Boot

Voortgestuwd door een obsessie

Koenders Edith

Het zijn bepaald geen alledaagse types, die Boot bevolken, maar ze zijn wel ontzettend menselijk. Hans van Wetering schrijft in zijn solodebuut met de gedrevenheid die zijn personages kenmerkt.

Boot is het solodebuut van Hans van Wetering (1964), die eerder met Agur Sevink de positief besproken verhalenbundel De leverancier (2003) publiceerde. Volgens de flaptekst - en dat lijkt een aanbeveling - komt Van Wetering uit een familie van banketbakkers en mariniers en was hij werkzaam als vakkenvuller, geldwisselaar en verkochte-auto-verplaatser. Een man van twaalf ambachten en dertien ongelukken, die eindelijk zijn roeping gevonden heeft?

Eén ding is zeker: Van Wetering is een geboren verteller. Boot bestaat uit twintig verhalen, waarvan enkele (of delen ervan) eerder verschenen in tijdschriften waarvoor hij ook schrijft, zoals de VPRO-gids en de daklozenkrant van Amsterdam.

Telkens is er een hoofdpersoon naar wie de vertelling is genoemd, zoals 'de kalligraaf', 'de drijver', 'de toehoorder' of 'de pluimveehouder'. Het zijn bepaald geen alledaagse types, maar ze zijn wel ontzettend menselijk. Ze worden bijna allemaal voortgestuwd door een obsessie die uit de hand dreigt te lopen. Langzaam verliezen ze de greep op hun leven en de grens tussen fantasie en werkelijkheid vervaagt, waardoor ze de neiging hebben om in het niets te verdwijnen.

Ook hebben ze direct of indirect iets met boten en water te maken, in het bijzonder met het historische cruiseschip Willem Ruys; een drijvend paleis dat in de jaren vijftig van de vorige eeuw passagiers naar Indonesië vervoerde, vervolgens omgedoopt werd tot de Achille Lauro en in 1985 gekaapt werd door Palestijnen waarbij de Joodse passagier Klinghofer werd doodgeschoten en overboord gegooid. Tot slot ging het schip in 1994 in vlammen op.

Een andere rode draad is de film Two minute warning, die in verschillende verhalen opduikt en over 'een sluipschutter in een zonovergoten footballstadion en een argeloze menigte' gaat. Maar er zijn meer onderlinge verwijzingen die van de losse gebeurtenissen geen roman, maar wel een groter geheel maken. Een complex geheel, fragmentarisch en niet overal even makkelijk te duiden. Maar Boot is zo ingenieus en boeiend geschreven, dat je meteen nadat je het boek hebt dichtgeslagen, weer van voor af aan begint, in het besef dat je van alles over het hoofd hebt gezien.

Zoals de onderlinge band tussen de verschillende personages. De procesmanager uit het eerste verhaal, die op weg is naar de begrafenis van zijn buurvrouw, blijkt de buurman van de hoofdpersoon te zijn uit 'de beller', zo lees je tussen de regels door. Deze wiskundeleraar wordt geterroriseerd door een onbekende beller die elke dag klokslag zeven opbelt en vraagt hoe het ermee gaat. Als blijkt dat deze beller het nummer gevonden heeft op de muur van een belhuis, begint de leraar een eindeloze zoektocht en raakt steeds meer vervreemd van de wereld. Hij fotografeert de muren van de belhuizen in de stad, en de krabbels die hij aantreft leiden tot vele bespiegelingen die hij op briefjes noteert: 'belwinkels zijn vaak tevens wasserette, kruidenierswinkel, videotheek, kapsalon, 2e hands wasmachinehandel, bakkerij, slagerij. Voor iedereen bestaat een reden om er binnen te lopen.' En vervolgens trakteert hij zichzelf niet geheel toevallig op de video Two minute warning.

Van Wetering schrijft met dezelfde gedrevenheid die zijn personages kenmerkt. Moeiteloos kruipt hij in de huid van zijn zeer verschillende karakters en weet tot de kern door te dringen. Tal van tragikomische en kritische gedachten borrelen in hem op: 'Want wie reisde tegenwoordig nou nog per boot, behalve vrachtvervoerders, al dan niet verveelde rijkelui en bootvluchtelingen?' En voortdurend stelt hij vragen: 'Was het toeval? Blind lot? Botte mazzel? Karma? Zijn kruis?'

Boot bevat interessante ideeën, verontrustende gebeurtenissen en gedachtenexperimenten. Een belangrijke is de ontdekking van God,

gedaan door de 80-jarige professor Korzac in het verhaal 'De geneticus (Gen 56714, of: het labyrint van eenvoudige verlangens)'. Hij lokaliseert God in een 'stukje menselijk DNA' dat hij in een muis implanteert. Die muis en vele andere gaan mee naar het congres dat - hoe kan het anders --aan boord van een cruiseschip wordt gehouden. De muizen ontsnappen, de professor verdwaalt op het immense schip en zal zijn presentatie nooit houden.

Op een dag klinkt uit een luchtverversingsrooster een stem (van de professor?) die zegt: 'Uiteindelijk zijn er slechts oneindig veel verhalen om te verzinnen, en de toegeeflijkheid van alle anderen om die verhalen te accepteren, om de goede vrede te bewaren. Amen.' En daar slaat Van Wetering de spijker op de kop.

Meer over