Theater

De uitstekend spelende vrouwen tonen hoe het is om een speelbal te zijn in Lichter dan ik ★★★☆☆

De makers hadden wel te veel ontzag voor het boek, waardoor de voorstelling overvol is.

Vanaf links: Tara hetharia, Denise Aznam en Esther Scheldwacht in Lichter dan ik.  Beeld Annemieke van der Togt
Vanaf links: Tara hetharia, Denise Aznam en Esther Scheldwacht in Lichter dan ik.Beeld Annemieke van der Togt

Het is alvast een statement om een theaterbewerking van de roman Lichter dan ik tientallen keren te spelen door het hele land. Daarin zijn bewerker en hoofdrolspeler Esther Scheldwacht en producent Korthals Stuurman zeker geslaagd. De roman van Dido Michielsen behandelt een grotendeels verzwegen stuk Nederlandse geschiedenis. Namelijk het koloniale verleden van Nederland in Indonesië.

Michielsen richt zich in haar roman specifiek op de njai. Dat is de benaming voor de huishoudster, of eigenlijk concubine, zoals veel Nederlandse legerofficieren die in de 19de eeuw in Nederlands-Indië hadden. Deze mannen hadden hun verloofde of vrouw achtergelaten in Nederland en moesten natuurlijk wel verzorgd worden. Njais werden uit de inheemse bevolking geplukt en als slaven behandeld en verhandeld. Michielsen toont hoe een maatschappij is opgetuigd vol rangen en standen, waarin dit soort praktijken voor alle betrokkenen volkomen normaal lijken.

Esther Scheldwacht maakte daarvan een toneeltekst, die door Olivier Diepenhorst is geregisseerd. Wat opvalt in deze bewerking is dat de makers te veel ontzag hebben gehad voor de roman en daardoor niet altijd even heldere keuzen maakten. Lichter dan ik is als voorstelling daardoor ook overvol. Vooral in het begin (en ook weer aan het slot) gaan de ontwikkelingen zo snel, dat het voor het publiek lastig bijbenen is.

De hoofdfiguur, de Javaanse njai Isah, wordt bovendien door drie vrouwen gespeeld (Tara Hetharia, Denise Aznam en Scheldwacht). Dat wordt nooit uitgelegd en is in het begin tamelijk verwarrend. Uiteindelijk werkt het wel. Het versterkt de transformatie van Isah van vrijgevochten jonge vrouw naar slaafse bediende van de Nederlandse officier Gey en uiteindelijk naar berustende, oudere vrouw. Ook zorgt deze ingreep voor de nodige dynamiek, die veel boekbewerkingen op toneel ontberen.

Thomas Cammaert (midden) en Kees Hulst (rechts) in Lichter dan ik.  Beeld Annemieke van der Togt
Thomas Cammaert (midden) en Kees Hulst (rechts) in Lichter dan ik.Beeld Annemieke van der Togt

De mannen (gespeeld door Thomas Cammaert en Kees Hulst) zijn stuk voor stuk onsympathieke egoïsten. Cammaert speelt Gey als afwisselend charmante en horkerige man. Hij ziet Isah als een minderwaardig schepsel, met wie je kunt doen wat je wil. In een rare, detonerende scène mag Gey, na zijn dood, terugkijken en zijn eigen gedrag goedpraten met het zwaktebod: ‘We wisten niet beter.’ Dat maakt het er niet beter op.

De uitstekend spelende vrouwen laten evenwel goed zien en voelen hoe het is om een speelbal te zijn in een patriarchale samenleving, of dat nou de Javaanse of de Nederlandse is. Zo weet Lichter dan ik toch grotendeels de Indische clichés te ontstijgen en krijgen enkele hoofdrolspelers van een zwart hoofdstuk in onze geschiedenis een gezicht.

Lichter dan ik

Theater

★★★☆☆

Naar Dido Michielsen, van Korthals Stuurman Theaterbureau, bewerking Esther Scheldwacht, regie Olivier Diepenhorst. Met Denise Aznam, Tara Hetharia, Esther Scheldwacht, Kees Hulst en Thomas Cammaert.

11/10, Koninklijke Schouwburg, Den Haag. Tournee t/m 13/1.

Meer over