omslag

De nieuwe Bijbel ziet er klassieker uit dan zijn voorganger

Een nieuw jasje voor een boek van tweeduizend jaar oud.

Bob Witman
NBV21, vertaling uit 2021, ontwerp Joost Grootens. Beeld
NBV21, vertaling uit 2021, ontwerp Joost Grootens.

Er is jaren gedelibereerd over heikele tekstdetails rondom de Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) – God is gewoon weer Hij met een kapitaal – maar de titel Bijbel voldoet al tweeduizend jaar, toch? Dus lijkt het omslagdesign een abc’tje? ‘Niet helemaal’, zegt uitgever Stefan van Dijk van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. Ontwerper Joost Grootens werkte twee jaar aan de nieuwe standaardeditie die in oktober verscheen, de derde van het genootschap sinds de Tweede Wereldoorlog en de tweede versie op oecumenische basis.

De NBV21, zoals hij is gedoopt, heeft een klassieker jasje dan de vertaling uit 2004 (aangeduid als de NBV, zonder jaartal). Die vorige standaardversie – van elke bijbelvertaling verschijnen tevens tientallen subedities – kreeg een kleurcover met fragmenten van een kunstwerk. ‘Voor mij stond vast dat er geen beeld op het omslag moet’, zegt ontwerper Grootens. ‘Dit is een tekstboek, een visueel element vind ik een verkeerd signaal.’ De NBV21 heeft een stijf omslag in gebroken wit met een licht ribbeltje en een in natuurlinnen gebonden rug. Naast het titelwoord Bijbel is in preeg (reliëf) het eerste vers van Genesis op subtiele manier voelbaar en leesbaar aanwezig.

Grootens is een ervaren boekmaker die ook de Dikke Van Dale heeft vormgegeven. ‘Dat weglaten, witruimte doseren, is eigenlijk mijn belangrijkste bijdrage aan dit boek.’ Zowel voorop als in het binnenwerk, de bladspiegel, de ordening van de noten: ‘Alles is erop gericht om de lezer de tekst zo onverstoord mogelijk tot zich te laten komen.’

NBG51, vertaling door het Nederlands Bijbelgenootschap uit 1951. Beeld
NBG51, vertaling door het Nederlands Bijbelgenootschap uit 1951.

Daarnaast heeft de nieuwe standaardbijbel meer tactiele kwaliteiten dan zijn voorgangers. ‘Eerdere edities moesten ook handig in je tas passen’, zegt uitgever Van Dijk, zoals de vertaling van het Nederlands Bijbelgenootschap uit 1951 (de NBG51) die lang de norm was. Maar bijbelteksten zijn inmiddels overal digitaal beschikbaar. Daarom is de NBV21 volumineuzer, heeft meer beetpakkwaliteit en oogt monumentaler. ‘Het is een sacraal boek, dat moet je kunnen voelen.’ Het ontwerp uit 2004 doet zestien jaar na dato ook wat gedateerd aan. Dat verraadt niet alleen het gekleurde kunstomslag. Ook tekstueel veroorloofden de makers zich vrijmoedigheden die in de editie van 2021 zijn teruggedraaid.

NBV, Nieuwe Bijbelvertaling uit 2004. Beeld
NBV, Nieuwe Bijbelvertaling uit 2004.

Is de NBV21 tijdlozer? ‘Misschien’, zegt de ontwerper, maar dat is niet het woord dat hij zelf vooropzet. ‘Ik probeer vooral dienstbaar te zijn aan de tekst en het wezen van het boek. Tegelijk vind ik wel dat je moet kunnen voelen uit welke tijd deze Bijbel komt.’ De tijdgeest verraadt zich in de preeg op de cover in vers 1 van Genesis. Waar de vertaling van 2004 rept van ‘De aarde was nog woest en doods’, is in de NBV21 het woordje ‘nog’ geschrapt, na uitvoerig overleg en raadpleging van de bronteksten.

Dat is voor de close readers onder ons.

Meer over