Interview

De jingles van Bart van Gogh hoor je overal – het verhaal erachter niet

Jinglemaker Bart van Gogh in de Top Format-studio in Haarlem. Beeld Hilde Harshagen
Jinglemaker Bart van Gogh in de Top Format-studio in Haarlem.Beeld Hilde Harshagen

Als u in de afgelopen dertig jaar radio heeft geluisterd – die kans is aannemelijk – dan heeft u waarschijnlijk een jingle van Bart van Gogh gehoord. In Bart! is het levensverhaal van mister Jingle, zoals hij ook wordt genoemd, opgetekend.

Ontspannen en met de handen in zijn zakken luistert Bart van Gogh (61), oftewel de ‘Van Gogh van de jingles’ en ook wel mister Jingle van Europa genoemd, in studio 1 van het audiobedrijf Top Format een kwartier lang geconcentreerd naar een zangeres en een zanger. Ze zingen één woord, ‘weekend’, op alle mogelijke manieren: in oplopende toonhoogte of juist niet. Het duo is onvermoeibaar en vrolijk, en verkent elke vocale uithoek van het woord. Het is maandagochtend.

Op het bedrijventerrein in Haarlem wordt gebouwd aan de jingle ‘Omroep Zeeland, weekend’. De ploeg is ervaren. De zangeres is Krystl Pullens, kortweg Krystl. In 2010 werd ze uitgeroepen tot 3FM Serious Talent en had ze een hit met Golden Days. De zanger, Herman van Doorn, zingt al sinds 1987 tunes, commercials en jingles in voor Top Format.

Van Gogh is de studio even binnengelopen. Dit is zijn wereld. Het inzingen van een andere jingle, ‘Altijd dichtbij, Omroep Zeeland’, is achter de rug. Een tijdje gaat het over de vraag of de z van Zeeland niet te veel als een s is gezongen. Bart van Gogh en producer Willem Pauwels vinden van wel. Ze beginnen opnieuw, Krystl en Van Doorn maken van de s een z.

De meest gebruikte jingles van Omroep Zeeland worden opgefrist, legt Van Gogh uit. ‘Het moest frisser, puntiger, iets meer naar de muziek van nu toe kruipen. Jingles die jarenlang dag in, dag uit worden gebruikt als ijkpunten op een zender of programma, worden na verloop van tijd wat sleets.’ Kortom: ‘ander soundje, zelfde melodietje’.

Eind vorig jaar verscheen Bart! – De Van Gogh van de jingles, een boek van journalist en jinglefreak Jelle Boonstra. In het boek is de geschiedenis van Top Format, opgericht door Haarlemmer Ren Groot en sinds 1975 een florerende fabriek van radiocommercials en jingles, samengeknoopt met die van Van Gogh. ‘Een leven vol radio’, is de ondertitel. Daarnaast werd het Bart van Gogh Magazine gepresenteerd, als eerbetoon.

Het boek van Jelle Boonstra over Bart van Gogh. Beeld Top Format
Het boek van Jelle Boonstra over Bart van Gogh.Beeld Top Format

Van Gogh is een grootmeester in een wereld die voor het grote publiek nagenoeg onzichtbaar is, een verscholen BN’er. Iedereen kent zijn stem en jingles, maar weinigen kennen de man. Twaalf jaar lang was hij de stem van Sky Radio. Hij sprak vele reclamespots in. In de radiowereld heeft hij een legendarische status als producer en componist van jingles, korte – gemiddeld duren ze tussen de vijf en vijftien seconden – herkenningstunes voor radiozenders, -programma’s of -dj’s

Van Gogh bedacht en maakte er duizenden, voor onder meer Radio Tour de France, Tros, Vara, NPO Radio 2, Sky Radio, Avro, Radio 10, KRO, Radio Veronica en een handvol regionale zenders. Ook aan honderden buitenlandse zenders verleende hij zijn diensten, tot Belarus aan toe.

Er zijn maar weinig Nederlandse radiozenders die hij voor Top Format niet adviseerde over de muziekkeuze of de programmering. Tegenwoordig is hij creative consultant bij het bedrijf waar hij in 1983 begon. ‘Een goedbetaald manusje-van-alles’, vertaalt hij.

Als jongen viel Van Gogh al voor de radio. ‘Vooral voor de mysterieuze, ongrijpbare kant. Het mannetje van de radio bestond echt voor me; hij praatte tegen mij.’ Gretig dook hij weg in een andere wereld. ‘Ik sloeg op de vlucht.’

null Beeld Hilde Harshagen
Beeld Hilde Harshagen

Van Gogh groeide op in Den Haag in een gehavend gezin; zijn vader en moeder waren na de oorlog halsoverkop uit Indonesië vertrokken en kampten met trauma’s. Hij was een nakomertje met gezondheidsklachten en pas 7 toen zijn vader overleed aan een hartstilstand, volkomen onverwacht.

Zijn toekomst werd bepaald door de zeezenders, Radio Veronica in de eerste plaats. Niet voor niets staat er in de vergaderruimte van Top Format een maquette van het zendschip. Van Gogh was in de jaren zeventig net oud genoeg om de laatste jaren van Veronica bewust mee te maken. Zijn bestemming zag hij voor zich toen hij in 1973, een jaar vóór het einde van de zender, een bezoek bracht aan de studio’s in Hilversum waar de programma’s van Veronica werden opgenomen.

‘Ik was een diehard fan. Ik had gebeld en mocht een dagje langskomen.’ Van Gogh maakte in villa Lapershoek kennis met onder anderen Veronica-diskjockeys Tom Collins, Stan Haag en Tineke de Nooij, en zag ze aan het werk in de studio’s. ‘Het was onvergetelijk. Ik was pas 13. Dat was het startpunt. Ik heb mijn roeping gevonden, dacht ik, dit moet mijn wereld worden.’

Kort tevoren, op 2 april 1973, was hij geraakt door een andere gebeurtenis. Het zendschip van Veronica, de Norderney, sloeg door een zware storm van de ankers en strandde op het strand van Scheveningen. ‘Mijn moeder vertelde het me de volgende ochtend. Ik ben meteen op de fiets gestapt. Er waren duizenden mensen op het strand. Het was een magisch moment om dat grote schip te zien liggen, met het woord ‘Veronica’ op de boeg.’

null Beeld Hilde Harshagen
Beeld Hilde Harshagen

Van Gogh wist wat hem te doen stond. Hij werd radiomaker. Een kleine huisstudio had hij al gebouwd. Hij meldde zich aan als vrijwilliger bij de lokale ziekenomroep en was onder het pseudoniem Erik Beekman kortstondig diskjockey bij Radio Mi Amigo, ook een zeezender. Het was zijn eerste grote stap naar de radio, hij was pas 17.

Ongewoon was dat hij, meer nog dan voor de programma’s en de muziek, viel voor de jingles van de zeezenders. Die voorliefde is niet ongewoon, zegt hij, veel mensen in het vak, vooral van de oudere generaties, delen het.

‘Jingles staken boven de muziek uit, vond ik. Het waren miniliedjes, kunststukjes, een op zichzelf staand fenomeen. En harmonisch waren ze heel interessant. Gek genoeg vielen me als jongen vooral de harmonieën op.’ Meerstemmige zang zou de rode draad in zijn loopbaan worden. En zijn handelsmerk.

Al snel wist Van Gogh waar hij moest zijn. Amerika was de bakermat. Het merendeel van de jingles van Nederlandse radiozenders werd geproduceerd in Dallas – of op z’n minst gemaakt naar Amerikaans voorbeeld. Van Gogh ging vaak naar de Texaanse stad, waar jinglegigant JAM de deuren voor hem opende. Van Gogh leerde noten lezen en leidde zichzelf op.

Vol vuur vertelt hij over de ontstaansgeschiedenis van de jingle. Over de Amerikaanse omroeporkesten die in de jaren vijftig programma’s en zenders live kleur gaven en de rol van de pioniers Bill Meeks en Tom Merriman. Wat begon als een bruggetje van het ene naar het andere item of als herkenningstune werd al snel een marketinginstrument.

‘Jingles gaven de zender kleur; ze werden de gevelverlichting en het visitekaartje. Ze werden zo aangekleed dat ze de sfeer en muzikale identiteit van de zender bepaalden. Het zijn reflecties van wat je als radiomakers wilt uitstralen.’

Nog een doel: hersenspoeling. ‘Als je maar vaak genoeg iets roept, sluipt het er bij de luisteraars wel in.’ Het voorbeeld, een onverwoestbare klassieker die lang blijft hangen, zingt Van Gogh zelf: ‘Sky Radio.’

Hij maakte de gouden jaren van het vak mee. Zijn samenvatting: ‘Rock-’n-roll.’ Er was geld als water, de budgetten waren gigantisch. ‘Iedereen wilde onze jingles hebben, we waren hot. In het begin hadden alleen de piratenzenders belangstelling, maar al snel deden de omroepen net zo hard mee.’

Vanuit een oude villa in de binnenstad van Haarlem voorzag Top Format radiozenders in heel Europa van jingles. De huidige locatie zegt veel over de sector. De villa werd een paar jaar geleden verruild voor een klimaatneutraal en gasvrij gebouw, met een kantoortuin en laadpalen voor elektrische auto’s.

Met gemengde gevoelens kijkt Van Gogh terug. Zijn perfectionisme en ambities trokken een zware wissel op hem. ‘Ik haalde nachten door en rookte per dag drie pakjes Camel zonder filter. En ik dronk liters koffie om wakker te blijven.’ Obsessief gedrag, noemt hij het zelf.

Hij hield het lang vol, tot hij in 2018 werd getroffen door een zware burn-out. Aansluitend brak hij een heup. Ook dat ziet hij niet los van zijn haast maniakale arbeidsethos.

‘Ik kon niet stoppen. Ik verloor mezelf in het werk. Het begon als een vlucht, het werd een obsessie. Maar daar heb ik ook baat bij gehad. Ik heb in dit vak een reputatie en aanzien opgebouwd, iets bereikt. En ik ben de schuchterheid en onzekerheid kwijtgeraakt die ik als kind had.’

Het boek, met zijn voornaam als titel, een foto op de cover en de toelichting ‘de Van Gogh van de jingles’, maakt een dubbel gevoel los. Top Format wilde aanvankelijk alleen de geschiedenis van de jingle vastleggen, met Van Gogh als voornaamste bron. ‘In de loop der maanden ging het in de gesprekken met Jelle Boonstra steeds meer de kant van een biografie op. Toen heb ik alles maar op tafel gegooid.’

Hij twijfelde lang. ‘Wie gaat dit nou lezen, dacht ik. Over jingles kan veel worden geschreven, maar over mij? Tot ik me realiseerde dat het een niet zonder het ander kan. Het verhaal van de jingles in Nederland is voor een groot deel míjn verhaal. Er zijn veel jinglefreaks, die vinden dit vast interessant.’

En die ondertitel? ‘Dat is ook een knipoog. Er is me vaak gevraagd of ik familie van de schilder ben. Dat ben ik trouwens ook, heel in de verte. Nu maak ik eindelijk eens een keer gebruik van die naam.’

Jelle Boonstra: Bart! – de Van Gogh van de jingles. Top Format Publishing; 352 pagina’s; € 24,90.

De favorieten van Van Gogh

Voor het radioprogramma Bert Op 5 van Bert Kranenbarg stelde Bart van Gogh vorig jaar een Top 5 samen van zijn favoriete jingles. In het online magazine dat aan Van Gogh werd gewijd zijn nog meer jingles te beluisteren, in een jingleparade.'

Vijfduizend uur jingles

Het rijkelijkst gevulde reservoir met jingles en tunes die sinds 1945 op Nederlandse radiozenders te horen zijn geweest, is Jingleweb. De niet-commerciële site is het werk van Het Genootschap Radiojingles en -tunes, waarvan de enige twee leden journalisten Jelle Boonstra en Benno Roozen zijn. De geschiedenis van de jingle komt ruim aan bod. In het archief is ruim vijfduizend uur aan jingles en tunes opgeslagen.

Meer over