: levendig fonds, dat van De Harmonie, waarin de legendarische Bescheurkalender van Van Kooten en De Bie evenzeer past als het werk van de inmiddels vermaarde Brit Ian McEwan, die door Groot werd uitgegeven toen nog niemand van hem had gehoord.

Groot is gek op bijzondere, afwijkende dingen, dingen die niemand doet, op grappen en cartoons. In 25 jaar heeft hij, niet helemaal in zijn eentje - hij laat zijn medewerksters Dieneke Corvers en Emilia van Heuven volop delen in zijn trots -, zo'n zes- à zevenhonderd boeken gepubliceerd. Woorden als 'bescheurkalender', 'broodje aap', 'aaibaarheidsfactor' zijn door De Harmonie gemunt. In zulke begrippen weerspiegelt zich de jongensachtige lol van Groot om als eerste iets te ontdekken, of in gang te zetten, anderen te slim af te zijn met zijn kennis, waarvan hij ook met liefde aan anderen kan uitdelen.

De 'gein' die hij daarin heeft, spreekt ook uit de wijze waarop hij zijn gebied steeds heeft uitgebreid. In menig huwelijksbed is Agnes van Peter van Straaten - afgebeeld op een T-shirt van De Harmonie - jarenlang een gewaardeerde indringster geweest. Video's (van Van Kooten en De Bie), of cd's (van Remco Campert of Judith Herzberg) behoren tegenwoordig ook tot het fonds, want Groot heeft - als goede vijftiger - een open oog voor de veranderende behoeften van zijn afnemers.

Alles kan, alles mag, prima. Op één voorwaarde: men moet wél zijn poëzie-uitgaven blijven waarderen. Als dat niet meer gebeurt, houdt hij er net zo lief mee op.

Willem Kuipers

Meer over