Brieven van grootvader

Schrijven voor kinderen is iets anders dan schrijven voor volwassenen, maar het scheelt niet veel. Wie voor kinderen schrijft, moet er rekening mee houden dat ze niet alles begrijpen (hoewel voor kinderen net als voor volwassenen geldt dat ze ook best af en toe iets mogen lezen dat hun begrip...

Het is een misvatting dat kinderen gevoerd moeten worden met lievige, zoetige verhaaltjes, of dat het niet uitmaakt wat of hoe je schrijft, omdat het toch maar voor kinderen is.

Een mooi voorbeeld van hoe klein het verschil kan zijn tussen literatuur voor kinderen en voor volwassenen is En iedere week een brief van de Duits-Amerikaanse schrijfster Irene Dische. Niet alleen is dat het eerste kinderboek van een auteur die tot nu toe voor volwassenen schreef, het is ook de bewerking van een verhaal dat Dische eerder publiceerde, en dat in het Nederlands te vinden is in de bundel Intieme bekentenissen van Oliver Weinstock (Van Gennep, 1995; ¿ 34,90).

In beide verhalen wordt de jeugdige hoofdpersoon Peter na de Kristallnacht in 1938 door zijn Hongaars-joodse vader uit Berlijn teruggestuurd naar zijn grootvader, een steile arts, in Hongarije. De jongen vertrekt zeer tegen zijn zin, maar zijn vader belooft hem iedere week een brief te schrijven, zodat ze toch nog een beetje bij elkaar blijven. Aan het eind van het verhaal blijkt dat het merendeel van die brieven geschreven is door de grootvader, die het kind niet heeft durven vertellen dat de vader is vermoord door de nazi's.

W. Hansen schreef in de Volkskrant over Brieven van vader: 'Het verhaal is zonder stilistische opsmuk verteld, de plot is doorzichtig en het slot is verrassend.' Hetzelfde geldt voor En iedere week een brief, al is dat verhaal in omvang duidelijk toegenomen - nog geen tien bladzijden voor Brieven van vader, tegenover de kleine novelle die En iedere week een brief is. De enige ingrijpende wijziging die Dische heeft aangebracht, kennelijk om haar tekst voor kinderen minder schokkend te maken, is een epiloog. Stoppen meteen na de dood van de vader én de grootvader zou het boek zwaar in mineur laten eindigen. Dische heeft er behoefte aan te laten weten dat 'deze geschiedenis een heel gelukkige afloop (kent), die het vermelden waard is'.

Ook de zelfmoord van de grootvader, die in het originele verhaal een zorgvuldige selectie pillen slikte, is in het jeugdboek afgezwakt - de grootvader wordt hier dood gevonden achter zijn schrijfmachine, een hartaanval of een hersenbloeding horen evengoed tot de mogelijkheden, al heeft hij zijn naderende dood dan wel goed aangevoeld.

Dische staat in En iedere week een brief veel langer stil bij gebeurtenissen die in Brieven van vader in een paar zinnetjes werden afgedaan. Peters verblijf bij zijn vader in Berlijn beslaat nu een heel hoofdstuk. Dische gebruikt dat hoofdstuk niet alleen om de relatie tussen het kind en zijn vader meer inhoud te geven, maar ook om de Kristallnacht, zonder die met zoveel woorden te noemen, te beschrijven. Dat had voor volwassenen ook gekund, maar het is iets minder nodig, omdat zij meer kennis hebben dan kinderen.

De overige verschillen zijn marginaal. De kern van de verhalen is hetzelfde en in stijl is En iedere week een brief even helder en weinig barok als Brieven van vader. Sommige zinnen en beschrijvingen zijn identiek.

Zo heeft Dische, zonder haar stijl te veranderen, van een klein verhaal een ontroerend, bescheiden jeugdboek gemaakt.

Hanneke de Klerck

Irene Dische: En iedere week een brief.

Vertaald uit het Engels door Gerrit de Blauw.

Vanaf 12 jaar.

De Bezige Bij; 87 pagina's; ¿ 24,50.

ISBN 90 234 8140 2.

Meer over