DagboekJulia Ward Howe (1819-1910)

Dagboekfragment: Laten we bidden voor de Amerikaanse president

Erik van den Berg deelt dagelijks een opmerkelijk fragment uit zijn verzameling historische dagboeken.

Julia Ward Howe, 1899.  Beeld Getty Images
Julia Ward Howe, 1899.Beeld Getty Images

Rome, 28 april 1867

Onze tweede zondag in Rome verdeelden we tussen de tombola op Piazza Navone en de stilte van de American Chapel. Die laatste was op een rustige, net ingerichte etage, waar we goed geklede landgenoten aantroffen.

De gebeden tijdens de dienst werden eenvoudig, zonder plichtplegingen voorgelezen. Tot ons genoegen werden we verzocht te bidden voor onze president (Andrew Johnson, de eerste Amerikaanse president tegen wie een afzettingsprocedure werd ingezet, red.), ofschoon men in ons eigen land meent dat bidden voor hem geen zin meer heeft.

Maar wij herinnerden ons de oude wijsheid ‘zo lang er leven is, is er hoop’ en konden met een schoon geweten bidden dat hem de genade zou zijn beschoren.

De dienst vertoonde tekenen van progressiviteit, zelfs in die geloofsstukken die tot dusver als een fundament van de orthodoxie worden beschouwd.

In onze jeugd predikte de episcopale kerk niet anders dan de orthodoxe afsplitsingen: weest boetvaardig, boetvaardig, boetvaardig; Gods toorn; in zonde geboren – de verdoemenis versus het vruchteloze boete doen.

Welnu, deze Amerikaanse preek was droog, maar verstandig en gewetensvol: noch prees ze degenen die zich overgeven aan het mysterieuze boete doen, noch verdoemde ze degenen die dit nalaten.

Julia Ward Howe (1819-1910), Amerikaanse schrijver. Ingekort fragment uit From the Oak to the Olive. Lee and Shepard, 1868.

Meer over