De Kelten van Galatië

EEN VAN DE MEEST aangrijpende kunstwerken uit de oudheid is het beeld van de Stervende Galliër. Het origineel bestaat weliswaar niet meer, maar er is een prachtige kopie te bewonderen in het Capitolijns museum in Rome....

De omstandigheid dat het beeld zich in een museum in Rome bevindt, wekt wel eens misverstanden. Menige moderne beschouwer associeert de Stervende Galliër namelijk met de verovering van Rome door de Galliërs in 390 voor Christus, of met Caesars geschrift Over de Gallische Oorlog. Maar met de Romeinen heeft de Stervende Galliër niets van doen. Het beeld is Grieks.

De Stervende Galliër werd gemaakt in de derde eeuw voor Christus door een kunstenaar aan het hof van koning Attalus van Pergamum (nu Bergama in Turkije). In die derde eeuw was eerst het vasteland van Griekenland het doelwit van binnenvallende Kelten. Daarna trokken de indringers - door de Grieken Galaten genoemd - door naar het huidige Turkije, dat in de oudheid ook tot de Griekse wereld behoorde.

Uiteindelijk vestigden deze Kelten, die oorspronkelijk uit Centraal-Europa afkomstig waren, zich in de streek die naar hen Galatië is gaan heten, in de buurt van het huidige Ankara. Maar voordat het zover was, werd er eerst flink gevochten, tegen onder anderen Attalus van Pergamum. Behalve de Stervende Galliër getuigen meer voortbrengselen van de Pergameense kunst nog steeds van die strijd.

Een aantal van deze kunstuitingen is afgebeeld in het nieuwste boek van Peter Berresford Ellis, Celt and Greek - Celts in the Hellenic World. Het is een goede gedachte geweest van Ellis om een boek te wijden aan de interessante, maar vaak onderbelichte geschiedenis van de Kelten in het oostelijk deel van het Middellandse-Zeegebied en aan hun relatie tot Grieken en Romeinen - ja, ook Romeinen, want anders dan de titel doet vermoeden, komen niet slechts de contacten tussen Kelten en Grieken in Celt and Greek aan de orde.

Zeker de helft van het boek gaat over de periode waarin de Romeinen het in de Griekse wereld voor het zeggen hadden. Een bezwaar is dit overigens niet. Het levert bijvoorbeeld een onderhoudend hoofdstuk op over het proces in Rome tegen de Galatische koning Deiotarus. Hem was een poging Julius Caesar te vermoorden ten laste gelegd; voor het gerecht werd hij verdedigd door niemand minder dan de grote redenaar Cicero.

Behalve Romeinen ontmoeten we in Celt and Greek ook joodse en niet-joodse volgelingen van Jezus Christus. Zo wordt in het voorlaatste hoofdstuk uitvoerig de context geschetst waarin de brief van de apostel Paulus 'Aan de Galaten' geplaatst moet worden. Daarbij wordt onder andere de vraag gesteld (en terecht bevestigend beantwoord) of de in de brief genoemde Galaten rechtstreeks afstamden van de Kelten die zich indertijd in Galatië gevestigd hadden - men kon in Galatië, aldus de kerkvader Hieronymus in de vierde eeuw na Christus, zelfs in zijn tijd nog steeds Keltisch horen spreken.

Ter afwisseling zijn de bladzijden over Paulus en die over Deiotarus zeker op hun plaats. Ze vormen een goed tegenwicht tegen die gedeelten van het boek waarin de auteur erg veel aandacht besteedt aan allerlei krijgshandelingen, vooral van de Romeinen. Militaire campagnes lijken vaak alleen maar zo uitgebreid besproken te worden omdat een handjevol Keltische strijders eraan had deelgenomen. Dat had best wat korter gekund.

Over de Kelten in het westen van Europa heeft Berresford Ellis al een groot aantal boeken op zijn naam staan. Die zijn in een rap tempo geschreven. Celtic Dawn (1993), Caesar's Invasion of Britain (1994), The Druids (1994) en Celtic Women (1995) vormen de oogst van de laatste jaren. Verantwoorde popularisatie was daarbij steeds het streven. Celt and Greek past in de reeks. Voetnoten en vakgeleerd jargon treft men in het boek niet aan. Wel een vlot geschreven, voor een algemeen publiek toegankelijk verhaal over een onderwerp dat zeker de moeite van het vertellen waard is.

Het is dan ook buitengewoon jammer dat Celt and Greek ontsierd wordt door een groot aantal slordigheden en fouten. Ellis weet ongetwijfeld heel veel van de Kelten, maar zijn kennis van Griekse en Romeinse zaken is gebrekkig. Dat treedt af en toe pijnlijk duidelijk aan het licht.

Het is niet zozeer de grote lijn van het betoog, die schade heeft ondervonden. De auteur heeft zich, verstandig genoeg, verlaten op eersterangs vakgeleerden, die hij parafraseert of letterlijk citeert - noch tegen het een, noch tegen het ander bestaat enig bezwaar, al doet het wat komisch aan om er via de index op gewezen te worden dat dr. Stephen Mitchell tien keer wordt aangehaald, terwijl deze eer slechts vijf keer te beurt is gevallen aan Stephen Mitchell - dezelfde persoon, maar nu zonder de doctorstitel.

Het zijn de kleine dingen die het hem doen. Ellis spreekt over Antiochus de Zesde als hij Antiochus de Vierde bedoelt. Hij laat de historicus Zosimus in de vierde eeuw leven en niet in de zesde. Hij laat zaken aan de Romeinse senaat voorleggen die nou juist, met voorbijgaan van de senaat, in de volksvergadering werden beslist. Hij bevordert iemand tot consul die dat niet was. Hij laat Paulus zijn brief 'Aan de Galaten' niet in het Grieks schrijven, maar in het Latijn. Hij haalt vaker Grieks en Latijn door elkaar. Hij verhaspelt eigennamen, enzovoort.

Is het een kniesoor die hierop let? Mogelijk. Maar irritant en storend zijn dit soort fouten in ieder geval wel. Soms ook lachwekkend. Wie over 'Gnaeus Magnus Pompeius' spreekt in plaats van over 'Gnaeus Pompeius Magnus', doet hetzelfde als iemand die de auteur van De donkere kamer van Damocles W.H. Frederiks zou noemen in plaats van Willem Frederik Hermans.

Het schrijven van populariserende geschiedenisboeken is nuttig en nodig. Maar wie, schrijvend voor een algemeen lezerspubliek, zoveel slordigheden en fouten begaat als Berresford Ellis in Celt and Greek, maakt zich schuldig aan minachting van zijn lezers.

Hans Teitler

Peter Berresford Ellis: Celt and Greek - Celts in the Hellenic World.

Constable, import Nilsson & Lamm; 285 pagina's; ¿ 69,60.

ISBN 0 09 475580 9.

Meer over