BoekenInterview Dave Eggers

Dave Eggers: ‘Dankzij Amazon en Apple leven we als goudvissen in een kom’

In zijn nieuwe satirische roman Het Alles beschrijft Eggers het verzet tegen een fictieve intermoloch, die de macht heeft over alle individuele levens.

Dave Eggers: ‘Het is een afschuwelijk toekomstbeeld, maar wel plausibel.’ Beeld Hollandse Hoogte / Redux Pictures
Dave Eggers: ‘Het is een afschuwelijk toekomstbeeld, maar wel plausibel.’Beeld Hollandse Hoogte / Redux Pictures

‘Het internet is ooit begonnen als een idealistisch, democratisch en egalitair platform. Maar tegen de tijd dat ik in 2013 De Cirkel publiceerde, was het verworden tot een middel om macht te verwerven, toezicht te houden en heel veel geld te verdienen. In heb de San Francisco Bay Area, waar ik woon, tussen de vroege jaren negentig en 2005 geweldig zien veranderen. Het was verbijsterend, zelfs angstwekkend, om te zien hoe steeds meer mensen in die periode bereid bleken steeds verdergaande inbreuken op hun privacy te tolereren. Die ervaring heb ik toen verwerkt in mijn roman. Zonder direct een vervolg in gedachten te hebben ben ik daarna steeds materiaal over dat onderwerp blijven verzamelen.’

Aldus Dave Eggers (51), geen technofoob, maar wel iemand die zeer hecht aan privacy. Pas tijdens de lockdown installeerde hij een wifiverbinding in zijn huis, zodat zijn zoon online lessen kon volgen. Interviews verlopen via een Zoomverbinding met zijn uitgever, waarop hij dan weer inbelt. Met een ouderwetse flip phone, dus zonder beeld.

In De Cirkel beschreef Eggers een wereld waarin één bedrijf – De Cirkel genaamd – het monopolie heeft verkregen op alle wereldwijde internetactiviteit, inclusief sociale media en betalingsverkeer. In het zojuist verschenen vervolg Het Alles (The Every) is De Cirkel inmiddels gefuseerd met de grootste internetwinkel ter wereld (‘vernoemd naar een Zuid-Amerikaanse jungle’). De nieuw ontstane moloch is het rijkste bedrijf dat de wereld ooit heeft gekend en noemt zich, wars van valse bescheidenheid, Het Alles.

Het Alles helpt zijn dankbare klanten met alles. Het bedrijf levert polsbandjes die al je gezondheidsgegevens verzamelen (verplicht gesteld door alle verzekeringsmaatschappijen), verschaft een nuttige app om mensen die zich niet netjes gedragen te shamen, een app om te controleren of iemand de waarheid spreekt, een app om te zien of je de zojuist verorberde maaltijd lekker vond, een app om te zien of je een orgasme hebt bereikt tijdens je laatste sekscontact, enzovoort. Dankzij Het Alles hangen bijna overal camera’s (veilig gevoel!) en waar dat niet het geval is, wordt de burger daar expliciet voor gewaarschuwd.

Iedereen is blij met Het Alles. Nou ja, bijna iedereen. Er is een jonge vrouw, Delaney Wells – een spiritueel achternichtje van Facebook-klokkenluider Frances Haugen – die ernstige bedenkingen heeft. Zij solliciteert naar een functie binnen het bedrijf en is van plan het van binnenuit te saboteren. Samen met een technologisch onderlegde vriend probeert ze steeds absurdere apps te bedenken: apps die zó strijdig zijn met het principe van de vrije wil, die zó ingaan tegen de essentie van het mens-zijn, dat het publiek wel in opstand móét komen en Het Alles zijn eigen graf graaft. Dat is althans de theorie. De praktijk blijkt weerbarstiger.

Waarom besloot u een vervolg te schrijven op De Cirkel?

‘De laatste tien jaar is het me opgevallen dat mensen steeds minder vertrouwen krijgen in hun eigen oordelen, in menselijke oordelen in het algemeen en in hun vermogen om beslissingen te nemen. Dat laten we steeds meer over aan data, algoritmen, AI (kunstmatige intelligentie). Bij sportwedstrijden maken we gretig gebruik van technologieën als de VAR. Er is een geweldige behoefte ontstaan om subjectiviteit en alles wat ook maar enigszins onverwacht of mysterieus is uit de menselijke ervaring weg te snijden. En dan heb ik het niet alleen over scheidsrechters bij sportwedstrijden, maar ook over leraren, luchtverkeersleiders, rechters, noem maar op.’

Komt dat doordat de techniek er nu eenmaal is of speelt er nog iets anders?

‘Ik denk dat het van beide kanten komt. De technologie belooft zekerheid en optimalisatie. Aan de andere kant hebben mensen altijd hun verantwoordelijkheden willen ontlopen. En bedrijven zijn maar al te graag bereid hulpmiddelen te verkopen die je van die last bevrijden. Ik ben altijd geïnteresseerd geweest in wat de menselijke soort verlangt en bereid is in ruil daarvoor te accepteren. Dat is van meet af aan een heel belangrijke factor geweest bij de ontwikkeling van het internet en de hoofdreden dat er zulke machtige monopolisten zijn ontstaan. Amazon is een roofdier. Maar wij voelen ons vaak wel prettig bij monopolisten. Ze geven ons een gevoel van orde en overzicht.’

Orde en overzicht in de informatiechaos?

‘Ja. Een van de vroege inspiratiebronnen voor Het Alles lag in de ervaringen van een vriendin van mij, die klinisch psycholoog is op een grote universiteit. Zij vertelde me dat aankomende studenten vaak al voor hun studie echt is begonnen compleet gestrest zijn door alle keuzemogelijkheden en de verpletterende hoeveelheid binnengekomen boodschappen van de universiteit die ze moeten lezen en beantwoorden. Steeds meer studenten blijken onder de overload te bezwijken.

‘Als er dan een systeem is dat zegt: ‘Wij kunnen die informatiestromen voor je reguleren, de vragen die worden gesteld voor je beantwoorden, zorgen voor je ideale dag- en weekindeling. Als je je aan deze en deze richtlijnen houdt komt alles goed’ – dan is het begrijpelijk dat steeds meer mensen die helpende hand graag zullen aannemen.’

Veel van de apps die Het Alles introduceert komen akelig dicht in de buurt van wat er de laatste jaren in werkelijkheid is ontwikkeld.

‘Ik ben drie jaar geleden aan mijn boek begonnen en heb gedurende het schrijven talloze malen door mij verzonnen apps moeten schrappen of aanpassen, om de simpele reden dat ze tijdens het schrijfproces al in werkelijkheid op de markt waren gekomen.’

Waar en wanneer vindt dat schrijven bij u plaats?

‘Vroeger schreef ik het liefst van 10 uur ’s avonds tot 4 uur in de ochtend. Ik wilde graag wakker zijn als iedereen sliep en ik niet werd gestoord door de telefoon. Nu ik twee kinderen heb werkt dat niet meer, dus is dat het klassieke 9-tot-5 geworden. Aanvankelijk schreef ik in een verbouwde garage, maar tegenwoordig heb ik mijn schrijfplek op een boot in de baai van San Francisco. Dat had ik veel eerder moeten doen.’

Uw boek is onder meer een satire over de behoefte alles meetbaar te maken en in cijfers uit te drukken. Dat begint al met de inhoudsopgave. Die geeft indicaties van ‘leestijd’, ‘match’ en ‘aggregatie lezersscore’. Als je die indeling beter bekijkt, blijkt ze pure onzin te bevatten.

‘De inhoudsopgave maakte ik als allerlaatste en ik had er veel lol in. Je ziet op steeds meer websites vermeld hoeveel leestijd een bepaald artikel vergt. Alsof je je van tevoren tegenover de lezer verontschuldigt dat je iets te lezen aanbiedt en er daarom haastig bij zegt dat de pijn slechts zoveel minuten zal duren. En dan ‘match’! Netflix vertelt je dat een bepaalde film of serie zoveel procent match heeft. Match met wat? Dat hele woord is nergens op gebaseerd, gewoon een betekenisloos getal. Ik heb in mijn inhoudsopgave dan ook maar wat ingevuld: er zijn cijfers die verwijzen naar hoofdstukken die niet bestaan, er staan onmogelijke waarderingen in, enzovoort. Maar de werkelijkheid is dat, in een chaotische wereld als de onze, harde cijfers mensen geruststellen.’

Om subjectiviteit zoveel mogelijk uit te bannen wordt in Het Alles van alle beoordelingen een gemiddelde vastgesteld. Zo hoef je nooit meer een slecht boek te lezen, een slechte film te zien of naar een overschat schilderij te kijken, Da Vinci’s Het laatste avondmaal bijvoorbeeld.

‘Opnieuw: wij mensen zijn doodsbang geworden voor het onverwachte. Het allereerste hoofdstuk dat ik schreef – in het boek uiteindelijk hoofdstuk XXI – gaat over een door hoofdpersoon Delaney georganiseerd personeelsuitje naar een strand waar zich zeeolifanten ophouden. Nog voordat de trip begint, heeft ze al een overstelpende hoeveelheid berichtjes gekregen met gedetailleerde vragen. Welke kleding en schoeisel zijn geschikt? Waarom is er geen paklijst? Is de lunch geschikt voor mensen die lactose-intolerant zijn? Rijdt de bus op biobrandstof? Welk merk zonnebrand is Delaney van plan mee te nemen? Wordt er voor water gezorgd? Zijn er katoenen pleisters beschikbaar? Heeft de bus wifi?’

En dat is nog maar het begin. Wat volgt, is geen gekmakende kakofonie van meningen over de politieke correctheid van de cateraar, de kwaliteit van de muziek tijdens de bustocht en de deugdzaamheid van de betrokken muzikanten (‘Otis Redding was een vrouwenhater’).

Als de groep ten slotte, aangekomen op het strand, geconfronteerd wordt met de wrede informatie dat menig zeeolifantenjong ten prooi valt aan haaien, verhongering of verdrinking is de hysterie compleet. Delaneys trip wordt algemeen beschouwd als een bijna misdadig debacle. Later zal iemand tegen haar zeggen: ‘Dat uitje van jou was het meest riskante sinds een jongen iedereen meenam naar Modesto om te bowlen en buffalo wings te eten.’

Delaneys mislukte dagtripje lijkt een cynische knipoog naar de ‘safe spaces’ die universiteiten hebben ingesteld, en waar je als student gevrijwaard blijft van jou onwelgevallige meningen.

‘Ik denk dat het belangrijk is jongeren inzichten mee te geven die ze in staat stellen zich in de wereld te handhaven. Er zullen zich altijd onverwachte dingen voordoen, je zult regelmatig geconfronteerd worden met afwijkende meningen. De campus van Het Alles is een uitvergroting van wat je nu op sommige universiteiten ziet. Het Alles heeft ervoor gezorgd dat zijn medewerkers in een hermetisch afgesloten bubbel leven. Er gebeurt niets onverwachts en inderdaad: dat verlaagt het stressniveau. Maar leven als een goudvis in een kom bevordert niet bepaald je creativiteit. Je moet met slechte ideeën kunnen komen, die vervolgens worden bekritiseerd, alvorens je een goed idee ontwikkelt. In Het Alles heeft al jarenlang niemand meer een werkelijk nieuw idee gepresenteerd. Dus kopen ze andere bedrijven die wél ideeën hebben. Dat is geen bizarre toekomstvisie. Apple koopt nu al gemiddeld één bedrijf per week.’

Dave Eggers. Beeld Hollandse Hoogte / Redux Pictures
Dave Eggers.Beeld Hollandse Hoogte / Redux Pictures

Sommige ideeën die Het Alles aanbiedt plaatsen de lezer voor een duivels dilemma, want ze klinken zo gek nog niet. Zo heeft het bedrijf een app ontwikkeld waarmee je, met behulp van een virtual realitybril, een 3D-wandeling kunt maken door Venetië en andere door toerisme bedreigde plekken. Reizen is niet meer nodig, met alle heilzame gevolgen van dien.

‘Ik houd van de omschrijving duivels dilemma, want wat ik heb geprobeerd is om een groot aantal uitvindingen van Het Alles in elk geval op een oppervlakkig niveau aantrekkelijk te maken. We leven in een wereld waarin elk land zijn eigen regels heeft en er over heel veel zaken geen bindende afspraken bestaan. Dat maakt het buitengewoon moeilijk om op effectieve wijze mondiale zaken als klimaatverandering en de verwoestende gevolgen van het toerisme aan te pakken. Als je daarentegen een monopolistische organisatie hebt met de macht om dat soort zaken te sturen, kan dat wel. Ik denk dat je als je honderd mensen – vooral jongeren – de keuze geeft tussen het huidige systeem en dat van een almachtige organisatie die dingen voor elkaar krijgt en de planeet redt, een meerderheid voor dat laatste zal kiezen.

‘Hetzelfde geldt voor toezicht. Camera’s op elke straathoek tasten je privacy aan, maar helpen ook bij het oplossen van misdaden. Veel mensen bezitten smart speakers, waarvan bekend is dat ze meeluisteren met wat er in huis gebeurt, waarna die informatie door algoritmen wordt geanalyseerd. Als iemand voorstelt om het in huis plaatsen van een smart speaker verplicht te stellen, ter bestrijding van huiselijk geweld, zullen veel mensen daar het nut van inzien. Want is privacy nu echt belangrijker dan misdaadbestrijding? Vroeg of laat zal iemand dit voorstellen en het is interessant te zien wat er dan gebeurt.’

U vertelde dat het eerste hoofdstuk dat u schreef uiteindelijk hoofdstuk XXI is geworden. Ontstaat de structuur van uw boeken al schrijvend?

‘Meestal maak ik geen schema als ik aan een boek begin, maar de paar keren dat ik dat wel deed, bleek het best handig. Toch houd ik er nog steeds geen vaste methode op na. Meestal schrijf ik losse hoofdstukken. Als ik ’s morgens wakker word en zin heb om over zeeolifanten, een surfongeluk op zee of het verbod op huisdieren te schrijven, dan doe ik dat. De juiste volgorde van die hoofdstukken volgt dan een paar maanden later wel.’

Is er een zin of passage in Het Alles waar u bij uitstek tevreden over bent?

‘Ik houd van het hoofdstuk waarin Delaney haar collega’s van Het Alles probeert duidelijk te maken hoe je met behulp van AI kunstwerken kunt verbeteren. Hoe schrijvers betere boeken kunnen schrijven bijvoorbeeld. De gesprekken die zich vervolgens ontspinnen vind ik erg grappig. Delaney houdt haar pleidooi natuurlijk in de overtuiging dat het een krankzinnig idee is dat moet bijdragen aan de uiteindelijke teloorgang van Het Alles. Tot haar verbijstering is iedereen laaiend enthousiast.’ Spottend: ‘Want natuurlijk is het een feit dat de literatuur al eeuwen wacht op het moment dat AI-tools haar eindelijk komen perfectioneren.’

In De Cirkel waren personages als Mercer en Kalden – die zich tegen de gevaren van de digitale monopolist verzetten – weliswaar onsuccesvol, maar ze bleven trouw aan hun idealen. Zonder te spoileren: Het Alles slaat een andere toon aan. Is het een pessimistischer boek?

‘Terwijl ik het boek schreef had ik het ene moment het grootste plezier om de beschreven absurditeiten en het andere moment pure angstaanvallen omdat die afschuwelijke toekomstbeelden zo plausibel waren. Toch beschouw ik mijzelf niet als een pessimist. Ik geloof in de mensheid en ik blijf hopen dat we een manier zullen vinden om aan die toekomstvisie te ontsnappen. Maar daarvoor moeten we eerst tot bepaalde inzichten komen. Dat is het punt van mijn boek. Ik schets een duister pad dat we hopelijk kunnen vermijden als we wakker worden.’

Dave Eggers: Het Alles. Uit het Engels vertaald door Elles Tukker, Gerda Baardman en Lidwien Biekman. De Bezige Bij; 512 pagina’s; € 24,99.

Wie is Dave Eggers

Dave Eggers werd op 12 maart 1970 geboren in Boston. Hij debuteerde in 2000 als romanschrijver met het wervelende A Heartbreaking Work of Staggering Genius, waarin hij beschrijft hoe hij op zijn 21ste beide ouders verloor en achterbleef met de zorg voor zijn 8-jarige broertje Toph. Uit veel van de boeken die volgden blijkt een grote maatschappelijke betrokkenheid. Met What Is the What (2006), dat verslag doet van de gevolgen van de burgeroorlog in zuidelijk Soedan, bevestigde Eggers zijn status van een van de groten van zijn generatie.

Het non-fictiewerk Zeitoun (2009) beschrijft het even tragische als absurdistische lot van een Syrische Amerikaan in de nasleep van de orkaan Katrina. A Hologram For the King (2012) richt zich op onder meer het verschijnsel globalisering. In The Monk of Mokha (2018) vertelt Eggers het (historische) verhaal van een jonge Jemenitische Amerikaan die de befaamde koffiecultuur uit het land van zijn voorouders naar de VS wil brengen, maar verstrikt raakt in de burgeroorlog in Jemen.

The Parade (2020) beschrijft een land dat zojuist een burgeroorlog achter de rug heeft en waar ontwikkelingswerkers een weg aanleggen ter meerdere eer en glorie van het nieuwe regime. Binnen de VS zette Eggers zich onder meer in voor betere arbeidsomstandigheden van leraren.

In 1998 richtte hij zijn eigen uitgeverij op, McSweeney’s, die onder meer werk publiceerde van Michael Chabon, David Foster Wallace, Joyce Carol Oates, Stephen King en Eggers zelf. In 2002 stichtte hij 826 Valencia, een non-profit schrijfschool voor jongeren van 6 tot 18 jaar. Er zijn nu acht van deze centra in de VS.

Verzet tegen Amazon

‘Een roofdier’, zo omschrijft Eggers de firma Amazon. Uit protest tegen dit machtige internetbedrijf heeft hij besloten dat de hardcovereditie van The Every (dat 32 verschillende omslagen heeft) uitsluitend in de onafhankelijke boekhandel te koop zal zijn. ‘Dat was met alle bestaande distributiecontracten nog best lastig te realiseren’, aldus de schrijver. Pas 19 november verschijnen de paperback, het e-book en het audioboek, die ook via Amazon verkrijgbaar zijn.

Meer over