Cinekid laat een andere held zien Negen dagen lang film en tv voor de jeugd

Zaterdag begint in Amsterdam de elfde editie van het internationaal film- en televisiefestival voor de jeugd, Cinekid. Met 110 voorstellingen is het programma groter dan ooit....

KINDEREN willen glamourhelden op het witte doek, is de ervaring van Harry Peters, ruim tien jaar programmeur van Cinekid, het film- en televisiefestival voor de jeugd. Hoofdpersonen die mooier en beter en slimmer zijn dan zijzelf. Ooit vertoonde hij op het festival een film met twee lelijke meisjes in de hoofdrollen: de een had een hazenlip, de ander een bril met dikke jampotglazen. Daar vond niemand wat aan. 'Ze riepen allemaal: ''Over zulke kinderen ga je toch geen film maken''.

Maar Cinekid grossiert niet in gladde Amerikaanse macho's, of engelachtige meisjes met lange vlechten die nooit liegen. Juíst niet. Cinekid wil films tonen die kinderen normaal gesproken niet zo snel zien. Eigenwijze, 'anders' gemaakte films, die een verrassend verhaal vertellen. Dat er soms helden in zitten met wie kinderen zich niet zo gemakkelijk kunnen identificeren, neemt Peters op de koop toe: 'Het festival is er om risico te nemen.'

Neem de oude Chuck Langer uit The Climb van de Nieuw-Zeelander Bob Swaim, een van de opvallendste films van het festival. Chuck Langer - een gouden rol van John Hurt - is allesbehalve een kinderheld. Na een ruig leven als bruggenbouwer in Zuid-Amerika, ligt hij nu in het huis van zijn zoon en gehate schoondochter dood te gaan. Zuipend, paffend, vloekend en rochelend van de longkanker.

Het keurige buurjongetje Danny heeft dan ook helemaal geen zin om op de oude te passen, zoals hem wordt opgedragen. Mijnheer Langer is weird, vindt Danny. En hij wil nog zelfmoord plegen ook. Met het pistool van zijn zoon, dat Danny voor hem uit de kast moet halen: 'Je denkt toch niet dat ik me ga ophangen? Ik wil sterven als een man'

Geen simpele kwesties voor de tere kinderziel, maar het bijzondere van The Climb is dat het absoluut geen zware film is. Humor en kinderspektakel genoeg: Danny wil een doodenge radiotoren beklimmen en de oude bedenkt een ingenieus takelsysteem om hem naar boven te hijsen. De scènes waarin ze samen met meters touw op stap gaan om de toren te veroveren - mijnheer Langer gezeten in een lorrie die door Danny wordt voortgetrokken - zijn ronduit hilarisch. The Climb gaat over kanker, de dood, vriendschap en nog veel meer, maar maakt nergens de indruk didactisch te willen zijn. Dat de oude man dood gaat, is net zo vanzelfsprekend als dat de kleine jongen op het topje van de toren wil staan.

'De beste films zijn films waaruit het kind de boodschap zélf kan halen, het moet er niet te dik bovenop liggen', zegt Peters. Kinderfilms zijn de laatste jaren een stuk minder moralistisch geworden, vindt hij. Al erkent hij dat de thematiek wel vaak 'uitwisselbaar' is: gezinssituaties en milieuverschillen (het vriendje dat anders is) scoren nog altijd hoog. 'Kinderen hebben de toekomst, en veel filmmakers zien het toch als hun taak kinderen over hun vooroordelen heen te helpen.'

Vooral Fransen beschouwen kinderen als 'jonge volwassenen'. 'Echt kinderlijke onderwerpen kom je bij de Fransen niet tegen', zegt Peters. Het jongetje Tonin uit Voor de Goede Zaak (van Jacques Fansten) bijvoorbeeld, is in alles beter, verstandiger en politiek-correcter dan zijn ouders. Hij geeft het Goede Voorbeeld, wanneer hij zijn familie aanmeldt als opvanggezin voor een Afrikaans vakantiekind. Zijn yuppen-ouders zijn het er niet mee eens, ze hebben geen tijd en geen zin, maar de ijverige Tonin rent zich rot voor het goede doel: hij verstopt het Afrikaanse jongetje Moussa in de camper in de garage, liegt zich bijzonder handig een uitweg, heeft op alles het juiste antwoord - in keurige volzinnen -, en weet natuurlijk uiteindelijk zijn ouders te overtuigen van de goede zaak.

Nederlandse kinderfilms zijn vaak opvallend origineel, meent Peters. 'Toen pesten een onderwerp was, werd daar meteen een film over gemaakt, De Tasjesdief, met een verhaal dat nauw aansluit bij de belevingswereld van kinderen en níet moraliserend is.'

Dit jaar zit er geen Nederlandse film in de competitie, wat niet wil zeggen dat het slecht gaat met de Nederlandse kinderfilm. Er wordt aan minstens vier films gewerkt, weet Peters. De tijd dat er denigrerend over kinderfilms werd gedaan, is wel voorbij. 'Wij hebben geen klagen. In Engeland bijvoorbeeld wordt al jaren niks meer geproduceerd.'

Kinderfilms zijn commercieel minder aantrekkelijk: met drie matinees in de week duurt het relatief lang voordat de investeringen zijn terugverdiend. Daarom verschijnen steeds meer familiefilms op de markt, zegt Peters, films met kinderen in de hoofdrol die een breed publiek aanspreken. Speciaal voor de leeftijd van vier tot acht jaar wordt bijna niets gemaakt.

The Island on Bird Street, een Deens-Engels-Duitse coproductie, is typisch zo'n film voor alle leeftijden. Het perspectief ligt bij Alex, een elfjarig joods jongetje dat, na de deportatie van zijn vader en oom, alleen in het ghetto van Warschau moet overleven. Stampende Duitse laarzen die hem elk moment kunnen betrappen, ruïnes die instorten, zwervers die hem bedreigen: in The Island on Bird Street is spanning en sensatie troef, maar de film is ook loodzwaar. Uiteraard slaat Alex zich, bibberend en wel, overal doorheen.

Nee, dan Selma & Johanna, een swingende roadmovie voor acht-plussers van de Zweedse Ingela Magner. Selma en Johanna zijn bekende kinderhelden: stout, giechelig, stoer en voor niets bang. De juf vindt dat Johanna moet blijven zitten. Als ze het er niet mee eens is, zegt het schoolhoofd voor de grap, moeten ze de juf maar aanklagen bij het Europese Hof in Straatsburg. Prompt springen Johanna en vriendin Selma in de trein, op weg naar 'Europa'. Ze liften met twee rockers mee, verbergen zich in een vrachtwagen, troggelen oma wat geld af en komen natuurlijk nooit in 'Europa' aan - voor die tijd is juf allang tot bezinning gekomen.

Cinekid is vanwege een verbouwing in de Meervaart dit jaar verhuisd naar De Balie en Alfa op het Amsterdamse Leidseplein. In negen dagen biedt het festival meer dan honderd films en tv-programma's - vijf films zijn geselecteerd voor 'Cinekid op Locatie', in 28 andere steden. Voor de twaalf- tot zestienjarigen is er een Senior-kid programma, met films waarin de jonge, populaire acteur Leonardo DiCaprio een rol speelt. Ook is er voor het eerst dit jaar een speciaal aan China gewijd programma: Chinakid.

Peters hoopt voortaan elk jaar zo'n landenprogramma te maken. Hij denkt aan Afrika en Zuid-Amerika. Het is een 'extreme' uitleg van het uitgangspunt dat kinderen eens wat anders moeten zien, zegt hij. En misschien dat ze daar iets van 'echte filmliefde' aan over houden.

Cinekid. Alfa en de Balie Amsterdam, 11 t/m 19 oktober. Cinekid op Locatie, 11 t/m 24 oktober, in 28 steden.

Meer over