tv-recensieArno Haijtema

Coca-Cola weet met zijn nieuwe spotje een dromerig idealistisch perspectief op te roepen, net als 50 jaar geleden

Toegegeven. De maandag gelanceerde tv-commercial voor een bekende suikerrijke frisdrank zet de argusogen wijd open en de voelsprieten overeind. Het gelikte camerawerk, de rap ratelende dichter, de meesterlijke minimal music, de family of man die hier in al haar inclusiviteit wordt getoond: ze veroorzaken in iets meer dan twee minuten een licht bruisende roes die twijfel oproept over het eigen beoordelingsvermogen: kan Coca-Cola me dan tóch gelukkig maken?

Opzienbarend mag de nieuwe tv-spot van de Coca-Cola Company heten. De Engelse kunstenaar George the Poet speelt al dichtend de hoofdrol in de campagne Open Like Never Before, waarin de Amerikaanse multinational op inspirerende wijze de coronacrisis tot de genesis van een nieuw tijdperk uitroept.

In het begin van het filmpje ontwaakt George en zegt: ‘Stop! Wie zegt dat we terug moeten naar normaal? Hoezo terug? Als het nieuwe normaal straks toch niet zo voelt? Wat als jij en ik de verandering zijn? Wat als we kiezen open te zijn?’

Nu is het tijd voor een humanitaire herijking, stelt George. Waarna de kassamedewerker van de supermarkt nooit meer zegt dat zijn baan er niet toe doet. Niemand beweert dat leraren te veel vakantie hebben. Of dat school saai is. We moeten onze oortjes niet verwarren met onze oren, en weer naar de medemens luisteren. Minder reizen en niet langer een vreemde in eigen huis zijn. Anderhalve meter afstand houden tot slechte energie. Oog hebben voor elkaar en: ‘Ik zal leiden, als een vrouw.’ ‘Het gaat ons lukken. We komen deze storm wel door’, zo belooft George ons het aardse paradijs: ‘I’ll open like never before’.

Knap hoe Coca-Cola de gezondheidscrisis verenigt met de roep om gelijkwaardigheid van seksen en huidskleuren, gemeenschapsgevoel en duurzaamheid. En daaraan een dromerig idealistisch perspectief weet te verbinden. Een boodschap die aansluit op de door het bedrijf vorige maand ingestelde boycot van sociale media als Facebook, dat te weinig zou doen tegen racisme. Een boodschap bovendien die teruggrijpt op de fameuze reclamespot van Coca-Cola van een halve eeuw geleden.

In 1971 veroverde een even mierzoete als onontkoombare oorwurm de harten van de westerse wereld. ‘I’d like to buy the world a home, and furnish it with love’, begint een jonge vrouw te zingen op een zonbeschenen heuvel in Italië, waarna een groep jeugdige mensen, The Hillside Singers, invalt: ‘I’d like the world to sing a song, in perfect harmony. I’d like to buy the world a Coke, and keep it company (that’s the Real Thing).’ Iedereen heeft een vol flesje cola in de hand, waaruit ondanks de zomerse hitte geen slokje wordt gedronken.

In de geloofsbelijdenis van George the Poet speelt het fameuze flesje een nog bescheidener rol, bijna alsof het nuttigen van Coca-Cola volstrekte bijzaak is geworden. En waarin die slogan Open Like Never Before eigenlijk alleen draait om de nieuwe gemoedstoestand en veel minder om het aantal ontkurkte flesjes met the real thing.

Meer over