Theater

De complexe thematiek van identiteitspolitiek verzuipt in flauwiteiten★★☆☆☆

Slechts twee acteurs tonen lucide momenten in de volvette satire Hollandsch Glorie van Oostpool.

Hollandsch Glorie van Toneelgroep Oostpool. Beeld Joris van Bennekom
Hollandsch Glorie van Toneelgroep Oostpool.Beeld Joris van Bennekom

Op papier is het een vrij geniaal idee: een historisch themapark als metafoor voor het verhitte identiteitsdebat. Zeker als dat park is bedacht door Jan Hulst en Kasper Tarenskeen, met hun grote historische bewustzijn, uitgekiende taalgebruik en scherpe antenne voor het nu. De twee theatermakers, deel van de artistieke kern van Toneelgroep Oostpool, schreven de volvette satire Hollandsch Glorie, de nieuwe productie in het openluchttheater in het Amsterdamse Bos. De voorstelling is een samenwerking van het complete nieuwe Oostpoolteam, in regie van het jonge talent Charli Chung, onder supervisie van artistiek directeur Daria Bukvic en met een grote, meest jonge, biculturele cast. Dat kon haast niet misgaan, maar dat deed het helaas toch.

We bevinden ons in het Nationaal Historisch Museumpark – een verwijzing naar de soap rond het mislukte Nationaal Historisch Museum. Hier zien verveelde schoolklassen al tien jaar een gedateerde educatieve show over de evolutie van de aapmens, gepresenteerd door de driftige, zelfingenomen regisseur Pieter (Thijs Römer). Acteurs in apenpak klauteren over de helgroene tribune en vergrijpen zich beurtelings langdurig aan het enige vrouwtje. Uiteraard meldt zich op zeker moment luidkeels een woke puber uit het publiek, en dan besluit de nieuwe leiding van het park, een ‘interracial lesbisch powerkoppel’ de show te ‘cancellen’. Wat nu? Onder de medewerkers breekt vervolgens een existentiële crisis uit, want welk verhaal dient hier nu eigenlijk te worden uitgedragen? Wie zijn ‘wij’, en wat is nog onze gedeelde identiteit?

Dat is op zich interessante materie voor een analyse van de tijdgeest, maar daarin schiet Hollandsch Glorie helaas te kort. Razendsnel worden de bekende stellingen betrokken: de een verlangt een groots eerherstel van de glorietijd van de VOC, zonder enig oog voor de gruwelijke keerzijde. Pieter mijdt liever elke discussie en steekt zijn kop diep in het zand. De hippe woke coach censureert alom onwenselijk taalgebruik en de jonge generatie pleit voor een snoeihard ‘Schaampark’, waar bezoekers zich therapeutisch kunnen komen schamen voor elke misstand in het verleden.

Dat laatste is een gemiste kans: schaamte als noodzakelijk onderdeel van voortschrijdend inzicht, én hardnekkig obstakel in het debat, is een interessante nieuwe invalshoek. Maar de makers reduceren die complexe thematiek tot een platte spelshow waarbij een boze voice-over enkel een vermanend ‘Schaam je!’ herhaalt. Zo verzuipt een potentieel interessant idee in flauwiteit. Dat komt ook door het volstrekt overtrokken spel, met louter grote gebaren, en slecht uitgewerkte, eendimensionale personages.

Twee acteurs, en hun personages, vormen de uitzondering: Fjodor Jozefzoon en Ntianu Stuger. Stuger vertegenwoordigt kalm en soeverein de redelijke stem in het debat (hoewel haar voortdurend onterecht een te felle toon wordt verweten), en Jozefzoon eist vol schwung en bravoure zijn eigen autonomie op, doordat hij weigert zich door woke activisten in een hokje te laten plaatsen. In een paar fraaie, lucide momenten tonen zij wat deze voorstelling had kunnen - nee, moeten - zijn.

Hollandsch Glorie

Theater

★★☆☆☆

Door Toneelgroep Oostpool i.s.m. het Amsterdamse Bostheater.

Regie Charli Chung. Met o.a. Thijs Römer, Yara Brand, Laura De Geest, Fjodor Jozefzoon en Joep Paddenburg.

3/7, Bostheater, Amsterdamse Bos. Daar t/m 28/8.

Meer over