Dansende Julia valt meer op Paris dan op Romeo

Op voorhand dringen zich twee vragen op bij de voorstelling Romeo en Julia die Ola Mafaalani heeft gemaakt bij Toneelgroep Amsterdam....

Beide elementen zorgen eveneens op voorhand voor de nodige opwinding, want in combinatie met het regietalent van Mafaalani zijn zowel Romeo Bokma als die tangodansers trouvailles die voor geweldige theater kunnen zorgen.

Met de première van Romeo en Julia achter de rug, kunnen die twee vragen inmiddels worden beantwoord. Bokma speelt Romeo vermoedelijk omdat Mafaalani vindt dat liefde van alle tijden is. En natuurlijk omdat hij een begenadigd Shakespeare-acteur is die geen enkele moeite heeft met het fraai van zijn lippen laten rollen van al die mooie woorden. Daar komt bij dat Bokma op het podium van nature een verleider is, dus waarom zou je die kwaliteiten aan een leeftijd binden?

En toch werkt het niet, want Bokma probeert met zijn flair en furie toch in de ziel te kruipen van een hitsige tiener die is aangestoken door het vuur van de liefde. Dat het misschien interessanter zou zijn van hem een jeune premier op z'n retour te maken, die ook nog wel een jong blaadje lust, is hier helaas niet aan de orde. Aanvankelijk zou Jochum ten Haaf Romeo spelen. Waarom Mafaalani van dat goede idee is afgestapt, behoort vooralsnog tot het geheim van het repetitielokaal.

Tegenover Bokma staat de Argentijnse Christiane Palha als Julia. Zij hoort bij de groep dansers die voor een deel voor dit project uit Zuid-Amerika is overgekomen. Palha past wonderwel in het profiel van Julia: ze is beeldschoon en bezit een betoverende présence. Bij de eerste aanblik tussen haar en Romeo klinkt dan ook een donderslag - zoiets zie je in je leven maar één keer.

Dat Palha de tangodans tot in alle spieren van haar goddelijke lijf beheerst is voor het publiek een zegen. Het nadeel is alleen dat deze dame geen woord Nederlands spreekt en dat Shakespeares tekst dus behoorlijk moest worden ingekort en bewerkt. Zo wordt de prachtige afscheidsscène tussen Romeo en Julia hier door Bokma in zijn eentje verteld, waarbij hij ook haar tekst voor zijn rekening neemt.

Maar Romeo en Julia is niet alleen een stuk over een onmogelijke liefde, het gaat ook over familievetes en eerwraak. In deze bewerking blijft daarvan weinig overeind. Op zich is het een vondst om de Julia-clan door dansers te laten vertolken en de Romeo-aanhang door acteurs. Maar omdat die dansers de taal niet beheersen, leven zij zich volledig uit op de passie van de tango: dat doen zij zo virtuoos, dat ze daarmee ongewild alle aandacht naar zich toe trekken en in wezen het hele drama van liefde en wraak naar de achtergrond duwen.

Zo wordt het dansen van de gebroeders Macana, samen in de rol van Tebaldo, een hoogtepunt van de voorstelling. Dansend de dood tegemoet, dat laten zij zien met vier vliegensvlugge benen en twee hartstochtelijke harten. Ook schitterend is het intense duet tussen Julia en Paris, de voor haar bedachte echtgenoot die zij niet wil. Dat juist hier de geladen erotiek van af spat en niet van de ontmoetingen met Romeo zegt eigenlijk al genoeg.

Ook in Mafaalani's eerdere Shakespeare-regies (Macbeth, De Koopman van Venetië) overheerste een duistere omgeving. Goklokalen, kroegen en nu dan die danszaal waar het daglicht niet verdragen wordt. Dat levert fraaie beelden op, met een imponerend lichtplan en donkere muziek. Maar er is ook veel in het luchtledige blijven hangen, zoals de zwijgende rol van Adelheid Roosen als engel (waarom sleurt zij de hele avond met haar vleugels rond?) en de oude rockers-mentaliteit van Mercutio (waarom speelt Bart Klever zo brallerig?).

Intussen is Romeo en Julia ook de afscheidsvoorstelling van Pierre Bokma bij Toneelgroep Amsterdam. Ooit is hij daar als Hamlet begonnen (toen heette het nog Publiekstheater) en nu eindigt hij dus als Romeo. Onderwijl was hij ook Richard III en Macbeth en Jago. Los van de kanttekeningen bij deze voorstelling past hem daarvoor alle mogelijke dank.

Meer over