boekrecensie

Boos schotschrift over uitwassen in de jacht treft doel ★★★★☆

In In een groen knollenland spreekt Bibi Dumon Tak jagers over hun in haar ogen verfoeilijke praktijk.

Bibi Dumon Tak Beeld Eva Roefs
Bibi Dumon TakBeeld Eva Roefs

Toen het gebulder van luchthaven Schiphol haar te veel werd, verruilde schrijver Bibi Dumon Tak de grote stad voor het platteland. Ze kwam te wonen in stiltegebied 33, zoals haar nieuwe omgeving officieel heet. Het lawaai is er oorverdovend: het hele jaar door klinkt er geknal. De geweren van jagers, die het gemunt hebben op hazen, konijnen en vooral ganzen.

Dumon Tak, tevens werkzaam als vrijwilliger op de dierenambulance van Amsterdam, stoort zich aan hun nietsontziende moorddrang en schietlust. In haar boek In een groen knollenland (verschenen op de eerste dag van het jachtseizoen voor haas, houtduif en fazant) gaat ze met de jagers in gesprek over het waarom van hun verfoeide hobby. Dat levert stugge dialoogjes op – met enige ironie beschreven – waarin van enige toenadering nooit sprake is.

Haar onverholen boosheid druipt van de 184 pagina’s. Dat mag, nee: móét, in een schotschrift. Dumon Tak fileert haar slachtoffers, hun gewoonten en drogredeneringen tot op het bot. Hoe begrijpelijk en invoelbaar ook voor haar medestanders, soms mist ze doel. Bijvoorbeeld wanneer ze zich overgeeft aan naamgrappen over barons en andere jagers van kennelijk adellijke afkomst. De herhaling daarvan doet afbreuk aan de schoten die wel raak zijn. Wie daar doorheen leest, krijgt een goed beeld van de jagerswereld van nu, een tijd waarin biodiversiteit meer dan ooit onder druk staat en het doden van dieren daar niet het logische antwoord op is, ook al zullen jagers beweren van wel.

Jachtseizoen

De grootste waarde van dit boek schuilt in de anekdotiek. De rauwe verhalen uit de weinig verheffende praktijk achter de schone praatjes van hun lobbyclub, de Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging. Dumon Tak zag met eigen ogen hoe aangeschoten dieren aan hun lot worden overgelaten. Ze constateert vele overtredingen van de regels, bijvoorbeeld wanneer jagers buiten het jachtseizoen schieten, of wanneer ze ganzen of ander wild jachtgebieden indrijven, zodat ze geschoten mogen worden. Ze schetst hoe weinig toezicht er is, vaak door agenten die geen enkel verstand van zaken hebben. En ze tekent de verborgen lijntjes die vaak lopen tussen jagers en (lokale) bestuurders of instanties.

Dat zijn geen incidenten, want ze klinken keer op keer. Nieuwsarchieven en Google staan vol met mishandelingen en overtredingen, van dodelijke ongevallen bij mensen tot aan de onlangs illegaal doodgeschoten wolf op de Veluwe en de kromme privileges van Willem Alexander in kroondomein Het Loo.

Ook opmerkelijk: Dumon Tak gaat op jacht naar een oud en verborgen gehouden boekje waarin wijlen topindustrieel Paul Fentener van Vlissingen beschreef hoe hij de geslachtsorganen van een in de bronsttijd geschoten edelhert verwijderde met varkensleren handschoenen. Die handschoenen legde hij in een lade van zijn bureau, op moeilijke momenten tijdens zijn werk snuffelde hij er even aan voor nieuwe energie. Het doet denken aan wat Charlotte Mutsaers in 1997 beschreef in NRC Handelsblad, nadat ze in Frankrijk had gezien hoe een jager zich stond af te rukken boven het nog dampende lijf van een zojuist geschoten hert. Het zijn aberraties die er kennelijk bij horen binnen het nog altijd overwegend masculiene jagersgilde.

Polderbewoner Tommy Wieringa beschreef enkele jaren geleden beeldend hoe jagers in zijn achterland achteloos met hun hakken aangeschoten en halfdode kauwtjes in de klei trapten.

Het zijn dit soort getuigenissen – toevallig allemaal van schrijvers; het zal aan hun observatievermogen liggen – die de wrede werkelijkheid blootleggen in een wereld waarin excessen kennelijk onuitroeibaar zijn. Daartegen blijkt een scherpe pen een doeltreffend wapen.

null Beeld De Geus
Beeld De Geus

Bibi Dumon Tak: In een groen knollenland - Een schotschrift tegen de jacht. De Geus. € 15.

Meer over