Boe-geroep, tranen en cynische applausjes

De kritiek roert zich in Berlijn. Regisseur Sally Potter van Rage: ‘Ik raak er telkens weer overstuur van. Ik huil veel.’..

‘Ik heb geleerd, tot mijn spijt, dat mijn films mensen verdelen. Al mijn films. Ik ben al meermaals vermoord door de kritiek. En het doet altijd weer pijn. Ik raak er telkens weer overstuur van, ik huil veel. Het gebeurt telkens opnieuw.’ De Britse regisseur Sally Potter (Orlando, Yes) slaat haar ogen op en slikt een paar keer. Ze kijkt de journalisten eens goed aan, alsof ze wil zeggen: beseffen jullie wel wat jullie aanrichten?

‘Als je terugkijkt in de filmgeschiedenis, zie je dat een aantal van mijn favoriete films bij de release met de grond gelijk is gemaakt door de critici. Zelfs een meesterwerk als Citizen Kane is gekraakt. Tsjechov werd na de première van De Meeuw bekogeld met tomaten. Hij is huilend naar huis gerend. Waarmee ik niet wil zeggen dat ik Tsjechov ben of Orson Welles. Als kunstenaar moet je leren omgaan met het feit dat je werk wordt aangevallen. Ik werk eraan.’

Potters nieuwste film Rage is een moordmysterie, gesitueerd in de modewereld. Maar er zijn geen catwalks te zien en de moord blijft ook buiten beeld. Sterker: de film bestaat slechts uit pratende hoofden, tegen gekleurde achtergronden, gefilmd met een zo goed als onbeweeglijke camera. Veertien personages – waaronder Steve Buscemi als een voormalig oorlogsfotograaf, Judi Dench als een cynische modejournalist en Jude Law als een travestiet supermodel – doen hun verhaal, voor het mobieltje van een jonge blogger, die zelf buiten beeld blijft.

De monologen worden doorsneden met dagaanduidingen. Toen de aankondiging ‘de laatste dag’ in beeld verscheen, klonk een cynisch applaus bij de persvoorstelling. En in de poll onder filmjournalisten in het vakblad Screen International bungelt Rage onderaan, met een gemiddelde van 1,1 op een schaal van 0 tot 4. ‘Zelfingenomen onzin’, schreef The Hollywood Reporter. ‘Niet uit te brengen’, oordeelde het invloedrijke vakblad Variety.

Zo mogelijk nóg slechter gewaardeerd wordt Mammoth van Lukas Moodysson. De Zweedse regisseur maakte naam met Fucking Åmål, Together en Lilya 4ever, maar de films die hij daarna maakte – A Hole in My Heart en Container – waren zo radicaal dat ze slechts in weinig landen de bioscoop haalden. Naar Mammoth werd daarom reikhalzend uitgekeken.

Het is Moodyssons eerste Engelstalige film, met grote sterren in de hoofdrol; een terugkeer naar de mainstream dus, zo was de algemene gedachte. Niet dus. Na de persvoorstelling klonk een lang aangehouden boe-geroep. En terecht, schreef Variety. In de journalistenpoll staat Mammoth met een gemiddelde score van 0,9 stijf onderaan.

In Mammoth spelen Gael Garcia Bernal en Michelle Williams een New Yorks stel dat alles heeft wat je je maar kunt wensen. Leo is een soort wizzkid, die door zijn ongebreidelde genie directeur is geworden van een bedrijf dat computerspelletjes maakt, maar zichzelf vermaken kan hij niet. Ellen is OK-arts, en vecht voor het leven van een zwart jochie dat door zijn moeder met een mes in zijn buik is gestoken. Ondertussen baalt ze ervan dat de Filipijnse hulp veel closer met haar dochtertje is dan zijzelf. Dan komt er bericht uit de Filipijnen: er is iets gebeurd met de oudste zoon van de hulp. Die volgt haar moederhart. Dus moet er een andere hulp worden gevonden – dat is het zo’n beetje.

Het gaat Moodysson om de personages; hoe zij reageren op wat zij doormaken, vertelde hij in een groepsinterview. ‘Ik ben niet geïnteresseerd in drama. Ik wil het publiek niet verrassen met ingewikkelde plotschakelingen. Dat is meer iets voor actiefilms, vind ik.’

Moodysson kan er niet mee zitten als hij met Mammoth niet opnieuw wordt omarmd door het grote publiek. ‘Sommige mensen worden geraakt door een film, anderen niet. Daar ben ik helemaal niet mee bezig. Ik maak een film omdat ik denk dat ik iets interessants te vertellen heb.’

Meer over