TV-recensieFrank Heinen

De zoon kan de vader niet dichter benaderen dan via zijn muziek

null Beeld

‘Er zijn in ’t leven zo veel dingen/ de moeite waard om te bezingen’.

Lang schaamde Ernst de Corte zich een beetje voor de muziek van zijn vader. Om eerlijk te zijn: hij vond het niks. En, toegegeven, erg stoer klonken die pianoliedjes over zeeën en vissen die het water niet kunnen missen ook niet. Ernst de Corte draaide liever Deep Purple, Made in Japan. Harde muziek voor een zoon die zijn zingende vader na een onaangename scheiding had leren beschouwen als een vijand.

Woensdagavond, in een bijzondere aflevering van Andere tijden (NTR), wandelden tv-maker Marcel Goedhart en presentator Astrid Sy Jules de Cortes leven binnen. Ze troffen een ontroerende bende aan. De Corte onderhield niet alleen een ingewikkelde relatie met zijn familie, maar ook met de kerk. Opgegroeid op een katholiek jongensinternaat, groot geworden op de KRO Radio en zich vervolgens op eigen initiatief van de instituties losgeweekt door het schrijven van liedjes als Romeo & Julio en Het bruidspaar, vol thema’s en teksten die de clerus onmogelijk konden bevallen.

Jules de Corte Beeld NTR
Jules de CorteBeeld NTR

Sy en Goedhart spraken met mensen (louter mannen) die met De Corte samenwerkten. Ivo de Wijs memoreerde diens ironische scherpte (‘Dat tweede couplet, dat leek wel bijna zuiver’) en bekroond jazzpianist Bert van den Brink sprak vol onverharde tederheid over De Corte, wiens pianissimo spel hij zó zacht noemde ‘dat er bijna een soort vergeestelijking plaatsvond, alsof de piano niet meer door een mens wordt bewogen’.

Gerard Cox, de laatste jaren zelden nog waargenomen zonder de bokkepruik van de eeuwig reactionaire sikkeneur, droeg Het bruidspaar voor. Zijn stem brak, tranen lekten in de voordracht. Het was onnadrukkelijk, onbedoeld, onverwacht en ontstellend – op een mooie manier.

Liedjes van Jules, zei Henny Vrienten, waren altijd in mineur. Ook uit de archiefbeelden waarop De Corte sprak en zong, steeg, ondanks de soms best opgewekte teksten, de doordringende geur van weemoed op. Mogelijk had dat te maken met de verstoorde relatie met zijn kinderen, van wie Ernst, de vierde van zes, de enige was die in Andere tijden aan het woord kwam. De tijd had happen genomen uit zijn boosheid, de schaamte vervormd tot waardering en, uiteindelijk, bewondering.

Ernst las een brief voor van de man die zomaar was weggegaan en die later had getracht de verloren tijd in te lopen. Het was een haast formeel schrijven, contact tussen verre kennissen, afgesloten met het voorstel om samen eens muziek te maken. Alleen wie de rest van het verhaal kende, hoorde er de gretigheid in van de vader die hoopte via het olifantenpaadje van de muziek alsnog bij zijn zoon in de buurt te komen.

Volgende week is Jules de Corte 25 jaar dood. Van samen met zijn zoon nummers maken, kwam het niet, maar Ernst treedt nu wel op met zijn vaders liedjes. Dichterbij kan hij niet meer komen.

Meer over