BRYAN FERRY

Voor het eerst sinds jaren is Bryan Ferry (54) weer op tournee - en verrassing: pers en publiek zijn enthousiast....

Hij is (weer) terug, en - yes please? - hij is bereid om het verhaal van die comeback toe te lichten. Bijzonder, want stond Bryan Ferry in zijn Roxy Music-periode en lang daarna bekend om zijn onbenaderbaarheid voor journalisten, nu is er in het Antwerpse Hilton een heuse persconferentie belegd, plus de mogelijkheid tot een persoonlijk onderhoud. De ongenaakbare stijl van de meester verloochent zich desondanks niet, want 'zomaar op een hotelkamer' kan het gesprek niet plaatshebben. Medewerkers van de platenmaatschappij zijn er dus op uitgestuurd om een Antwerps penthouse in te richten dat bij de sophistication past van het 'handelsmerk' Ferry. Ook de rest van zijn imago blijkt nog te kloppen: hij presenteert zich shabby-chic in een lamswollen pullover, tweedjasje, geruit shirt en handgemaakte, lichtbruine schoenen. Yes, please?

Bryan Ferry is de dagen voor het gesprek grieperig geweest, en even heeft het er naar uitgezien dat ten minste een deel van zijn optredens in Europa moest worden afgezegd, maar inmiddels is er niets meer dat een succesvolle tour in de weg hoeft te staan. De zanger is happy. De eerste concerten in Engeland zijn alleszins gunstig ontvangen: 'A Grade A Trip', recenseerde The Evening Standard, waar The Observer sprak van 'A great concert'. Toch opmerkelijk, want Ferry bracht in Engeland een geheel akoestische set die voor het belangrijkste gedeelte bestond uit songs uit de jaren dertig, afkomstig van zijn onlangs uitgebrachte cd As Time Goes By. Of het publiek in Duitsland, Italië, Frankrijk en elders straks precies hetzelfde concert krijgen voorgeschoteld, is ook voor de zanger zelf nog een vraag, want, aarts-priegelaar die hij is, blijft Ferry doorlopend aan zijn werk en zijn act sleutelen.

Dat kenmerkt in retrospectief tevens de carrière van de Lounge Lizard. Was Bryan Ferry als oprichter en voorman van Roxy Music in de jaren zeventig nog de verpersoonlijking van de avant-garde, sinds 1983, toen de band voor een tweede keer werd opgeheven, is de voormalige kunstacademie-student uit Newcastle jarenlang het spoor bijster geweest. Tot 1995 verschenen er slechts vier solo-albums, die in de recent verschenen biografie Unknown pleasures over Ferry en Roxy Music van Paul Stump, werden getypeerd onder de veelzeggende kop 'hairdresser's delight', ofwel te gepolijste en onduidelijke achtergrondmuziek.

In een interview in 1995 betuigde Ferry openhartig zijn spijt over die albums . Hij zou een nieuwe weg inslaan, de studio induiken en nooit meer kappersmuziek maken, beloofde hij. As Time Goes By mag dan nadrukkelijk ook niet onder dat 'genre' worden gerangschikt: het bevat strak uitgevoerde remakes van songs van onder meer Cole Porter, Kurt Weil en Rogers & Hart en vormt als zodanig een stijlbreuk met de voorafgaande, slappe mainstream-platen.

Evengoed: is dit dan de nieuwe Ferry waarop zolang is gewacht? Is dit het resultaat van de belofte die de zanger vijf jaar geleden deed, toen hij zich in de studio terugtrok om wraak op zijn critici te nemen? Nee, antwoordt de perfectionist zelf in Antwerpen: d t album, gemaakt in samenwerking met Brian Eno en Dave Stewart, moet er binnen enkele maanden eindelijk aankomen. 'As Time Goes By is een cadeautje dat ik mezelf heb gedaan.'

Dit is dus niet de langverwachte ommezwaai in uw carrière?

'Hmmm, moeilijk te zeggen. Het voelt in ieder geval erg fris aan omdat het voor mij ook de eerste keer is dat ik een akoestisch studio-album heb gemaakt. Vanwege alle technische aspecten die daarbij komen kijken, kun je zeggen dat het een keerpunt is geweest. En het lijkt er op dat de cd in de meeste landen goed ontvangen is. Dus ja, misschien word ik dan toch nog populair. (Lacht.)

'Gedurende de tournee is trouwens ook gebleken dat ik met deze band meer en meer oude Roxy-nummers en eigen repertoire kan spelen. Ik ben de groep daar erg dankbaar voor. Doordat ik in mijn eigen verleden kan graven, voelt het alsof ik mezelf aan het herontdekken ben.'

Maakte de platenmaatschappij geen bezwaar toen u met het voorstel kwam om een jaren dertig-album te maken?

'Eh, nee, want ik had toen namelijk geen platenfirma. Dit is eigenlijk een selfpromoted en zelfs een zelf gefinancierd project geweest. Ik heb de plaat gewoon gemaakt en pas daarna is de manager ermee de boer op gegaan. Gek genoeg kwam toen de beste respons van Virgin.

'De meeste platenmaatschappijen weten niet wat ze met zo'n plaat moeten tegenwoordig. Als er geen video bij zit en als de muziek niet nauw aansluit op het ritme van de tijd, dan weten ze er vaak geen raad mee. Wat een inspiratie voor Virgin geweest zou kunnen zijn, is het succes van het Buena Vista Social Club-album, dat werd verkocht via mond-op-mondreclame. Later kwam de film natuurlijk, maar daarvoor werd er al veel over gesproken. Mensen houden er echt van omdat het een oprechte plaat is.'

Heeft u eraan gedacht dat u met jaren-dertig liedjes publiek zou kunnen gaan verliezen? Of dat u er in elk geval geen nieuw en jong publiek mee zou gaan trekken?

'Ik had de indruk dat er wel een publiek voor zou zijn, maar ik heb nooit gedacht dat het de plaat zo goed zou worden ontvangen. In Oslo, twee dagen geleden, danste zelfs een aantal meisjes vlak voor ons podium, van wie er één zich begon uit te kleden terwijl ik As Time Goes By zong. Het publiek applaudisseerde, er is dus nog hoop.' (Lacht.)

U wisselt tijdens de show dergelijke songs nog wel af met hits als 'Let's Stick Together'.

'Let's Stick Together', 'Love Is The Drug', 'Do The Strand'... ja, godzijdank dat die dingen er nog zijn, anders zouden er alleen maar sombere songs worden gespeeld. Ik ben gek op fun-songs als Let's Stick Together, en zeker op het podium. Als je er nog een paar voor me kunt vinden...?!'

Toch nog even terug naar de jaren dertig. Wat maakt die songs nou zo bijzonder?

'Er was in die tijd een verbazingwekkende hoeveelheid goede songs. En er waren ook ontzettend veel ta lentvolle schrijvers, van wie dan weer de meesten in New York samenkwamen en voor Broadway en later in Hollywood voor de film en de musicals zijn gaan werken, onder wie waarschijnlijk ook weer velen met een klassieke opleiding, denk ik. Dat, in combinatie met de daar al bestaande jazzmuziek, is waarschijnlijk de mix geweest die ervoor heeft gezorgd dat die liedjes zo interessant zijn. Je hebt Cole Porter, je hebt Gerswhin, Irvin Berlin, en dan in Europa natuurlijk Kurt Weil. En er zijn nog heel veel onbekenden, zoals Dorothy Fields. Wat ik ook zo interresant vind aan hun tijd is dat die bloeiperiode door de oorlog opeens stopte, waardoor die muziek op een vreem de manier zo mooi kristalliseerde, zo duidelijk werd.'

Hoe kiest u daaruit? Hoe stelde u As Time Goes By samen?

'Gewoon beginnen, en dan kijken of het een bij het ander past. We zijn geloof ik met September Song van Kurt Weil begonnen. Trouwens, weer een ndere droom van me: om dingen van hem te gaan doen. Ik ben gek op zijn muziek, echt helemaal gek. September Song doen we ook in de show.'

Als de jaren dertig een periode vormen van grote kwaliteitsmuziek, zou je dan kunnen zeggen dat we nu in een lagedrukgebied zijn aangeland?

'Als ik met mijn teenage-jongens in de auto naar de top-tien moet luisteren, dan denk ik dat vaak wel, ja. En de schuld ligt grotendeels bij de platenmaatschappijen om redenen die ik net al aangaf. Er is wel veel goeie muziek out there natuurlijk, maar die is moeilijk te vinden. Ik denk dat dat ook de de verklaring is waarom deze plaat ten minste een beetje succes heeft: hij klinkt anders dan de meeste muziek om je heen.'

Als het nu zo'n droevige bedoening is, dan schept dat natuurlijk ook weer ruimte voor iets wat echt goed is.

'Ja, voor iets fris. Dat is waar. Eigenlijk is het de tijd er wel weer voor. Maar ja, ik heb me er in het verleden ook schuldig aan gemaakt. Proberen hitsingeltjes te maken en dat soort dingen. Om in de mainstream te gaan hangen en daar in te gaan scoren. Ja, het zou mooi zijn om me nu weer met het hogere, mijn eigen geweten, bezig te houden.'

Zou u zelf niet eens een jazznummer willen schrijven, gewoon gaan zitten en een Cole Porter-liedje componeren?

'Ja, maar of ik dat kan? Ik wou dat het waar was, ik heb het de laatste dertig jaar geprobeerd, zonder veel succes.' (Lacht.)

Maar u houdt er zo van.

'O ja, ja zeker, ik ken dit materiaal al heel erg lang. Sinds mijn tiende, toen ik jazzfan werd en naar concerten begon te gaan. Ik ging toen al naar City Hall in Newcastle om ze te bekijken. Mensen als Ella Fitzgerald en Dizzy Gillespie. Later toen ik daar ging studeren, ontdekte ik Billie Holiday, van wie ik de grootste fan werd.'

U heeft voor As Time Goes By met onder anderen Brian Eno aan een nieuwe cd gewerkt, die over enkele maanden moet uitkomen. Wat voor muziek kunnen we daarop verwachten. Zit daar ook jazz bij?

'Nee, zoals het er nu voor staat zeker niet. As Time Goes By kwam er eigenlijk tussendoor. Het is een plaat die ik al een tijd wilde maken. Na mijn eerste solo-album These Foolish Things hebben veel mensen me gevraagd of ik niet eens een heel album aan de jaren dertig zou willen besteden, en ik heb dat steeds naar voren geschoven. Naar de tijd dat ik me meer volwassen of ouder zou gaan voelen. Het materiaal dat er ligt voor de komende cd is geheel anders. Anders ook dan de daaraan voorafgaande cd's. Ik heb er veel met Brian Eno voor gedaan, en met Dave Stewart. Maar nu ik deze band heb, loop ik weer met het idee dat alles anders moet, dat ik het weer helemaal ga veranderen.' (Lacht.)

Daar was ik al bang voor.

'Nee echt, dit is real, ik beleef zoveel plezier aan deze tour, we zijn pas op de helft en we blijven nieuwe dingen ontdekken. Het zou echt zonde zijn ermee te moeten stoppen, het gaat zo goed. Maar we gaan gelukkig nog naar Zuid- Afrika en ik hoorde net dat we ook in Rusland spelen, dus we zijn voorlopig nog niet uit elkaar.

As Time Goes By is dus eigenlijk een soort ontsnapping geweest.

'Ja, dat was het wel. Ik had er ineens zin in om er tussenuit te gaan, een pauze in te lassen. Ik zag het einde van de eeuw opdoemen en ik dacht: laat ik dat jaren dertig-album dat ik mezelf had beloofd dan nu maar gaan maken. Het feit dat ik de bandleden drie jaar daarvoor al had ontmoet, heeft ook geholpen, omdat ik van tevoren dus wist dat ik meteen in die stijl aan de slag kon gaan. Het is eigenlijk echt begonnen toen ik jaren geleden gevraagd werd om een aantal jaren dertig-songs op te nemen voor een kostuumfilm. Mijn bijdrage hebben ze toen niet gebruikt, maar ik heb toen tijdens die opnamen wel met arrangeur en pianist Colin Good kunnen werken, een fantastische pianist, die speelt zoals Teddy Wilson speelde, die op zijn beurt weer de bandleider was van Billie Holiday. Hij is zeer kundig, hij heeft alle Roxy-songs die we nu spelen omgezet voor de tour, waardoor ze heel authentiek zijn gaan klinken.

Terug naar de toekomst, de komende cd. Ook Jonny Green wood van Radiohead heeft eraan meegewerkt.

'Ja, hij is erg goed, de andere studiomusici ook, maar tegelijkertijd denk ik dat dat weer één van mijn vele problemen is. Ik heb sinds Avalon eigenlijk altijd met te veel verschillende muzikanten willen spelen, en dan vooral met mensen die al iets betekenden. En daar ligt meteen de schoonheid van deze tour: met mensen te spelen die nog geen historie hebben. Het werken met deze groep, en zeker met mensen als Colin, de pianist, voelt meer als vroeger. De vroege dagen van Roxy. Het gaat meer om echt plezier aan muziek beleven dan om het spelen met wat grote dure namen. Het zijn wel veel mensen dit keer (veertien), maar ieder van hen geeft zo veel op het podium, dat is iets geweldigs. Dat is ook de reden dat ik deze tour maar blijf oprekken. Ik wil niet dat het stopt.'

U heeft altijd veel zorg aan het show-aspect besteed. Wat dat betreft bent u niet veranderd.

'Presentatie is belangrijk. Ik heb er wel aan gewerkt, ja. We hebben mooi licht, het vrouwelijke strijkkwartet ziet er goed uit, en de harpiste die lijkt in de verte zelfs een beetje op Grace Kelly. Het ziet er allemaal wel interessant uit. En natuurlijk smokings voor de band, ja. Ik denk dat mensen dat leuk vinden als ze naar een concert gaan. Ik had ook graag een video van dit concert laten maken. Mooie, kleine cameo's, van ieder nummer, beetje Cotton Club, Berlijn-achtig. Op kleine schaal, daar houd ik van, zodat het materiaal er nog doorheen schijnt. Ik zoek nog een sponsor'. (Lacht.)

Er zijn volop geruchten over de her oprichting van Roxy Music. Komt de band voor de derde keer weer bij elkaar?

'Ik heb daar wel altijd aan gedacht, maar nu even niet meer. Ik zeg altijd ma¤ana zoals je weet. Mijn relaties met de anderen zijn nog steeds goed, Phil Manzanera speelde nog met me in Greenwich in Londen op oudejaarsavond, en dat was goed, behalve dan dat hij te hard speelde.

'Maar eh ja, er is zeker enthousiasme bij Andy (Mackay) en Phil te bespeuren voor het idee, en het was de afgelopen jaren plezierig weer met Brian Eno in de studio te werken, maar Brian houdt niet van optreden, dus tja. Wat zou het mooi zijn om samen weer met het materiaal van weleer aan de slag te kunnen gaan. Het is zo'n zonde om die oude songs daar zo eenzaam in die dozen te laten liggen, begrijp je.'

Meer over