Reportage

De kiosk is het kruispunt van het lockdownleven geworden

Kiosk Mama in Maastricht. Beeld Simon Lenskens
Kiosk Mama in Maastricht.Beeld Simon Lenskens

Een wandeling en een kop koffie: meer heeft een mens niet (nodig) op een gemiddelde lockdowndag. De ontmoetingsplaatsen in dit prikkelarme bestaan zijn veelal kiosken. In het boek Kiosk in de stad laten Jacques Beljaars en Thomas Rouw zien hoe belangrijk en mooi deze koffiekruispunten zijn.

Het miezert in Maastricht als een nieuwe dag aanbreekt waarop voorheen winkelstraten en terrassen zouden bruisen, maar nu lockdownleeg blijven. En inwoners het weekend inluiden met ‘de twee dingen die je nog kunt doen om het leven uitbundig te vieren’, zoals columnist Aaf Brandt Corstius het verwoordde: een kop koffie halen en wandelen.

In het Vrijheidspark, vlak achter het centraal station, komen die twee activiteiten mooi samen in een knalrood, cirkelvormige horecapaviljoen dat het begin van de Groene Loper markeert, de met bomen omzoomde wandelpromenade die op de ondertunnelde A2 is aangelegd. Mama heet de zaak die ondernemer Jan Bronckers en zijn vrouw Ellis Haveman vorig jaar openden in het door architectenbureau Ketting Huls ontworpen gebouwtje. Op de plek waar ooit de snelweg stadsdelen van elkaar scheidde, wilde Bronckers ‘een plek voor verbinding’ maken. Dus kreeg die de naam van zijn moeder, de spil in de familie.

Om half 10 schalt muziek uit de speakers voor het paviljoen. Een rij mensen begint zich te vormen: joggers, jonge gezinnen, een mevrouw met een taartdoos onder haar arm. Achter de koffiemachine staat Bronckers cappuccino’s op te schuimen; hij neemt de tijd en maakt met iedereen een praatje.

Kiosk Mama in Maastricht. Beeld Simon Lenskens
Kiosk Mama in Maastricht.Beeld Simon Lenskens
Kiosk Mama in Maastricht. Beeld Simon Lenskens
Kiosk Mama in Maastricht.Beeld Simon Lenskens

Dit is niet hoe hij zich zijn onderneming had voorgesteld. Het idee was een plek te maken die een vakantiegevoel oproept, als een Frans plein met een draaimolen – de ronde gebouwvorm met pergoladak is daarop geïnspireerd. In juni, toen de horeca na de eerste lockdown weer open mocht, was Mama nog wel die plek. Mensen streken neer in strandstoelen en kinderen dansten tussen de waterspuwers op het terras. Nu doet het gebouwtje slechts dienst als kiosk.

Nu ja, slechts... Mama biedt meer dan goede koffie in een groene omgeving, het is een plek om mensen te kijken en te spreken. Op Valentijnsdag koppelde Bronckers veertig singles aan elkaar voor een blind date met een wandeling en picknick. Ook vormt het de uitvalbasis van de vrijwilligersvereniging die in het park activiteiten organiseert. Het laat zien dat een klein bouwwerk van grote betekenis kan zijn voor de buurt.

null Beeld Kiosk in de stad
Beeld Kiosk in de stad

Die betekenis wordt onvoldoende erkend, waardoor het potentieel van de kiosk onderbelicht en dus onbenut blijft, stellen architecten Jacques Beljaars en Thomas Rouw. Met hun boek Kiosk in de stad, het resultaat van een groot onderzoek naar de stedenbouwkundige, architectonische en sociale kwaliteiten van de kiosk, willen ze daar verandering in brengen.

null Beeld Kiosk in de stad
Beeld Kiosk in de stad

Het feit dat steden over de hele wereld kiosken kennen en vrijwel iedere taal een afgeleide heeft van het woord ‘kiosk’, onderstreept volgens de auteurs de betekenis van de kiosk voor het straatleven. Lange tijd was de kiosk daar een vanzelfsprekend onderdeel van, gaandeweg werden snackketen een synoniem voor de verloedering van binnensteden, waarop de overheid vrije verkooppunten bijna wegreguleerde.

Nu wordt de succesvolle ‘formule’ van dit fenomeen herontdekt door gemeenten en ontwerpers van de openbare ruimte. Een formule die uitgaat van het idee dat er geen restricties zitten aan de vorm van een kiosk, zo blijkt uit de ‘kioskportretten’ in het boek. Van Henkie’s Hoekie naast Den Haag Centraal, een simpele bloemenstal voor ‘betaalbare romantiek’, tot de architectonisch verantwoorde, spiegelglazen Zuidas Kiosk waar zakenlui een broodje döner kunnen halen.

null Beeld Kiosk in de stad
Beeld Kiosk in de stad

De kiosken hebben met elkaar gemeen dat ze vrij in de ruimte staan, op plekken waar veel mensen langslopen. Die strategische positionering vormt de basis van het succes als verkoop- en trefpunt, waarbij ‘ogen op straat’ een gevoel van veiligheid geven. Gemeenten plaatsen daarom steeds vaker kiosks bij parken en stations. De folly die architectenbureau SLA onlangs voor naast het station van Hoofddorp ontwierp, om voor wat reuring in het aangrenzende Beukenhorst-Zuid te zorgen, is hiervan een goed voorbeeld. Met zijn gesloten gevels, voorzien van een kleurig strepenpatronen, doet het bouwwerk denken aan de zuurstokken die je op de kermis koopt. Het verkoopluik, verstopt achter een beweegbaar gevelpaneel, verschijnt met een druk op de knop – een fraai stukje (straat)theater.

De kiosk in Hoofddorp.  Beeld Simon Lenskens
De kiosk in Hoofddorp.Beeld Simon Lenskens

De kracht van het paviljoen in Maastricht schuilt in de combinatie van de simpele vorm, rode signaalkleur en open gevels. Het trekt van alle kanten publiek en biedt letterlijk een kijkje in de keuken waar je Bronckers bezig kunt zien met havermoutkoeken en friet. De opslag- en installatieruimten hebben de ontwerpers achter rode deuren weggewerkt. Vanaf de in de gevel verwerkte zitbank kijken ouders hoe hun kinderen in de naastgelegen ‘mosasaurusspeeltuin’ losgaan.

Met het mooie weer werd het te druk om de anderhalvemeterregel te handhaven, waarop de gemeente dranghekken plaatste. Het afhaalloket sluiten is geen optie voor Bronckers. Omdat hij pas vorig jaar openging, komt hij niet in aanmerking voor steunmaatregelen. Daarbij wil hij de mensen dat bakkie (en deze plek van) troost niet ontnemen.

null Beeld Kiosk in de stad
Beeld Kiosk in de stad

Jacques Beljaars en Thomas Rouw: Kiosk in de stad. Trancityvaliz; 352 p.; € 26,50.

Geschiedenis van de kiosk

De kiosk vindt zijn oorsprong in Perzië, waar vanaf de 13de eeuw vrijstaande, vaak ronde, open paviljoens werden gebouwd zodat de sultan kon ontspannen in zijn tuin. In de tweede helft van de 19de eeuw werd de kiosk populair in West-Europese industriesteden, als exotisch tuingebouw, openluchtpodium en vrijstaande verkoopinrichting. De eerste Nederlandse krantenkiosk verscheen in 1878 op de Dam in Amsterdam. Met de uitbreiding van het assortiment (sigaretten, tramkaartjes) ontstonden nieuwe gebouwvormen.

Meer over