TipsVoor lange avonden

Deze series moet u zien tijdens de lockdown, volgens de schrijvers van het Magazine

Welke (Netflix)serie sleept je de lockdown door? Die vraag stelden we aan vijf van onze vaste columnisten en redacteuren. Hier hun tips – om u op ideeën te brengen voor de lange avonden binnenshuis.

Michelle Buteau. Beeld Marcus Price/NETFLIX © 2020
Michelle Buteau.Beeld Marcus Price/NETFLIX © 2020

Columnist Ibtihal Jadib laaft zich op Netflix aan muziek en humor. Stand-upcomedy het liefst.

De vraag welke serie mij door de lockdown heen sleept, impliceert een overschot aan tijd. Maar dankzij twee kleuters die aanspraak maken op onze huisvesting, is de luxe van verveling niet aan mij besteed. De enkele keer dat ik toch de tv weet te bereiken, val ik terug op twee pijlers: muziek en humor. Qua muziek vind ik de Netflixdocumentaires over Miles Davis, Quincy Jones en Nina Simone de moeite waard. Al is het niet per se aangenaam om de persoon te ontdekken achter goede muziek, omdat die opvallend vaak een egoïstische, drugsverslaafde hork blijkt te zijn die de kinderen heeft beschadigd.

Qua humor ben ik altijd op zoek naar goede stand-up. De absolute koning daarin is Louis C.K. en hoewel zijn nieuwe materiaal nog niet op Netflix staat, zijn zijn drie specials uit 2017, 2015 en 2010 nog steeds geweldig. Dave Chapelle is ook altijd goed, de natuurlijke verhalenverteller heeft twee goede Netflixspecials: Sticks & Stones en The Age of Spin. Tot zover de grote namen, want het leuke van Netflix is natuurlijk dat je eindeloos kunt scrollen tot je op een nieuw goudklompje stuit. Neal Brennan is zo’n vondst; zijn show 3 Mics is werkelijk uniek en de dingen die hij aan de microfoon toevertrouwt geven blijk van een verbluffende openhartigheid. Net op de juiste momenten weet hij toch de lach erin te brengen en doordat hij het toneel in drie secties opdeelt, laat hij zien hoe pijn en humor letterlijk naast elkaar staan. Een andere ontdekking is Michelle Buteau, die ik een paar jaar geleden voorbij zag komen met een korte set van 20 minuten, maar inmiddels aardig is doorgebroken. Dat heeft Netflix meteen beloond met haar special Buteaupia. Deze vrouw brengt een verrukkelijke wolk vrolijkheid met zich mee en de twinkeling in haar ogen is zo onweerstaanbaar dat ze mijn knorrepotgehalte na de zoveelste lockdowndag moeiteloos wegvaagt.

Stijlredacteur Cécile Narinx graaft naar schatten op NPO Plus en kettingkijkt een serie waardoor ze nu wil emigreren.

Het is eerstewereldproblematiek van jewelste, maar ik vind Netflix het equivalent van een propvolle klerenkast hebben en toch niks om aan te trekken. Te vol, te veel, te onoverzichtelijk. Topseries als The Crown en Bridgerton heb ik al ‘uit’, het ontzettend grappige Hjem til jul bijna, maar daarna wordt het weer eindeloos scrollen geblazen om iets te vinden wat de moeite van het kettingkijken waard is.

Gelukkig is er NPO Plus, de schatkamer van de publieke omroepen die voor een klein bedrag per maand toegankelijk is. Behalve topfilms als When Harry Met Sally, Tootsie en A Fish Called Wanda en meerdere seizoenen First Dates, Bed & Breakfast en Droomhuis Gezocht treffen de daar (dit is fantastisch nieuws voor wie het nog niet wist) ALLE afleveringen van de Britse serie Cold Feet (1997-2020) – dus vanaf het moment dat Adam nog bakkebaarden formaatje schnitzel had. Ander juweel van NPO Plus: de eerste twee seizoenen van de magnifieke verfilming van de magistrale Napolitaanse Romans van Elena Ferrante: De geniale vriendin.

The Durrels op Corfu.  Beeld
The Durrels op Corfu.

Kan het nog beter? Ja! Voor de ultieme tip van deze week reizen we een stukje voorbij Napels: we gaan naar Corfu voor de serie The Durrells, over een Britse weduwe die in 1935 met haar vier kinderen naar een Grieks eiland vertrekt om daar een nieuw bestaan op te bouwen. Er gaat van alles mis, dat spreekt, er wordt gevloekt, geflirt, gescholden en gezoend dat het een aard heeft. De oudste zoon, een schrijver op punt van doorbreken, wordt gespeeld door Josh O’Connor, die prins Charles speelt in The Crown. Wie door The Durrells nog geen zin krijgt om naar Corfu te emigreren heeft een hart van steen. Het allermooiste: het verhaal is nog waargebeurd ook, want gebaseerd op de autobiografische boeken van jongste zoon Gerald.

Laat het stoppen-auteur en tv-recensent Frank Heinen is serietechnisch moeilijk vooruit te branden, maar ziet desondanks veel fijns.

Van weinig word je zo moe als van niets. Hoe minder ik deze lockdown doe, hoe minder kan en mag, des te uitgetelder stort ik ’s avonds op de bank neer. Met een laatste krachtsinspanning weet ik nog de afstandsbediening uit het binnenste van de bank te vissen.

Wat ik kijk? Niet per se veel tipwaardigs. Juist nu tijd het enige is waar geen tekort aan is, blijk ik serietechnisch moeilijker vooruit te branden dan ooit. Misschien heb ik mijn lange adem al nodig om de finish van de crisis te bereiken, en kan er geen weken durend serieproject bij. Kennelijk maken de lockdownspanningen me geestelijk kortademig.

Klassen. Beeld HUMAN
Klassen.Beeld HUMAN

Geen ellenlange grootsheid dus, maar ik zie wel veel fijns. Klassen, natuurlijk. Elke week op de vaste uitzendtijd, alsof on demand kijken nog in de verre toekomst ligt. Af en toe bekijk ik een losse aflevering van Please like me, een van de meest troostrijke series die ik ken, over de opgewekte Josh en zijn vrienden, een serie die tegelijk flauw en ontroerend is, tegelijk soapy en intelligent. En A Confession, een onvoldoende geprezen detectiveserie over de waargebeurde verdwijning van een meisje. Een zaak die vrij rap beklonken lijkt, en vervolgens in vijf afleveringen van een uur steeds een ander genre lijkt aan te nemen: van klassieke detective, naar kitchen sink drama, naar rechtbankserie. Subtieler dan zijn Scandinavische en Amerikaanse tegenhangers. Maar het vaakst kwam het afgelopen maanden voor dat ik – moe van weer een dag vol niets – neerzeeg en op Netflix een willekeurige aflevering van Comedians in cars getting coffee aanzette. Gewoon: Jerry Seinfeld die in steeds een andere bijzondere auto (ik geef niks om auto’s) een collega-comedian (ik ken nauwelijks Amerikaanse comedians) ophaalt voor een kop koffie.

Melig geklets in een café, omringd door vreemden. Vlak voor ik telkenmale onherroepelijk wegdommelde, bevond ik me heel even in een moment van hevige heimwee naar precies dát.

Culinair schrijver en restaurantrecensent Hiske Versprille kijkt thuis het liefst naar series over mensen thuis. Er is namelijk veel meesterlijks in dat genre.

Had iemand me vorig jaar gedwongen te kiezen tussen de bekende Netflixcategorieën Over Mannen Die op Avontuur Gaan en Over Vrouwen Die Thuisblijven, dan had ik het wel geweten. Het spannendste wat mij in maanden is overkomen, was dat iemand tijdens een Zoomsessie per ongeluk een kanten beha in beeld had laten hangen. De tijden doen snakken naar iets episch en Odysseaans, met draken, dronebeelden en tienduizend dicht op elkaar gepakte figuranten.

Toch gingen mijn favoriete series de afgelopen tijd niet over veldslagen in de ruimte, maar juist over mensen die verstrikt raken aan hun eigen thuisfront. I Hate Suzie is een slimme en hysterisch geestige serie waarin voormalig kindster, nu late dertiger Suzie Pickles meesterlijk wordt neergezet door voormalig kindster, nu late dertiger Billie Piper. Al in de eerste aflevering verandert haar idyllische familieboerderijtje op het Engelse platteland in een claustrofobische hel, als ze de boel tevergeefs bij elkaar probeert te houden tijdens een afgrijselijke fotoshoot terwijl ze net heeft gehoord dat haar seksfoto’s online zijn verschenen. Even benauwend huiselijk vond ik Little Fires Everywhere, waarin een weldadig onsympathieke Reese Witherspoon haar perfecte gezin onder de duim probeert te houden, terwijl wij als kijkers al vanaf de openingsscène weten dat de boel uiteindelijk in vlammen zal opgaan. Dat de serie speelt in 1997, het jaar waarin ik zelf 15 was, zorgde ook voor een interessant en niet onplezierig loyaliteitsconflict: vereenzelvig ik me met de moeders, of met de pubers?

I May Destroy You. Beeld BBC/Val Productions/Natalie Seery
I May Destroy You.Beeld BBC/Val Productions/Natalie Seery

Maar de beste serie van 2020 was het duizelingwekkende I May Destroy You van multitalent Michaela Coel, gebaseerd op de drogering en verkrachting die ze meemaakte. Wat deze serie (naast verslavend, grappig en extréém cool) zo krachtig maakt, is dat het hoofdpersoon Arabella, in tegenstelling tot Suzie en Elena, uiteindelijk wél lukt om bezit te nemen over haar eigen verhaal.

Daar kan geen Ben Hur tegenop.

Stijlpastoor Arno Kantelberg zocht naar mooie kleren in Italiaanse maffiaseries, maar kwam op dat punt van een koude kermis thuis. Toch bleef hij kijken, ademloos.

Ik ging eerst de serie Gomorra kijken, daarna Suburra, en wel om twee redenen. Het leek me een vermakelijke manier om mijn Italiaans bij te spijkeren, en ik was benieuwd naar de kleertjes. Gomorra en Suburra zijn series over de maffia in respectievelijk Napels en Rome, en sinds Goodfellas en met name Casino weten we dat maffiabazen retescherp gekleed gaan.

Ik kwam echter van een koude kermis thuis. Het in Gomorra gebezigde Napolitaans is een soort dronken dialect waarvan zelfs de Italianen in Milaan geen chocola kunnen maken. Het Romeins in Suburra klinkt minder aangeschoten, maar die zware jongens communiceren helaas niet in Dante Alighieri-achtig proza. Het is net zo hopeloos om Nederlands te leren door naar Mocro Maffia te kijken.

Suburra. Beeld Emanuela Scrapa/Netflix
Suburra.Beeld Emanuela Scrapa/Netflix

Gelukkig was de kleding wel om door een ringetje te halen, toch? Nou nee. Mode en Design zijn twee van de grootste exportproducten van Italië. Na het zien van Gomorra en Suburra kun je je niet aan de indruk onttrekken dat ze per ongeluk álles hebben geëxporteerd. In Italië zelf is niks meer over. De interieurs leken ontworpen door het aan tl-verlichting verslaafde kind van rococo en Leen Bakker. De garderobe van de heertjes bestond uit spijkerbroeken en leren jacks. Geen glimmend pak met peak lapel te bekennen. Een stropdas heb ik niet gezien. Wel veel oorringen en armbanden. En sigaretten.

Toch heb ik de vier seizoenen Gomorra ademloos uitgekeken, net als de drie seizoenen Suburra. En daarna nog een keer. Omdat het spannende, beklemmende series zijn. Ik heb vervolgens wel moeten compenseren met acht afleveringen van Summertime, een mierzoet Italiaans liefdesdrama in een strandplaats waar de zon altijd schijnt, de linnen overhemden gestreken zijn, niemand wordt gefolterd en iedereen in begrijpelijk Italiaans communiceert. Toch wacht ik met smart op nieuwe afleveringen van Gomorra en Suburra.

Meer over