Dood is weg. Baf, afgelopen

Duizenden werken maakte de omstreden kunstenaar Damien Hirst. Slechts vier kunstwerken vindt hij goed; een daarvan is For the Love of God, de diamanten schedel, die vanaf vanavond zes weken in het Rijksmuseum is te zien....

Rutger Pontzen

Voor een man die naar schatting meer dan een miljard euro waard is (volgens zijn manager Frank Dunphy, ooit zaakwaarnemer van de illustere Coco the Clown), en die zijn gasten op zijn kantoor vlak bij Oxford Street ontvangt tussen werk van Francis Bacon, Andy Warhol en Jeff Koons, geeft hij bij binnenkomst een opmerkelijk slappe hand. Tegen alle verwachtingen in is Damien Hirst de relaxedheid zelve. Op het eerste gezicht just a working class lad from Leeds – afgezien van zijn kingsize Prada-bril, waarmee hij als een groot insekt gebiologeerd de wereld in kijkt.

Vanaf vanavond is zijn skull, een platina schedel, ingelegd met 8601 diamanten en voorzien van echte tanden, voor zes weken in het Rijksmuseum in Amsterdam te gast. Daarna zal het een rondreis maken langs de grote musea in (vermoedelijk) Parijs, Berlijn en Dubai. Dan moet blijken of het werk, dat vorig jaar onverkoopbaar bleek, maar door een consortium van investeerders (onder wie Hirst zelf) voor 63 miljoen euro werd verworven, inderdaad een hebbedingetje van het ‘maffiose mondiale kunstcircuit’ is – of niet.

‘Ik ben er zelf ook wat nerveus onder’, zegt Hirst. ‘Iedereen vindt ’m klein. Maar misschien komt dat door het thema: de dood wordt in de verbeelding altijd groter voorgesteld. Toen ik de schedel voor het eerst zag, was ik verrast. Het is zoveel helderder dan je verwacht bij zo’n duister voorwerp.’

Weinigen in Nederland hebben het kunstwerk For the Love of God in werkelijkheid gezien (vorig jaar werd het in de Londense White Cube Gallery voor het eerste kort getoond), en toch lijkt iedereen er al een oordeel over te hebben geformuleerd. ‘Immoreel’, ‘patserige kunst’, ‘symbool van de graaicultuur’, waren de reacties.

Damien Hirst, alias The Golden Boy, alias The Most Successful Living Artist, alias World’s Greatest Art Hooligan – omstreden is hij altijd al geweest. De 43-jarige Britse kunstenaar begon zijn carrière als katalysator van de Young British Artists (YBA’s). De groep Londense kunstenaars veroorzaakte in de jaren negentig een schok met werk dat tegelijkertijd commercieel en maatschappijkritisch was: met de vieze toiletpotten en uitgedrukte sigarettenpeuken van Sarah Lucas, het beslapen bed met tissues en panty’s van Tracey Emin en de etalagepoppen met penisneuzen en vaginamonden van de gebroeders Chapman; werk dat voor woekerprijzen van eigenaar wisselde.

Zelf kan hij er ook wat van. Hirst dankt zijn bekendheid aan doorgezaagde koeien en schapen, en een vier meter lange tijgerhaai op sterk water (The Physical Impossibility of Death in the Mind of Someone Living). In zijn vitrinesculptuur, A Thousand Years, laven vliegen zich eerst aan suiker en het bloed van een afgezaagde koeienkop om zich vervolgens te pletter te vliegen tegen een elektrocuteermachine.

Dit jaar staat hij voor de tweede keer nummer één op de Power 100 List van de machtigsten in de kunstwereld, boven zijn galeriehouders Jay Joplin en Larry Gagosian, Tate Gallery-directeur Sir Nicholas Serota, verzamelaar Charles Saatchi en collega-kunstenaar en grootverdiener Jeff Koons.

Fucking terrified

Fucking terrified
Dat Hirst de ranglijst van kunstbobo’s aanvoert, is op zich niet opmerkelijk. 2008 is voor hem een uitzonderlijk jaar geweest. Met name door de veiling van zijn schilderijen en sculpturen op 15 en 16 september bij Sotheby’s in Londen. Opmerkelijk omdat het veilinghuis voor het eerst werk onder de hamer bracht, rechtstreeks uit het atelier van de kunstenaar; en niet, zoals gebruikelijk, met kunst die al in omloop was via de galeries. Die konden fluiten naar hun 50 procent van de verkoopprijs.

Fucking terrified
Het was een nieuwe, maar riskante onderneming. Wat als de bulk van 223 kunstwerken ver onder de geschatte prijs zou worden afgehamerd? Veilinghuis en kunstenaar waren er niet gerust onder. Zeker niet toen op de ochtend van de eerste veilingdag de beurscrisis een nieuw slachtoffer had geëist: de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers. ‘Ik las de koppen in de krant: Black Monday. I was fucking terrified.’

Fucking terrified
De angst bleek ongegrond. De opbrengst oversteeg alle verwachtingen. Na één dag bieden haalde Hirst al ruim 6 miljoen euro meer op dan de geschatte omzet van 88 miljoen over beide dagen. De teller zou uiteindelijk op 140 miljoen euro blijven steken. De kunstenaar was zelf geen ooggetuige van het spektakel: hij speelde snooker met wereldkampioen Ronnie O’Sullivan. ‘Ik heb alleen maar de ballen uit de pockets gehaald.’

Fucking terrified
Het Sotheby’s-succes bewees dat Hirst een nieuwe standaard kon zetten, dat hij het slagschip van de kunst eigenhandig van koers had veranderd. ‘Ik heb deuren geopend. Of beter: er was geen deur, maar ik heb er een gevonden en die open gezet. Er is een taboe doorbroken, want vanaf nu is zo’n veiling een optie voor alle kunstenaars. Natuurlijk vonden mijn galeriehouders dat niet leuk, maar ze hebben het geaccepteerd. Hun wereld bestaat uit kunst én geld. En voor iemand die in twee dagen tijd 140 miljoen verdient, hebben ze ook wel weer bewonderding. Well done.’

Fucking terrified
Motief voor de veiling was het idee dat de verkoop van kunst er ‘democratischer’ aan toe zou gaan. Iedereen moet het kunnen kopen. ‘Als je nu een galerie binnenloopt en interesse toont voor een werk, wordt er eerst gevraagd wie je bent en wat voor baan je hebt. Dat overkomt je nooit in een restaurant of schoenenzaak. Wel in de kunstwereld.’

Fucking terrified
Die anti-establishment houding typeert Hirst. Altijd tegen de keer. Tegen de gevestigde smaak en regels. Zijn nummer één positie zegt hem weinig. ‘Het is natuurlijk geweldig om succes te hebben. Dat je nooit een tafel hoeft te reserveren in een restaurant. Dat soort dingen. Maar bedenk wel, ik was de duurste, levende kunstenaar, voor twee weken. Daarna was Jeff Koons dat. Nu is het Lucian Freud. In dat soort competitie wil je eigenlijk niet terechtkomen.

Fucking terrified
‘Het ergste wat me kan overkomen is dat ik iets maak dat niet geweldig is, maar waarvan ik toch tegen iedereen zeg dat het wél geweldig is. En dat zíj dan zeggen dat het niet zo geweldig is, en ik me ga realiseren dat het inderdaad niets is, terwijl het voor anderen weer het beste werk ter wereld is. Op dat soort momenten moet je in de spiegel kijken. En je afvragen: ben ík er tevreden mee? Gelukkig? Hoe meet ik mijn eigen succes? En op wiens voorwaarden?’

Fucking terrified
Op de keper beschouwd vindt hij maar vier werken goed, van alle duizenden die door hem gemaakt zijn: de Haai, de Vliegen, de Schedel en het Gouden Kalf dat tijdens de veiling voor bijna 13 miljoen euro werd verhandeld. ‘De rest kun je weggooien.’

Fucking terrified
De relativerende toon staat in contrast met de professionaliteit van zijn kunstenaarschap. Met de gedrevenheid waarmee zijn management zijn werkzaamheden organiseert. En de striktheid waarmee, bijvoorbeeld, de presentatie van de schedel is voorbereid. Rijksmuseumdirecteur Wim Pijbes gaf onlangs toe nog nooit zo’n dik contract te hebben ondertekend als bij de skull. Alles is tot in de puntjes georkestreerd. Alles is omgeven door de hoogste graad van veiligheidsmaatregelen, alsof het om een atoomgeheim gaat. Fotograferen is streng verboden, ook voor de pers.

Fucking terrified
Hirst is tegenwoordig net zo veel business tycoon als bohemian artist, misschien wel meer. Zijn bedrijf Science Ltd. heeft 160 man in dienst. Zijn werk wordt in zes ateliers gemaakt. Hij heeft een restaurant in Devon. Jarenlang bezat hij in Londen het restaurant Pharmacy, waarvan de inboedel in 2004 voor ruim 14 miljoen euro werd geveild, driemaal de geschatte waarde (een paar Martiniglazen scoorde 6 duizend euro).

Fucking terrified
Twee jaar geleden kocht hij voor ongeveer 4 miljoen euro het 19de eeuwse, 300 kamers tellende landgoed Toddington Manor. Daar moet over vijf jaar een museum verrijzen voor zijn Murderme-collectie van ruim duizend kunstwerken en curiosa.

Een ander mens

Een ander mens
De kunstenaar, die zijn vader nooit gekend heeft, opgroeide in armoede, op zijn twaalfde idool van de Sex Pistols was en in punk outfit de straat op wilde (wat van zijn moeder en stiefvader niet mocht), en die tien jaar later het startschot gaf voor een controversiële kunststroming als kritiek op het Thatcher-tijdperk van de jaren tachtig, is inmiddels een ander mens geworden. Zakelijker. ‘Je verandert de wereld in precies datgene waartegen je je juist wilde afzetten’, geeft hij toe.

Een ander mens
Ook toegegeven: misschien was hij deep down altijd al meer ‘Thatcher’ geweest dan het leek. Als 22-jarige student op de Goldsmiths College organiseerde hij de groepstentoonstelling Freeze. Daarvoor loodste hij Tate-directeur Serota en Saatchi achterop zijn fiets naar de Londense Docklands, en lanceerde hij zichzelf als kunstenaar én ondernemer de kunst in.

Een ander mens
Nog een bekentenis: sinds een paar jaar dreigt het gevaar dat geld verdienen het leidende principe van zijn onderneming wordt. Omdat de schoorsteen moet blijven roken. Stilstand betekent achteruitgang. En dus was er na de diamanten schedel de aanvechting om een diamanten onderbuik te maken, en daarna diamanten knieschijven, diamanten voeten en twee diamanten skeletten die seks met elkaar hebben. ‘Totdat ik dacht: ik doe dit alleen voor het geld. Vergeet het.’

Een ander mens
Hoe nu dan wel verder?

Een ander mens
‘Ik begin een beetje oud te worden. En moe. Ik heb de veiling gedaan. Ik heb de schedel gemaakt. Ik ben nu weer aan het schilderen.’

Een ander mens
Hirst wijst naar een drieluik, achter hem aan de muur. Witte skeletten tegen een donkerblauwe achtergrond. De doeken resoneren de kleuren in het schilderij van Francis Bacon dat er tegenover hangt. Maar waar Bacon doorgaans nog veel vlees aan het bot schilderde, lijken de kadavers van Hirst door een school piranha’s te zijn aangevreten. Net als de schildertechniek, overigens.

Een ander mens
De dood, het blijft een fascinerend onderwerp. ‘Mijn kinderen begrijpen niets van de dood. Tegelijkertijd, als ze een dode kat op straat zien liggen, zeggen ze: Is that cat really dead? Wauw.’ Hirst zelf begrijpt de dood maar al te goed, en dat het goed verkoopt. Death sells. Maar alleen, zegt hij erbij, als je het ook slim presenteert. ‘Mensen willen wel bang worden gemaakt, maar niet te veel. Als je een museumzaal vult met rottend vlees komt niemand kijken.’

Een ander mens
Het gaat er volgens Hirst om hoe je de angst voor de dood voelbaar maakt. Fysiek overdrachtelijk. ‘Als student zag ik voor het eerst een groot werk van Richard Serra in de Saatchi Gallery. Ik twijfelde of het goede kunst was. Maar toen ik tussen de hoge staalplaten liep, besefte ik: fucking hell, als het nu omvalt ben ik dood. Dat maakt zo’n werk toch imponerend. Hetzelfde geldt voor mijn haai op formaldehyde. Je vraagt je toch af: is het glas dik genoeg om zoveel water tegen te houden?’

Een ander mens
In vergelijking daarmee zal de schedel de bezoekers weinig angst inboezemen. Het lijkt überhaupt alsof de agressie uit zijn werk is verdwenen. ‘Hoe ouder je wordt, hoe softer. Vroeger kende ik geen angst. Ik dacht onsterfelijk te zijn. Nu ik kinderen heb, ben ik banger. Zeker als je ook je vrienden begint te verliezen.’ Hirst refereert aan de dood van enkele schrijvers en collega-kunstenaars, zoals Angus Fairhurst die begin dit jaar zelfmoord pleegde. ‘De dood neemt dingen weg, voorgoed, zonder daarvoor verantwoording af te leggen. Het is moeilijk om daaronder optimistisch te blijven. ’

Een ander mens
Over wat er na zijn eigen dood gaat gebeuren, is hij duidelijk: niets. ‘Alsof het licht uitgaat. Weg. Baf, afgelopen.’ Een ding is zeker: zijn schedel zal niet geëxposeerd worden, ingelegd met diamanten.

Een ander mens
Hirst: ‘Ik hou van wat Francis Bacon zei: doe me in een zak en gooi me in de goot. Daarna kom ik terug in een wit gewaad, met ketenen aan mijn armen.’ Hirst maakt een angstaanjagend gehuil. ‘Wáuáuáuh.’

Een ander mens
‘Ik heb een geweldig boek, Strange Deaths. Over mensen die op een vreemde manier zijn gestorven. Daarin staat een foto van een man die een kip aan het neuken was toen er een rotsblok op hem viel. Hij ligt op de grond, de broek op zijn knieën, de kip tegen zijn kruis. Briljant. Arme man. Arme kip. Zo wil ik niet gevonden worden.’

Meer over