Beeldende kunst

De collectiepresentatie van het Stedelijk Museum Amsterdam getuigt van de veranderdrang van directeur Rein Wolfs ★★★★☆

In Tomorrow Is a Different Day wordt in Jeff Koons’ varkentje bijvoorbeeld niet omringd door andere ‘iconen’, maar door feministische kritiek.

Zaalopname Tomorrow is a Different Day - 1980 - Heden. Foto: Gert-Jan van Rooij Beeld K2 / Eenmalig
Zaalopname Tomorrow is a Different Day - 1980 - Heden. Foto: Gert-Jan van RooijBeeld K2 / Eenmalig

‘Meet the icons of modern art’, die slogan kon echt niet meer, vond Rein Wolfs, directeur van het Stedelijk Museum Amsterdam. Maar wat is een collectiepresentatie zonder iconen? Het jongste deel van de collectie is sinds kort te zien: opgefrist en flink door elkaar gehusseld.

Over iconen mogen we het van Wolfs dus niet meer hebben. Dat begrip is ‘historisch belast’, vindt hij. Het leunt inderdaad zwaar op de heersende kunstgeschiedenis, waarin alleen witte mannen de dienst lijken uit te maken. Toch prijkt daar op een sokkel in de eerste zaal van Tomorrow Is a Different Day dat bekende en verguisde varken van de Amerikaan Jeff Koons (66). Een kitscherig beeld, groot opgeblazen, door een grote naam en jawel, zo’n beroemde witte man.

Hier wordt Koons’ varkentje echter niet, zoals in de eerdere collectiepresentatie, omringd door andere ‘iconen’ als Damien Hirst of Donald Judd, maar door feministische kritiek. Het wordt geflankeerd door een doek van Marlene Dumas (67), Big Artists (1991): een rij poppen die niet zozeer bezig lijken met kunst, maar met hun eigen gezwollen pikken. Het is alsof Koons, die zelf ooit zijn seksleven als onderwerp nam voor kunst, door Dumas en de andere vrouwen in deze zaal even flink op zijn plek wordt gezet. Plagerig gecastreerd misschien zelfs?

Zo’n entree past helemaal bij de geëngageerde toon van Wolfs, die kritisch naar de collectie en de kunstgeschiedenis wil kijken. Afgelopen winter liet hij in Small World Real World, een voorproefje van deze collectiepresentatie, al zien dat hij van verrassende combinaties houdt. Daar hing hij bijvoorbeeld schilderijen van de Syrisch-Amerikaanse dichter, essayist en kunstenaar Etel Adnan (96) naast een schilderij van de Russische suprematist Kazimir Malevitsj (1879-1935). Dat deed denken aan de draai die het Museum of Modern Art in New York maakte toen de collectiepresentatie in 2019 heropende en Picasso’s Les demoiselles d’Avignon uit 1907 plotseling in een zaal hing met Faith Ringgolds schilderij Die (1967), over raciaal geweld.

Zulke wilde sprongen in tijd maakt het Stedelijk niet. De collectie wordt gepresenteerd in drie grote tijdvakken: kunst vóór 1945, de periode 1945-1980 en kunst na 1980. Maar ook binnen zo’n periode kan de boel worden opgeschud, zoals nu is te zien bij Dumas en (of moet ik zeggen versus?) Koons.

Verderop hangt de gigantische, glimmende flessendoppenwandsculptuur van de Ghanese kunstenaar El Anatsui (77) pal tegenover het grote schilderij Radioaktiver Abfall (1992) van de Duitse kunstenaar Sigmar Polke (1941-2010). Die verdragen elkaar verrassend goed, qua kleur (geel, oranje, zwart), formaat en patroon. Zulke onverwachte ontmoetingen zorgen dat Tomorrow Is a Different Day meer aanvoelt als een tijdelijke tentoonstelling dan als een collectiepresentatie.

In die titel – ‘Morgen is een andere dag’ – hoor je de veranderdrang van Wolfs, die zijn agenda waarmaakt met opvallend veel kunstenaars van kleur. En bijna de helft van de kunstenaars die te zien zijn is vrouw. Veranderdrang kenmerkt ook de kunst: elke zaal is ingericht rondom een onderwerp dat moet laten zien dat kunstenaars de toekomst mede (proberen te) bepalen.

Zulk engagement past bij het recentste deel van dit tijdvak en daar (na 2000) ligt dan ook duidelijk het zwaartepunt. De aankopen die Wolfs sinds zijn aantreden in december 2019 heeft gedaan, zijn opvallend goed vertegenwoordigd in de tentoonstelling. De maffe elektriciteitskastjes van Klara Lidén (41) passen bijvoorbeeld akelig goed bij Marlene Dumas’ schilderij The Neighbour (2005), gebaseerd op de moordenaar van Theo van Gogh, Mohammed Bouyeri.

Rond een van Wolfs’ eerste aankopen, een geometrische wandsculptuur van Remy Jungerman (62), is zelfs een hele zaal ingericht vol kunst van Surinaams-Nederlandse kunstenaars die, zoals de zaaltekst vermeldt, ‘het witte museale raamwerk’ willen kraken. Daar ontstaan geen spannende botsingen, maar een behoorlijk rechttoe-rechtaan lesje recente kunstgeschiedenis. Dat zal bezoekers mooi van pas komen wanneer Jungerman deze winter een solotentoonstelling krijgt.

Ten opzichte van de eerdere, liefdeloze presentatie Base 2 (die toch aanvoelde als: ‘o ja, deze kunstwerken konden we in de kelder niet kwijt’) is de collectie recente kunst nu echt tot leven gewekt. Het museum staat daarmee ook stevig in de heersende internationale discussies over de witte kunstcanon. Maar Wolfs slimme strategie, recente aankopen door de collectie strooien, zal in de andere tijdvakken niet werken, daar is het museumbudget niet naar.

Het maakt nieuwsgierig naar zijn omgang met de ‘oudere’ kunst uit de collectie: hoe zorgt het museum daarbij voor diversiteit en nieuwe perspectieven? Moeten we de hoop vestigen op ‘verborgen schatten’ en gaan we ontdekken dat die perspectieven altijd al ergens in het depot opgeborgen lagen? Het zal mij benieuwen. Volgend jaar gaan we het zien.

Tomorrow Is a Different Day

Beeldende kunst
★★★★☆
Stedelijk Museum Amsterdam

Meer over