Een authentieke Unvollendete op Yamaha

COMPLETE dorpsbevolkingen die als één man hun schreden naar de moskee richten, daartoe opgeroepen door een mechanisch gereproduceerde moëddzin die hen tegemoet zingt uit een krakende luidspreker....

ROLAND DE BEER

Het is niet de namaak die de omstander aan het lachen maakt. Komisch is het vertrouwen dat anderen in de namaak stellen, de volmaakte ernst in de verhouding van de verspreider en de ontvanger van namaak. Zo mag ook onze speciale sympathie uitgaan naar de werkvloeren waar men zich laaft aan flarden arbeidsvitaminen, die in doodsnood uitpiepen boven het gedruis van de cirkelzaag of de plaatwalserij.

Maar wat is er echt aan Stravinskyklanken in de betere espressobar? Wat is er überhaupt echt aan klanken uit een luidspreker? Bij de eerste verbeterde versie van Edisons fonograaf, rond 1895, werd geconstateerd dat nú de werkelijkheid volmaakt en onverbeterbaar in geluid werd weergegeven. Dat de hifi-industrie niettemin vorderingen heeft gemaakt is bekend, en altijd was fidelity het toverwoord.

De mens is begiftigd met de bereidheid genoegen te nemen met deelsignalen, met stukken en beetjes, en het ontbrekende zelf in te vullen. Elke kleedjesverkoper weet dat. Die bereidheid was ook de motor van de authenticiteitsbeweging in de muziek: oude instrumenten, vibratoloze zang en een uniforme, kortademige articulatie - en daar stond de ware Mozart voor ons. Er is niemand die het woord authentiek nog durft te colporteren, maar het grote succes van de beweging is dat ze minder doordachte vormen van namaak heeft ontmaskerd: die van het routineuze, zelfvoldane musiceren.

Wat stond de componist voor de geest, wat wilde hij horen? Dat is de vraag die de waarheid aan het licht moet brengen (hoewel, aan de levende componist wordt die vraag veel minder gesteld, zijn aanwezigheid wordt soms zelfs hinderlijk gevonden). Het is een vertolkersvraag. Het is ook de eeuwige vraag van de componerende aan zichzelf. En het is bij uitstek de vraag van de voltooier van zijn Unvollendeten.

Wat kan er echt zijn aan een voltooiing? Ook de voltooier wil invullen. Bij hem neemt het invullen hoogst actieve vormen aan. Zijn arbeid is het spiegelbeeld van het luisteren naar arbeidsvitaminen op de werkvloer.

Toen Toscanini in 1926 de première dirigeerde van Puccini's opera Turandot, legde hij bij het slotduet het stokje neer, draaide zich om en zei: 'Hier stierf de meester'. Wenend verliet men de Scala. Het was de beste oplossing, maar het feit dat Franco Alfano zo vriendelijk is geweest het slot af te maken, wordt Alfano uit dramaturgische overwegingen toch in dank afgenomen.

Om dezelfde reden is de operawereld Friedrich Cerha erkentelijk. Zijn voltooiing van Alban Bergs opera Lulu kon worden opgevoerd nadat de weduwe van Alban Berg in 1976 was overleden, ruim veertig jaar na Bergs dood. Tot haar laatste snik had ze vrijwel iedereen de toegang tot de schetsen van de ontbrekende derde akte geweigerd - daartoe aangezet door Berg zelf, met wie ze mediamiek contact onderhield.

Jammer dat met de dood van de weduwe ook de satellietverbinding met Berg verviel, want het zou de moeite waard zijn te vernemen wat de componist van de voltooiing vond. Cerha heeft er veel werk aan gehad. Teveel misschien.

Bijzonder is ook het geval van de Tiende Symfonie van Mahler. Die bestaat in minstens zes voltooiingen, sinds de poging van Mahlers weduwe Alma, in samenwerking met een zekere O. Jokl. Mahler bracht het eerste deel van zijn Tiende nog tot stand. Zijn schetsen tonen een vijfdelige symfonie. Op verschillende plaatsen is alleen de hoofdmelodie genoteerd.

De eerste naoorlogse voltooiingspoging was van de Amerikaan Joe Wheeler. Versies van Clinton Carpenter, Hans Wolschläger en de Brit Deryck Cooke volgden, waarna de Amerikaan Remo Mazzetti elementen uit die versies weer tot een nieuwe combineerde.

Het beste argument om van de Tiende af te blijven, is het tragikomische feit dat al die voltooiingen zo verschillen. Maar Cookes versie geniet, vooral in Engeland, grote steun. De weduwe plakte er in 1963, na drie jaar van tegenstribbelen en procederen, uiteindelijk haar goedkeuringszegel op.

Jaren en jaren werkte de Brit Barry Cooper aan het verzamelen en verlijmen van snippers en notenflarden, in de overtuiging Beethovens Tiende Symfonie op het spoor te zijn. Had Beethoven niet acht dagen voor zijn dood naar Londen geschreven dat een 'nieuwe symfonie, reeds geschetst' in zijn la lag? De violist Menuhin, nooit te beroerd voor het verspreiden van een stuk optimisme, was er als de kippen bij om het 'immense belang' van de onderneming te onderstrepen - op zijn manier de rol vervullend van professor Ten Haeff bij zijn verdediging van de paranormale huisvrouw Rosemary Brown, die langdurig in contact stond met Beethoven, Schubert en anderen in het hiernamaals. De Beethovenvoltooier Cooper hield het na de première in 1988 van het doodgeboren kind (vijftien minuten van teleurstellende inventiviteit) uiteindelijk maar op een 'artistieke impressie'.

Bij de voltooiingen van Bruckners Negende is het gebleven bij een rondtasten van rekenmeesters. De knullige voltooiing van Mozarts Requiem door Süssmayer heeft daarentegen weer een merkwaardig soort authenticiteit gekregen door haar ouderdom.

De term Unvollendete is, geheel buiten zijn schuld, gemunt door de kampioen in onvoltooide symfonieën, Franz Schubert. Die maakte niet alleen zijn beroemde Achtste niet af. De arme Schubert schreef veertien symfonieën, waarvan er zes de dubbele streep niet haalden. Brian Newbould besteedde een halve musicologencarrière aan reconstructies van de Zevende en een Tiende, orkestreerde losse fragmenten, en voltooide ook nog eens 'de' Onvoltooide.

'Men moet accepteren dat een versie die uitvoeringsmogelijkheden biedt, niets anders kan zijn dan een vorm van speculatie', was de formule van zijn desillusie - rondborstiger dan het bedrog van de Duitse fluitist Winfried Michel, die drie jaar geleden befaamde Haydnexperts als H.C. Robbins Landon en het echtpaar Paul en Eva Badura Skoda op het verkeerde been zette, en de wereldpers haalde met een 'vondst van de eeuw': zes verloren gewaande pianosonates van Haydn, waarvan alleen de eerste nootjes uit Haydns oude catalogus bekend waren.

In het Haydn-instituut in Keulen werd het knutselwerk in een oogopslag ontmaskerd, maar de arme Badura Skoda's volhardden nog een tijdje in hun dwaling. Winfried Michel had hun laten zien dat uit een van de sonates 'twee bladzijden verdwenen' waren. Paul Badura-Skoda had hij om assistentie gevraagd bij, inderdaad, de 'voltooiing'.

Erkennen we dat alle echtheid in de muziek betrekkelijk is, dan is dit het toppunt van authenticiteit: Haydnsonates van Winfried Michel, voltooid door Paul Badura Skoda, gespeeld op een elektrische Yamaha door de weduwe van professor Ten Haeff; dit in gehalveerde vorm uitgezonden door Classic FM en beluisterd via de loshangende tweeter van een open dieselbestelwagen vol blatende schapen.

Meer over