DAGBOEKDorus van Wees (1839-1916)

Dagboekfragment: Rijke burgers ontvluchten de cholera-epidemie in de stad

Erik van den Berg deelt dagelijks een opmerkelijk fragment uit zijn verzameling historische dagboeken.

Rome, 11 augustus 1867

Op 11 augustus vertrokken wij ’s middags om 12 uur per spoor naar Albano om daar te corveeën. In Albano heerste op hevige wijze de cholera. De burgers durfden er zelf de lijken niet te begraven. Zij wendden zich tot de zouaven, die dadelijk klaarstonden. Zij liepen het ene huis in en het andere uit, en letten goed op of er lijken lagen.

De zouaven hebben zich met dit gevaarlijke werk verdienstelijk gemaakt bij de burgerij. Drie van ons hebben daar de dood gevonden. De rijke lieden verlieten de stad en riepen ‘Viva de zouaven’ en de beste wijn was niet goed genoeg voor ons.

Op de feestdag van O. L. Vrouw Hemelvaart werd er op plechtige wijze feest gevierd in de Kerk van de H. Maria Maggiore. Wij zagen de H. Vader (Pius IX, red.) zich naar de kerk begeven.

Op 20 augustus zag ik in de Kerk dal’ Anima het hoofd en andere delen van de H. Hiëronymus Aemiliani. Die dag werd het feest gevierd van de H. Bernardus in de kerk bij het station. De kerk was prachtig versierd en verlicht. Na de H. dienst werd de reliquiën van deze heilige vereerd.

Op 25 augustus was het de feestdag van de H. Bartholomeus in de kerk op het eiland in de Tiber. De kerk was eveneens prachtig versierd en verlicht en wij zagen reliquiën van deze heilige en de koperen schaal waarin zijn overblijfselen zijn overgebracht. Die dag was het ook de feestdag van ­H. Lodewijk IX, koning van Frankrijk.

Dorus van Wees (1839-1916), Nederlandse zoeaaf in het pauselijke leger. Uit Frans G.M. Wouters: Een handbreed kleiner dan de Heer. Alfa, 1986

Meer over