De lange weg naar zelfregulering op de Balkan

Het laatste grote conflict op de Balkan, dateert alweer van ruim tien jaar geleden, maar voor de media ter plekke lijkt er sindsdien niets veranderd....

Kranten staan onder druk van politici en bedrijfsleven en met haatzaaiers op internet weet niemand raad. Binnen die context proberen de Europese Unie en de Unesco te werken aan professionalisering en zelfregulering van de media in Zuid-Oost-Europa. Er moeten ethische codes komen en waar mogelijk Raden voor de Journalistiek, maar de weg is nog lang, bleek deze week op een tweedaags congres in Istanbul.

Deelnemers waren een honderdtal hoofdredacteuren, uitgevers, journalisten, diplomaten, wetenschappers en leden van Raden voor de Journalistiek uit alle Balkanlanden van Albanië tot Kosovo en van Turkije tot Kroatië.

De conferentie bestond uit twee delen. Eerst brachten onderzoekers en belanghebbenden uit de Balkanlanden hun ervaringen over het voetlicht, daarna waren er drie sprekers uit West-Europa en een uit Zuid-Afrika die lieten zien hoe zelfregulering in hun landen is georganiseerd.

Mij had de Unesco gevraagd te spreken over mijn werk als ombudsman en aan te geven wat de voors en tegens zijn van ombudsmannen en Raden voor de Journalistiek. Dragen zij bij aan professionalisering en geloofwaardigheid van de media? Kunnen ze naast elkaar bestaan, of bijten ze elkaar?

Voor iemand uit een land waar persvrijheid heel gewoon is en waar al sinds de jaren vijftig een Raad voor de Journalistiek bestaat, was het congres een onthutsende ervaring. Transparantie van de media is hier weliswaar ook een punt van debat, maar het debat wordt ten minste gevoerd.

Hoe anders in Zuid-Oost-Europa. Volgens de Hongaar Sandor Orban, programmadirecteur van een project voor mediaverantwoording zijn er achttien verschillende West-Europese niet gouvernementele organisaties actief op het terrein van de professionalisering van de media, maar neemt het niveau alleen maar af.

Het vertrouwen van de bevolking in de onafhankelijkheid van media daalt en het debat over transparantie, zelfregulering en verantwoording is verdwenen. Journalisten hebben geen behoefte aan ethische normen.

Ook zijn de verschillen tussen de onderliggende landen zo groot, dat het geen zin heeft om te zoeken naar één manier van mediaverantwoording die geschikt is voor alle Balkanlanden.

Je kunt een systeem van verantwoording misschien importeren, zegt hij, maar je kunt het niet opleggen. Zelfregulering kan alleen als media het echt willen.

De Albanese onderzoekster Ilda Londo schetste eenzelfde beeld. Sinds 1996 wordt in haar land gesproken over zelfregulering en ethische normen voor media, maar ethisch handelen hoort volgens haar niet tot de aangeboren gewoontes van journalisten. Uiteindelijk werd er in 2006 een journalistieke gedragscode opgesteld. Iedereen was enthousiast, maar sindsdien heeft niemand ook maar een stap gezet om de code daadwerkelijk in te voeren.

In Turkije is het al niet anders, constateerde Yavuz Baydar, ombudsman van de krant Sabah. De media zitten in een identiteitscrisis en de Raad voor de Journalistiek valt uiteen omdat meer dan de helft van alle mediaorganisaties de Raad niet erkent.

Zijn er dan geen lichtpuntjes? Jawel. Maandag werd in Servië een Raad voor de Journalistiek opgericht door journalisten en uitgevers. In Bosnië-Herzegovina is al tien jaar een Raad actief. Maar die kampt met een gebrek aan autoriteit want van de zes journalistenvakbonden in het land zijn er maar twee die de Raad steunen.

Daar komt bij dat eenderde van de bevolking van Servische komaf is en Servische kranten leest. Die vallen niet onder de werking van de Bosnische Raad en kunnen over Bosniërs schrijven wat ze willen. Kranten proberen de Raad bovendien te chanteren als die een hen onwelgevallige uitspraak doet. De mediawet in het land is goed, zegt de directeur van de Raad, maar de media zelf zijn slecht, onprofessioneel en gevoelig voor politieke druk.

Zo gaat het ook in Albanië, stelt Ramzi Lani, van het Albanese Media Instituut. De journalistiek in zijn land staat onder druk. Er zijn 26 kranten op een bevolking van amper 3,5 miljoen mensen. Die kranten vervlakken steeds meer. Er is sprake van tabloidisering in de slechte zin van het woord. De dictatuur van het communisme is ingeruild voor de dictatuur van de banaliteiten, zei hij.

Toch stellen allen dat transparante en onafhankelijke media het grootste goed zijn voor een land: zij kunnen de drijvende kracht zijn op weg naar blijvende democratie. Maar de weg is lang.

Meer over