De pastoor draagt een wielershirt

Ze bestaan echt: priesters met een wielershirt onder hun kazuifel. In het dorp waar ik vandaan kom fietste de pastoor wekelijks een ronde met zijn vaste wielermaten....

Annette Embrechts

Dat is wel het geval bij de sportieve geestelijke die De Zesdaagse van Sint Jezus-in-het-Kruis opent met een gezongen wielermis. Hij zegent de koppelkoers, een zesdaagse marathon van 144 uur non-stop wielerrondjes in het plaatselijke sportpaleis.

Vervolgens schetst commentator Arie de Mol à la Jean Nelissen het dramatisch verloop van dit sportevenement in een Limburgs mijndorp.

Zijn verhaal wordt voortgestuwd door een muzikale motor: de warm-vrolijke composities van accordeonist Jef Hofmeister, van schwung voorzien door contrabassiste Kim Soepnel en de operatent in geblazen door saxofonist/

xylofonist David van Aalderen. Ieder personage krijgt een eigen lijflied, iedere dramatische wending een eigen baslijn.

Eén acteur neemt alle rollen voor zijn rekening: Kees Scholten. Een zwarte zonnebril maakt hem tot solutiedokter 'Magic' Dick, met verwilderde krullen is hij 'de eeuwige tweede' Gaston Vanvooren ('de rijdende dynamietstaaf'), het haar glad achterover tekent zijn concurrent, het voormalige wonderkind Giani Venosi ('de cherubijn van Turijn') en met verwijfde blik speelt hij rondemiss Maria van der Putten.

Hij zingt, hij schmiert en hij mimet op formidabele wijze een heel dorp bij elkaar, daarbij bijgestaan door de drie musici als rondemisdienaren en De Mol als één van de sponsors.

Na De dood en de zee in 1994 (naar De Vliegende Hollander) en vorig seizoen De hoer en de moordenaar (naar Dostojewski's Schuld en Boete) heeft Els Inc met De Zesdaagse van Sint Jezus-in-het-Kruis de smaak van de volksopera volledig te pakken.

Het zijn muzikale odes aan de verbeelding: er is geen racefiets te zien en toch heb je Vanvooren en Venosi nek-aan-nek over de streep zien tuimelen.

Ook de Eindhovense acteur Stefan Jung creëert in Eclips met minimale middelen een eigen, gemankeerde wereld. Omringd door een houten cirkelbank kruipt hij hardop denkend in de huid van Kees Zomer, de hoofdpersoon van de gelijknamige roman van J. Bernlef, die na een beroerte links alle gevoel, gehoor en zicht heeft verloren. Om zich te handhaven moet hij telkens rechtsom rondjes draaien.

Zo wandelt Jung ook langs het publiek dat hem in een carré omkadert. Hij vertelt flarden van zijn geschiedenis, sluit vriendschap met Toos, raakt aan de bedelstaf en probeert vervolgens zijn gehoor via een transistorradio terug te winnen.

De eerste drie kwartier geeft Jung een fascinerende binnenwereld prijs door te balanceren op de grens van verwarring, vervreemding en overlevingsdrang. Daarna vervalt hij een uur lang in het laatste en dat is een uur te lang. Al geeft Jung zich aan het slot letterlijk bloot, Eclips is dan al vervallen tot een loodzware hermetische solo.

Dit laatste weekeinde van het Bossche Theaterfestival Boulevard, dat met een bezettingsgraad van 83 procent nog beter werd bezocht dan vorig jaar, trakteerde Productiehuis Brabant bezoekers op drie 'snoepjes' op onverwachte lokaties.

Een gewaagd 'verhoorspel' aan een lange tafel van de Vlaamse tekstschrijfster Pascale Platel, een springerige danssolo van Helma Melis op een squashbaan en een even simpel als doeltreffend abc over de waarde van grote begrippen als vrijheid en gezondheid in de door reclame gedomineerde wereld van een Bosche C & A. Een swingend dialoogje in het mooiste (gratis) decor van deze zomer: de enorme gele M omringd door maatkostuumsdie de grens markeert tussen inpandige McDonalds en kledingzaak.

Meer over