'De flonkering die ik als kind voelde, is terug'

Eind vorig jaar vertelde muzikant en kankerpatiënt Thé Lau in de Volkskrant over zijn tweede roman. Zijn beste werk, zei hij toen. Juliette moet een bestseller worden, verklaarde de van nature timide auteur zelfverzekerd.

Thé Lau. Beeld Henk Wildschut
Thé Lau.Beeld Henk Wildschut

Het is ongeveer half vijf, vierenhalf uur na het begin van het interview. Het bandje loopt niet meer, de iPhone-batterij is leeg. Het is de eerste en enige keer dat Thé Lau huilt.

'Ik was laatst in Bergen op de begraafplaats aan de Kerkedijk. Daar liggen een paar honderd militairen, gesneuveld in de Tweede Wereldoorlog. Allemaal van die witte kruizen. Vooral vliegeniers, jongens van een jaar of 19. Jonge jongens. Dát is pas erg.'

Ijskoud
Even eerder vertelt Lau (62) over een inspecteur van de Belastingdienst die gisteren bij hem thuis was om een 'financieel probleem' te bespreken. 'Hij wist niet wie ik was en dacht dat ik de kanker had verzonnen om onder mijn aanslag uit te komen. En waarom, bleek later: hij vond me er zo ijskoud onder. Dat is niet waar. Ik ben er niet ijskoud onder. Ik hoef alleen niet tot elke prijs te leven.'

Zes tot negen maanden was de prognose van de artsen. Zes maanden zijn nu voorbij. Lau voelt zich 'kiplekker'. Hij zegt dat de kanker hem veel heeft gegeven. En dat hij ook wel weet hoe raar dat klinkt.

Een dubbelinterview met Patty Brard

Lau bedoelt niet alleen de erkenning, het optreden - voor het eerst - met The Scene op Pinkpop, de uitverkochte Heineken Music Hall, de overweldigende reacties op de uitzendingen van RTL Late Night waar hij twee keer te gast was en het feit dat hij ineens wordt gevraagd voor allerlei dingen waar hij voorheen nooit voor gevraagd werd, zoals een dubbelinterview met Patty Brard voor de nieuwe Margriet. 'Ik had er een enorme klik mee. Wist je dat Patty een Papoea is en dat ze gymnasium heeft gedaan? Ze heeft me uitgenodigd voor haar huwelijk - niet dat op Ibiza, maar het burgerlijk huwelijk in Amsterdam. Daar ga ik heen. Ik vond het een leuk mens.'

Nee, er is nog iets veel belangrijkers. 'De flonkering die ik als kind bij dingen kon voelen, is terug. Ik leef intenser. Dat gebeurt gewoon, ik hoef er niets voor te doen. Alles voelt heftiger. Ook boosheid, trouwens. Dan weet je niet wat je meemaakt. Mijn beste werk maak ik nu, want als ik schrijf, is mijn toon scherper dan vroeger. Ik stond vroeger nooit vroeg op, nu zit ik om 8 uur aan de koffie en schrijf ik anderhalf uur.'

Een coming of age man
Thé Lau is behalve zanger en componist ook schrijver: hij schreef drie verhalenbundels en twee romans. Die tweede, Juliette, verscheen deze week. Een 'bitterzoete coming-of-age-roman', volgens de uitgeverij, gesitueerd in de jaren zeventig, over de 19-jarige talentvolle tekenaar Robbie Morris. Hij wordt verliefd op fotografe Juliette en vertrekt in haar kielzog van Bergen naar Amsterdam. Daar gaat hij onder de hoede van de flamboyante journalist Breukhout aan het werk voor de grootste krant van Nederland.

Robbie Morris wil weg uit zijn geboortedorp, waar hij zich ergert aan de zogenaamde kunstenaars die hun dagen in het café slijten en subsidies opstrijken met minimale inspanning, zoals dat in de jaren zeventig nog kon. Het is niet voor het eerst dat Lau over Bergen schrijft, de plek waar hij werd geboren, waar hij opgroeide op het tennispark van zijn ouders en waar hij een haat-liefdeverhouding mee heeft.

'Ik hou van de omgeving, de brede kuststrook, de duinen, de vele mijmerplekken. Die omgeving is waar de rijke Amsterdammers op af zijn gekomen, die de villa's aan de Eeuwige Laan bewonen. Maar zij bepaalden niet de sfeer - dat waren de kunstenaars, een verwende zooi. Er waren erbij die het hele jaar niets deden. Af en toe moest je iets laten zien aan de subsidieverstrekkers. Een dag voor die deadline gingen ze aan de slag en met het resultaat haalden ze een modaal inkomen binnen, wat ze opzopen in het café.'

Zijn opa was kunstschilder, Lau kende de ateliers van binnen. Zelf tekende hij ook. 'Dat was mijn eerste talent, veel meer dan muziek. Ik tekende cowboys, indianen en sporthelden. In de puberteit had ik zo'n fase dat ik een beetje in de war was en ook op mannen viel. Toen tekende ik vooral discuswerpers. Daarna vond ik vrouwen mooier, dus toen tekende ik die.'

Bergen verzet
In Bergen komt Lau nu weer wekelijks om te tennissen en om te constateren dat er sinds hij wegging niks is veranderd. 'Er is één ding dat ik echt haat aan Bergen, en dat is de buitensporige zelfgenoegzaamheid die er heerst. Die creatievelingen in het café leken te denken dat Bergen op de lat Amsterdam-New York ergens in het midden lag. Maar dan toch dichter bij New York dan bij Amsterdam. En zo is het helaas nog steeds. Men kijkt niet naar buiten.'

Onnatuurlijk
Vier jaar was hij gestopt met roken, maar na zijn doodvonnis, zoals hij het noemt, is hij weer fanatiek begonnen; rode Gauloises. Hij bestelt zijn eerste witte wijn - op water leven is geen streven. 'Robbie lijkt erg op mij. We zijn allebei timide. En fanatiek. Toen ik gitaar wilde spelen, door The Beatles, maakte ik evenveel uren als iemand die concertpianist wil worden. Het optreden is voor mij een worsteling geweest. Ik ben absoluut niet exhibitionistisch van nature, zoals de meeste frontmannen, en daarom ook minder succesvol, denk ik. Als ik zou voetballen, zou ik nooit als spits worden opgesteld. Ik ben gaan zingen, omdat ik vond dat niemand anders het goed deed. Maar het gaat me niet natuurlijk af.'

undefined

MATTHEUS J. LAU (THÉ)

17 juli 1952 Geboren in Bergen
1974 Gitarist bij Neerlands Hoop
1979 Oprichting The Scene, Lau is leadzanger
1992 The Scene krijgt Popprijs
2000 Debuteert als schrijver met de verhalenbundel Sterren van de hemel
2003 Lau neemt afscheid van The Scene
2004 Debuutroman Hemelrijk
2007 The Scene komt weer bij elkaar
2010 Bereikt nummer 1 met Zing voor me, een duet met Lange Frans
2014 Afscheidstournee met The Scene, optreden op Pinkpop, op 21 juni laatste optreden in de AB in Brussel
2014 Platina Blues, soloalbum
2014 Roman Juliette verschijnt

Thé Lau. Beeld Henk Wildschut
Thé Lau.Beeld Henk Wildschut

Juliette is geen zoet liefdesverhaal; de verlegen Robbie is maar met moeite opgewassen tegen Juliette, die er een vrijgevochten seksuele moraal op nahoudt en zich gaandeweg steeds verder onderdompelt in de heroïnescene. 'Zij is onhoudbaar, de relatie is onhoudbaar en ze is zelfdestructief, maar Robbie pikt alles. Hij is geobsedeerd door haar als kunstenares en ziet haar als veruit superieur aan al die klojo's in het dorp.'

De heroïne groeide binnen Paradiso
Lau begon vijf jaar geleden met het schrijven van Juliette en voerde vele voorbereidingsgesprekken, met journalisten, fotografen en columnisten en kenners van het Amsterdamse drugsgebruik in de jaren zeventig. 'Ik was kind aan huis in Paradiso en daar zag ik het heroïnegebruik groeien. Het werkte als een magneet. Ik heb het zelf nooit gedaan. Wel per ongeluk opgesnoven, omdat het zonder dat ik dat wist was versneden met coke. Ik heb mijn ingewanden uit mijn lijf gekotst. De mensen die het gebruikt hebben, zeggen dat het de meest verrukkelijke drug is die er is - in het begin. Daarna vreet het je van binnenuit op.'

Morfine, daarmee heeft Lau meer ervaring, maar dat was vorig jaar en onder medische begeleiding. 'Een aan heroïne verwante drug. Ik snapte meteen hoe je eraan verslaafd kunt raken. Het bracht me in allerlei typen roes. Het was alleen maar mooi en warm. Morfine is positief, heel anders dan speed of coke. Dat zijn ijskoude, destructieve drugs. In Juliette laat ik Robbie een snuif nemen; hij voelt het ijskoude vuur achter zijn ogen oplaaien.'

De cocaïne ook
Zijn eerste verhalenbundel, Sterren van de hemel, schreef Lau helemaal op cocaïne. 'We hadden kleine kinderen, ik gebruikte het toch al en ik zag het als de enige manier om 's nachts te kunnen schrijven. Met een fles wijn en een pakje coke schreef ik de hele nacht door. Tijdens een dubbelinterview met operazangeres Miranda van Kralingen zei zij dat ze het een goed boek vond, maar ze vroeg ook - het was live op de radio - of ik dat boek op een of ander middel had geschreven. Ja, zei ik, ik heb het op coke geschreven. Dat dacht ik al, zei ze. Ze had de kilheid gelezen. Heel erg vond ik dat. Ik wilde natuurlijk totaal geen kil boek schrijven.'

Stoppen was niet moeilijk. 'Mijn dealer kreeg verkering en stopte met zijn handel. Ik belde hem weer eens op, en hij zei: hé man, ik ben ermee gestopt. Ik hoorde mezelf zeggen: ik bij dezen ook. Sindsdien heb ik het nooit meer gedaan, maar binnenkort gaan Marijke en ik een week naar het huis van Barry Hay op Curaçao, op zijn uitnodiging. Ik moet je eerlijk bekennen dat een van de dingen die ik dacht, was: als er érgens een lijntje te scoren is, dan is het wel op Curaçao. Het lijkt me nog wel één keer lekker. Kijken wat er gebeurt.'

Lau is even afgeleid door een man op een fiets die het terras in de Amsterdamse Spaarndammerstraat passeert. 'Hé, kijk, Rob Oudkerk, dat is toevallig. Die woont hier ook nog steeds in de buurt.'

Geen vrouwenboek
Uitgever Oscar van Gelderen van Lebowski had ooit na een avondje doorzakken tegen Lau gezegd dat hij 'De Grote Vrouwenroman' moest gaan schrijven. 'Niemand schrijft zo mooi over vrouwen als Thé Lau', zegt Van Gelderen. Lau: 'Dat is vleiend, maar ik weet niet of dat waar is. Juliette is geen vrouwenboek geworden. Wel een boek waarin een vrouw de absolute hoofdpersoon is.'

Anders dan de flamboyante journalist Breukhout, in wie sommigen (terecht) de in 2002 overleden Telegraaf-popjournalist Jip Golsteijn zullen herkennen, is Juliette niet gebaseerd op een bestaande vrouw. In een eerdere versie van het manuscript was dat wel zo: een ex van Lau. 'Maar die bleek niet interessant genoeg - daarom is het een ex, denk ik. Ze was eigenlijk heel saai.'

Meer kapot dan opgebouwd
Getourmenteerde liefdes leiden niet tot stabiele gezinnen, zei hij ooit. 'Met die ex was het zo'n liefde, al is getourmenteerd eigenlijk niet het goede woord. Er ging meer kapot dan er opgebouwd werd. Het heeft genant lang geduurd, tien jaar, voor ik inzag hoe saai ze was. Ik ben dolblij dat daar geen kinderen uit voortgekomen zijn, anders had ik nu een hoop gezeik gehad. Het algemene beeld is dat mannen vrouwen kapot kunnen maken, maar omgekeerd kan ook. De manier waarop vrouwen dat doen, is door continu twee dingen te attaqueren: zijn seksualiteit en zijn talent. Het is voor een vrouw makkelijk om een man te laten twijfelen aan zijn seksuele vermogens. Ik heb het meegemaakt, en ik ben niet de enige.'

De versierde en de versierder
Lau was 32 toen hij Marijke Klasema ontmoette. 'Net als Robbie Morris laat ik mij uit de menigte pikken. Ik ben door Marijke versierd, niet omgekeerd. Dat vind ik helemaal niet erg, zelfs leuk. Ik kan niet versieren.'

Klasema was succesvol producent bij IDTV, inmiddels beheert ze al jaren zijn zaken en agenda. 'Het is zeer de vraag wat er zonder Marijke van mij was geworden. Ik voelde dat gelijk toen ik haar ontmoette. Marijke is het soort vrouw dat, wanneer ze kiest voor een man, gaat bouwen aan een man. Door aan te moedigen, bijvoorbeeld. Dat is de hoofdmoot. Zij zei dat ik het kon, in plaats van dat ik het niet kon, of erger nog: je kan het tóch niet. De aanmoediging had ik enorm nodig. Marijke heeft jarenlang tegen me gezegd: trek die jas aan! Ze bedoelde: wees wie je bent.'

Over zijn zoons Max (26) en Oscar (20) schrijft Lau in het dankwoord van zijn nieuwe boek. 'Als Juliette kinderen had gekregen, waren zij die kinderen geweest.'

Dood zonder vonnis
Het boek, geschreven ver voor het doodvonnis, is vol van dood. Het is niet zo dat het geschrevene voor Lau nu een andere lading heeft. Laconiek: 'Ik ben eigenlijk best oud, hoor. Er zijn veel mensen die veel jonger doodgaan. Veel mensen worden boos: waarom ik? Dat heb ik nooit gehad. Misschien is dat mijn fatalistische instelling. Voor Marijke en voor mijn kinderen, voor hen is het erg. Voor mij niet. Mijn boekenkast staat vol met ordners; alles wat ik gemaakt heb. Ik heb niet stilgezeten. En dan is het ook nog zo dat ik, in mijn optiek, mijn beste werk nu pas maak.'

Contrareactie
Het heeft iets wrangs, die plotselinge herwaardering voor Lau en The Scene, een band die in de afgelopen tien jaar op de radio nauwelijks gedraaid werd - tot de uitzending van RTL Late Night, begin april, toen Lau live op televisie vertelde dat hij niet lang meer te leven heeft. 'Ik zie dat niet zo. Je hebt er niets aan om zo te denken. Ik kon twee dingen doen: mijn verhaal vertellen of het stilhouden en thuis gaan zitten wachten. Ik ken twee voorbeelden van mensen die het stil hebben gehouden en voor zover ik weet niet op een prettige manier hun graf in zijn gewandeld. Zij wilden nog maar weinig mensen zien, geloof ik - ik heb voor een andere reactie gekozen. Het interview met Humberto Tan voelde als een coming out. Echt, het voelde zoals ik denk dat een homo zich voelt als hij uit de kast komt.'

De twijfel was daarna in één klap weg. 'Als artiest beland je op een gegeven moment in een twilight zone; mensen zijn op je uitgekeken, er zijn andere, nieuwere acts. Sommigen reageren daar laconiek op. Ik niet, ik ga aan mezelf twijfelen, denken dat het niet goed genoeg is. Dat hoefde nu niet meer. Onze nummers stonden weer in de iTunes Top 50, op Pinkpop stonden de eerste rijen vol huilende mensen. Ik had van de brug kunnen vallen, en dan hadden de wolken zich boven me gesloten terwijl ik had gedacht: niemand luistert meer naar me, het is voor niets geweest. Misschien was er dan na mijn dood ook wel erkenning gekomen. Ik ben blij dat ik het nu kan meemaken.'

Juliette moet een bestseller worden, zegt Lau zelfverzekerd. Maar dat is niet alles. Zijn laatste album, Platina Blues, - geschreven in het ziekenhuis, een 40 minuten durende morfinetrip - zal in het Engels worden vertaald, want het heeft 'de potentie van een wereldsucces'. En hij zou er eigenlijk ook nog wel mee willen optreden. 'Misschien dat ze zullen zeggen: ja hallo, het afscheidsoptreden was toch al geweest, hij ging toch dood? Dat zouden ze kunnen zeggen. En dat maakt me dan helemaal niets uit.'

Thé Lau. Beeld Henk Wildschut
Thé Lau.Beeld Henk Wildschut
Meer over