interviewRaphaël Pichon

Deze jonge Franse dirigent verstaat de kunst Bach wakker te kussen voor nieuwe generaties

De vernieuwing van de klassieke muziek komt dit jaar uit Frankrijk. Dirigent Raphaël Pichon (37), die onlangs een bij vlagen overrompelende uitgave van de Matthäus-Passion uitbracht, legt aan de Volkskrant uit hoe hij Bach benaderbaar weet te maken voor een nieuwe generatie.

Guido van Oorschot
Raphael Pichon Beeld Piergab
Raphael PichonBeeld Piergab

‘Het is volbracht’, stamelt Jezus in de Philharmonie van Parijs. In de immense, voor de gelegenheid verduisterde concertzaal is hij zojuist verraden, gemarteld en aan het kruis gespijkerd. Nog een paar minuten te gaan, in Bachs Johannes-Passion, en de Messias sterft. Even is het stil, dan valt een zwak schijnsel op de viola da gamba. Zacht maar verzengend speelt het oude strijkinstrument de eerste tonen van de befaamde aria Es ist vollbracht. Tweeduizend luisteraars bekruipt het gevoel dat ze aanschuiven bij een kampvuur.

De dirigent die zoveel intimiteit schept, is een Franse spriet met expressieve handen. Hij heet Raphaël Pichon, is 37 jaar, en verstaat de kunst Bach wakker te kussen voor nieuwe generaties. Zijn overrompelende Johannes is terug te zien via de website van cultuurzender Arte. Zijn visie op de Matthäus-Passion, zojuist op cd verschenen, kreeg vorige week in de Volkskrant vijf sterren. Klare taal: ‘Wie in een stuk waarvan iedere noot tien keer is omgekeerd nog zo kan verrassen, behoort tot de groten.’

Eind februari ploft Pichon neer op een sofa in de solistenkamer. ‘Merci’, zegt hij, na het incasseren van de lof voor de avond ervoor. Waarna de dirigent best wil uitleggen hoe hij dat doet: Bachs Bijbelvertelling tonen als een verhaal van vandaag, als een drama waarnaar je gebiologeerd blijft kijken.

1. De componist

‘Bach’, zegt Pichon, ‘werd lang gezien als een patriarch. Onaantastbaar stond hij op zijn sokkel: veeleisend, intellectueel, dogmatisch. Er was amper ruimte om hem te zien als mens.’ Als een spijbelaar of vechtersbaas bijvoorbeeld, of als de vader die tien van zijn twintig kinderen nog voor de kleuterleeftijd naar het graf droeg. Pichon heeft er veel over gepraat met John Eliot Gardiner, de Britse barokveteraan die in 2014 het Bachboek Muziek als een wenk van de hemel schreef.

‘Gardiner legt behalve de mens Bach ook de theatrale dimensies van zijn muziek bloot. Kijk alleen al naar de opbouw van de Matthäus-Passion: Bach neemt ons als het ware in gijzeling tussen twee koren en twee orkesten. Aan de ene kant klinkt het evangelie, aan de andere kant mort het volk. Hij plaatst je in het hart van het verhaal, alsof je met een VR-bril om je heen kijkt.’

2. De dirigent

Pichons prestatie valt des te meer op in Frankrijk, een natie die anders dan Nederland amper kan bogen op een Bachtraditie. Decennialang waren het importdirigenten als Ton Koopman en Philippe Herreweghe die in Frankrijk de passie kwamen preken. Pichon zelf werd als 9-jarig ventje al aangeraakt.

‘Ik was net begonnen als koorknaap in de Notre-Dame van Versailles. Het eerste stuk waarin ik meezong, was de Johannes. Ik herinner me nog de schok waarmee ik een andere wereld betrad. Mijn stem die opging in andere stemmen, het geluid dat aanzwol, de klank die door de kerk rolde.’

Het herbeleven van die sensatie werd Pichons drijfveer. Als muziekstudent in Parijs richtte hij het ensemble Pygmalion op, een koor en barokorkest ineen. In 2008 verscheen het eerste album, de dirigent moest nog 25 worden. Pichon, hoorde de Volkskrant, hengelde uit twee korte Bachmissen kwaliteiten op als jeugd, vuur, plezier en ambitie. Lachend: ‘Misschien waren we naïef, maar we wilden Bach recht in de ogen kijken, zijn muziek ontsluiten voor onze generatie van twintigers.’

Raphael Pichon Beeld Piergab
Raphael PichonBeeld Piergab

3. Het koor

Bij de Johannes in Parijs telt Pichons koor twintig zangers. Gemiddelde leeftijd: ergens in de 30. Conditie: blakend, bij vlagen gekmakend virtuoos. Met niet meer dan een polsknikje laat Pichon stemmen van kleur en volume verschieten. Of neem ‘Lasset uns denn nicht zerteilen’, de passage waarin Romeinse soldaten dobbelen om de kleren van Jezus. Supersnel en superverstaanbaar.

‘Puur cynisme, die scène’, zegt Pichon. ‘Een man sterft aan het kruis en het krijgsvolk toont geen greintje compassie. Maar niet ík breng dat cynische contrast aan, dat doet Bach. Met als enige doel dat we ons nóg meer vereenzelvigen met de gekruisigde.’

Zo’n tour de force komt niet vanzelf. ‘Bachs noten zijn veeleisend, we repeteren vaak en veel. Maar wat het vooral lastig maakt, is de paradox die je in al zijn kerkmuziek tegenkomt. Aan de ene kant vraagt Bach grote toewijding, aan de andere kant verlangt hij terughoudendheid. Zijn Passionen draaien per slot van rekening niet om ons, de musici, maar om de religieuze boodschap. En die breng je niet met de uitvergrote gevoelens van een opera.’

4. Het theater

Geen opera, maar toch. De Evangelist, de man die in de Matthäus-Passion het drama al zingzeggend uit de doeken doet, draagt in Parijs zijn overhemd nonchalant over de broek. Ook verder spot de Duitse tenor Julian Prégardien (37) met de mores van het klassieke concert. Hij loopt rond, heft een arm, werpt een blik. Soms doet hij verslag als een neutrale journalist, soms struikelt hij bijna over zijn tong bij zo veel onrecht. En wenen doet hij fabuleus.

In het cd-boekje bij de Matthäus vertelt Prégardien dat hij inspiratie opsnoof in The Passion of the Christ, de film vol expliciet lijden van regisseur Mel Gibson. ‘Het hielp me bij het vinden van realistische stemkleuren. Maar voor een concert zijn Gibsons beelden te heftig, die moet je overlaten aan de verbeelding van de luisteraar.’

Raphaël Pichon: ‘Ik beschouw een Bachpassie als een tableau vivant. En daarin doe je al snel te veel. Ik herinner me mijn eerste geënsceneerde Johannes-Passion, dat was in 2011 bij de Nederlandse Reisopera. Je reinste Hollywood, een ramp.’

Voor zijn eigen Johannes ging Pichon niet te rade bij de eersteklas regisseurs die hij sindsdien tegen het lijf liep. Geen Katie Mitchell, Romeo Castellucci of Pierre Audi. ‘Laten we eerlijk zijn, ik doe ook maar een paar bescheiden ingrepen. Een beetje lucht erin blazen, de concentratie van het publiek richten, meer niet.’

Al met al is het doeltreffend genoeg. De belichting gidst het oor; door de boventiteling mis je geen seconde; en ook de kooropstelling telt, van een saamhorige halve cirkel tot een uiteengeslagen volk.

Raphael Pichon Beeld Piergab
Raphael PichonBeeld Piergab

5. De boodschap

De steilste Bachfans zullen gruwen van de muzikale ingrepen die Pichon zich veroorlooft. Nog voor het openingskoor van de Johannes klinkt het lutherse kerklied O Traurigkeit, o Herzeleid! Uit een Bachcantate diept hij een tweede Es ist vollbracht op. En halverwege de avond waait vanuit de krochten van de Philharmonie een magnifieke vierstemmige hymne aan: Ecce quomodo moritur justus, over de rechtvaardige die zich laat slachten als een lam.

Maar geen calvinist zal mopperen over de grondtoon van de avond: verwondering over het geloofsmysterie, de idee dat een religieuze waarheid het verstand te boven gaat. ‘Bachs passies vormen een zoektocht naar spirituele antwoorden’, zegt Pichon. ‘Sinds de kerk uit de maatschappij is verdwenen, hebben we daar meer dan ooit behoefte aan. Als ik namens mezelf mag spreken: ik geloof in God en Bachs muziek getuigt van zijn bestaan.’

De Johannes-Passion o.l.v. Raphaël Pichon is terug te zien via de website van Arte. De Matthäus-Passion is verschenen op het label Harmonia Mundi.

Dirigent Raphaël Pichon

1984 Geboren in Savigny-en-Terre-Plaine, ten zuidoosten van Parijs.

2006 Studeert in Parijs en richt het ensemble Pygmalion op.

2008 Maakt zijn cd-debuut met missen van Bach.

2011 Dirigeert de Johannes-Passion bij de Nederlandse Reisopera.

2016 Wint een klassieke Edison met het album Rheinmädchen.

2017 Dirigeert Monteverdi’s Mariavespers op het Holland Festival.

2022 In januari doorkruist de lockdown Le lacrime di Eros bij De Nationale Opera in Amsterdam, met Pichon en regisseur Romeo Castellucci.

Raphael Pichon Beeld Piergab
Raphael PichonBeeld Piergab

Eindelijk weer passie

Ongetwijfeld knabbelt omikron nog ergens aan een stemband. Afgezien daarvan kan Nederland zich na twee vrijwel stille seizoenen weer laven aan de passies van Bach. De Volkskrant zet de opmerkelijkste uitvoeringen op een rij.

Een jazzy Matthäus zonder woorden: de contrabassist en componist Egon Kracht swingt ermee door het land. Vanaf 1/4.

De 101-jarige Nederlandse Bachvereniging begint aan een nieuw hoofdstuk: de artistiek leider en violist Shunske Sato dirigeert zijn eerste Matthäus. Vanaf 2/4.

De Vlaamse barokpionier Sigiswald Kuijken en zijn 50-jarige ensemble La Petite Bande presenteren een klein bezette Matthäus. 3/4, Concertgebouw, Amsterdam.

Na Mengelberg, Harnoncourt en andere reuzen sluit de Britse dirigent Andrew Manze met de Johannes aan in de passietraditie van het Concertgebouworkest. 8/4 en 10/4, Concertgebouw, Amsterdam.

Bach in de mix met Pergolesi en andere componisten: het ensemble Pynarello duikt vrijmoedig op het lijdensverhaal. Vanaf 9/4.

Meer over