pop

Bløf bestaat dertig jaar. Dit vindt de band zélf de mooiste teksten en momenten

Na dertig jaar Bløf maken frontman Paskal Jakobsen en bassist Peter Slager met V de balans op. Wat zijn de ontroerendste optredens geweest, van welke teksten krijgen ze steeds weer kippevel?

Menno Pot
Blof Beeld
Blof

Niet zo lang geleden spookte de coronavrees nog door het hoofd van Bløf-frontman Paskal Jakobsen (48), naar eigen zeggen een ‘piekerkont’. Zou de wereld ooit weer worden zoals vroeger? En, toen dat geloof hervonden was: zou het muzikantenbestaan weer worden wat het was?

Vandaag kan hij het antwoord op die vragen wel uitschreeuwen: ja! Ontspannen stapt hij de kroeg binnen aan de Middelburgse Pottenmarkt, Bløfs tweede huiskamer. Bassist Peter Slager (53) volgt een paar minuten later.

De Zeeuwse hoofdstad is zonovergoten. De twee jubileumconcerten in de Amsterdamse Ziggo Dome (8 en 9 april) waren een groot succes. Jubileumalbum Polaroid is in de albumlijsten binnengekomen op nummer één. Ze zijn koninklijk onderscheiden.

De zomer van Bløfs dertigjarige jubileum staat vol concerten in openluchttheaters (van Bloemendaal tot Hertme) en op festivals, waaronder natuurlijk hun eigen Concert at Sea op de Brouwersdam van 30 juni tot 2 juli.

‘Ik ben tijdens corona in therapie gegaan’, vertelt Jakobsen monter. ‘Ik wilde uitzoeken wat voor mij nou echt belangrijk is in het leven. Ik heb ontdekt dat ik prima gelukkig kan zijn met een heel gewoon leven: mijn gezin, de kinderen, wandelen met de hond. Maar juist daardoor kreeg ik ook weer zin om te spelen met de band.’

‘Je gaat inzoomen op de band en jezelf’, zegt Slager. ‘Wat héb ik eigenlijk met deze mensen? En wat hebben zij met mij? Ik heb kritisch nagedacht over de band, het logge monster dat Bløf heet. Ik concludeerde dat we wendbaarder moesten worden. Niet zo snel zeggen dat iets te lastig is en het dan maar laten. Proberen. Dat doen we nu meer.’

De geplande reeks EP’s werden een ‘gewoon’, maar geïnspireerd album, waarop de gedwongen jaren van evaluatie en reflectie hun plek vonden. Het plan was om in Duitsland op te nemen, maar steeds als ze wilden gaan, waren de coronamaatregelen daar zo streng dat het niet lukte. Het werd Terschelling: toch weer kust, toch weer zee.

‘Paskal appte: het duurt me te lang’, zegt Slager. ‘Daar waren we het allemaal mee eens. We hebben gas gegeven. Albums zijn altijd tijdsdocumenten, momentopnamen. Polaroid werd door de omstandigheden een andere plaat dan we van plan waren. Beter kijken naar oude polaroids, dat was eigenlijk het idee.’

Taalkunstenaar

Peter Slager won in 2016 de Lennaert Nijgh Prijs voor zijn teksten voor Bløf. Bij het dertigjarig jubileum van de band is een door hemzelf samengestelde bloemlezing verschenen in de serie Taalkunstenaars van uitgeverij Nieuw Amsterdam. Typhoon in het voorwoord: ‘Ik ken Peter als een romantische tekstschrijver met beide voeten in de zeeklei.’

Dertig jaar Bløf. Er is zoveel gebeurd. Hits. Eremetaal. Triomfen in grote en kleine zalen en op festivalterreinen. En ja, ook gemeen commentaar van muziekjournalisten, ook weleens van de Volkskrant. Fans en ‘haters’: Bløf heeft ze allebei volop. Ze reageren er met waardigheid op. Wat ze bereikt hebben, kwam in de Ziggo Dome samen.

Jakobsen: ‘We hebben er jong publiek bij gekregen. De helft van wat nu bij ons in de zaal staat, is twintig jaar jonger dan wijzelf. Die waren nog niet geboren toen de band begon. Achterin staat de oudere garde, dat gaat tot zeventigplus. Wat is belangrijker: oude fans bij je houden of er jonge bij krijgen? Wij hebben beide. Dat vind ik mooi.’

‘De verjonging begon al vóór Zoutelande’, zegt Slager, verwijzend naar zijn hertaling van Frankfurt Oder van Axel Bosse, in 2017 de grootste hit van Bløf, in duet met de Vlaamse Geike Arnaert.

Bløf krijgt de laatste jaren opmerkelijke bijval uit onverwachte hoek: de Nederlandstalige hiphop. Wereld van verschil (2017) was een duet met Typhoon, vrucht van wederzijdse bewondering. De Bløf-hit Omarm (2003) keerde in 2018 terug in de hitlijsten als Omarm me, een samenwerking met Ronnie Flex.

Jakobsen: ‘Van Peters teksten is vaak gezegd dat ze te lyrisch zijn. Precies dat blijkt jongens als Ronnie Flex en Typhoon dus aan te spreken. Zingen over gevoelens van onzekerheid, over je pijn, is in de hiphop en bij jongere artiesten gebruikelijker geworden. Denk ook aan Froukje en S10.’

Laat ons inzoomen. Beter kijken naar de polaroids van dertig jaar Bløf. Op welke momenten en muzikale vondsten zijn ze zélf het meest trots? Wat maakt Bløf nou Bløf?

‘Leuk’, zegt Slager. ‘Dat dwingt ons om anders naar ons werk te kijken.’

Compositie

Er wordt op je gewacht (2022)

Slager: ‘Met onze toetsenist Bas Kennis ging het vorig jaar even niet zo lekker. We moesten in de zomer een tijdje zonder hem optreden. In die periode schreef hij Er wordt op je gewacht. Misschien moet je muzikant zijn om te horen wat er in dat nummer allemaal gebeurt.’

Jakobsen: ‘Metrisch klopt het eigenlijk niet. Geïnspireerd door de woorden van Peter staat dat nummer in een 9/8 maatsoort, maar ik moet als zanger smokkelen om goed uit te komen voor de volgende zin.’

Slager: ‘En dan komt de brug en dan gaat het ineens van 9/8 naar 6/8 én wordt het hele lied een halve toon hoger. Dan komt er een stukje theremin en daarna gebeurt er weer iets geks: een nieuw couplet met dezelfde melodie als het vorige, maar op andere akkoorden.

‘Zo’n vernuftige compositie, ik vind dat lied uniek in ons oeuvre. Geen recensent gaat dat Bas vertellen, dus leuk dat wij het nu mogen doen.’

Tekst

Aan/uit (2014)

Jakobsen: ‘Soms neem ik Peters teksten voor wat ze zijn en zing ik ze gewoon, maar als een tekst me raakt, ga ik vragen stellen: waar komt het vandaan? Dat deed ik niet zo lang geleden over Aan/uit.

‘Het gaat met mijn moeder al een hele tijd slecht. Ze dementeert, zit in de laatste fase van haar leven. ’s Ochtends was ik bij haar op bezoek geweest, ’s avonds speelden we in de Oosterpoort in Groningen. Aan/uit stond op de setlijst en ineens sloeg de tekst me keihard voor mijn bek.

Het is een hele dunne lijn tussen zijn en niet zijn. Aan/uit, je bent bij me/ je bent weg (...) Er hangt een flinterdun gordijn (...) tussen vrijheid en pijn.

‘Die tekst is echt belangrijk voor me geworden’, zegt Jakobsen. ‘Ik vind het een van Peters mooiste.’

Slager: ‘Op 10 mei 2010 finishte een etappe van de Giro d’Italia in Middelburg, een paar honderd meter hiervandaan. De Belg Wouter Weylandt won, bijna voor mijn deur. Vrijwel precies een jaar later kwam hij in de Giro ten val tijdens een afdaling. Schedelbreuk. Dood. Hij was 25 jaar. In Aan/uit zit het beeld van een schakelaar die klik zegt: zo dun is de lijn.

‘Ik vind het mooi dat zo’n liedje voor een luisteraar een andere betekenis kan aannemen. Nu is die luisteraar ook nog mijn vriend, de zanger. Dat is nog mooier.’

Gebaar

Het lied van Kodo, Amsterdam, 2008

Slager: ‘We hadden in 2006 een lied opgenomen, Aanzoek zonder ringen, met Kodo, de Japanse slagwerkgroep. We voelden een bijzondere muzikale band met die mensen, maar het is moeilijk om daar uiting aan te geven. Taalbarrière, cultuurbarrière.’

Maar ze vóélden het, de mannen van Bløf, en in 2008, backstage in de Amsterdamse Heineken Music Hall, bleek het gevoel wederzijds.

‘Kodo speelde met ons mee tijdens een concertreeks. Na de laatste show kwamen we de kleedkamer binnen en stond Kodo daar opgesteld. Ze begonnen een lied voor ons te zingen, als dank voor de samenwerking en de gastvrijheid. Ik krijg weer kippevel als ik het vertel: zo mooi. Ik heb staan janken, jongen.

‘Na dat lied gaven ze ons gesigneerde drumstokken als vriendschapssymbool. Wat niet gezegd kon worden, was voor iedereen in één klap voelbaar. Het is niet gefilmd of opgenomen. Prima. De magie zit in de herinnering.’

Gitaarsolo

Wonderen zijn welkom (2022)

Slager: ‘Mag ik zeggen wat ik jouw beste gitaarsolo vind? Die in Wonderen zijn welkom.’

Jakobsen peinst even en stemt in. ‘Het is bekend dat we fans zijn van de Amerikaanse band Counting Crows. We hebben met ze opgenomen en opgetreden, ze zijn vrienden geworden en van grote invloed geweest op Bløf. Als gitarist bewonder ik David Immerglück, ‘Immy’, hun gitarist, en ik denk dat mijn solo in Wonderen zijn welkom inderdaad mijn Immy-moment is.’

Slager: ‘Immy is een gitarist die geen risico schuwt: versterker op 11 en vól die solo in, niet bang om uit de bocht te vliegen. Als hij dan nét de bocht houdt, is het perfect. Dat doet Paskal in dat lied ook.’

Jakobsen: ‘Ik speelde die solo een keer of vijf en plakte voor de studioversie heel ruw de beste stukjes aan elkaar: versie 1 is tot hier goed, knip, dan verder met versie 2, en zo verder. Zo ontstond een solo die je eigenlijk niet live na kunt spelen, met rare sprongen op de hals.’

Slager: ‘Maar je hebt hem toch live leren spelen. En goed ook.’

Baspartij

Omarm (2003)

Jakobsen: ‘Dan noem ik een baspartij van Peter: Omarm. Die is zo heerlijk vrij en los. Live is hij nooit hetzelfde. Wat onze drummer Norman Bonink en ik spelen, ligt voor 95 procent vast. Bij Norman omdat hij nu eenmaal drummer is, bij mij omdat ik een leadgitarist ben die ook moet zingen. Bas en Peter hebben de vrijere rollen.’

Slager: ‘Collega-bassisten beginnen vaak over Omarm. In dat nummer heb ik ruimte, waar ik als bassist lekker in kan gaan hangen, als het ware. In vergelijking met andere Bløf-nummers voelt Omarm als een grote kamer waarin ik met de meubelstukken kan schuiven.’

Jakobsen: ‘Ik heb in de loop der jaren heel veel coverbands Bløf-nummers horen spelen. Sommige doen dat slecht, andere absurd goed, soms zelfs beter dan wij, maar ik heb nog nooit een coverband een goede versie van Omarm horen spelen. Dat nummer heeft een delicate cadans, met subtiele wisselingen tussen een 6/8 en 3/4 maatsoort. Peters bas is daarbij bepalend en niemand kan het nadoen.’

Compliment

Adam Duritz, Concert at Sea, 2015

Slager: ‘Over mooie momenten gesproken: ik denk nog vaak aan de woorden van Adam Duritz tijdens Concert at Sea 2015: we hadden Counting Crows geboekt, we speelden wat nummers met ze samen en we traden zelf natuurlijk ook op.

‘Tijdens ons optreden zag ik dat de jongens van Counting Crows aan de zijkant stonden te kijken. Ze bleven daar de hele tijd staan, tot het einde. Toen we afliepen zei Adam met grote ogen: ‘Wow, you guys only play hits.’

‘Dat hebben zij zelf minder. Geweldige band, maar ze hebben niet veel hits die door het publiek woordelijk worden meegezongen. Wij inderdaad wel. Als je muzikale helden dat vol bewondering tegen je zeggen, is dat wel een moment dat je bijblijft.’

Drumfoutje

Niets dan dit (1999)

Slager: ‘In Niets dan dit zit een grappig drummoment, dat het nummer een impuls geeft, vind ik, terwijl het een foutje is.’

Dat klopt. Tegen het einde van de solo, na drie minuten en enkele seconden, struikelt het drumritme even. Het foutje is van Chris Götte (1962-2001), de drummer die in 2001 door een motorongeluk om het leven kwam. Norman Bonink is zijn opvolger.

‘Chris speelde een superstrakke partij in’, herinnert Slager zich, ‘maar aan het einde van de solo blijft hij ergens achter hangen met een stok, of zoiets. Hoe dan ook: daar zit een kleine hiccup.

‘Het leuke is dat we meteen vonden dat het zo moest blijven. Bas, Paskal en ik hebben het exact zo ingespeeld en live speelt Norman dat foutje ook elke avond precies goed. Het is een mooi voorbeeld van wat de schilder Bob Ross een happy accident noemde. En het is ook een terloopse, kleine herinnering aan Chris.’

Zangpartij

Scheveningse Tram (1999 en verder)

Jakobsen: ‘Ik heb nog nooit een nummer foutloos gezongen. Echt niet.’

Slager: ‘Weet je wat jij goed zingt? Scheveningse tram van Wim Sonneveld.’

Dat lied heeft al een vrij lange Bløf-geschiedenis. Jakobsen zong het tijdens het Gala van het Nederlandse lied in 1999, bij het 60-jarig jubileum van het Metropole Orkest (2004) en regelmatig, door Bas Kennis op de piano begeleid, tijdens theatertournees.

Jakobsen: ‘Ik heb op al die versies iets aan te merken, zo ben ik nu eenmaal, maar oké: vooral in het theater, met Bas, heb ik hem wel goed gezongen. Ik vind mezelf eigenlijk meer chansonnier dan rockzanger. Ook in het Bløf-oeuvre zijn het meestal de kleinere liedjes waarin ik het meest tevreden ben over mijn zang: als ik er warmte in kan leggen, met de rust om de woorden goed te zingen.’

Drummoment

Polaroid (2022)

Jakobsen: ‘Norman Bonink kan echt álles drummen. Strak. Foutloos. Hard of subtiel. Ik vind hem steengoed in het kleinere werk, met kwastjes op de snaredrum bijvoorbeeld. Er zit jazz in zijn spel.’

Slager: ‘Een van zijn sterkste momenten op plaat vind ik Polaroid. We hadden een demoversie waar ik een ritmebox onder had gezet. Norman valt in op die ritmebox, waardoor je een dubbele drumpartij krijgt. Live, in de Ziggo Dome, was dat overdonderend. Een kippevelmoment. Niemand kan zo beslist invallen als Norman.’

Een handelsmerk van Bonink, de ongebruikelijk hoge bekkens, blijken overigens een Japanse erfenis te zijn.

‘Hij was altijd al fan van Kodo, onze Japanse vrienden’, legt Slager uit. ‘Het was vooral Normans idee om hen te benaderen voor een samenwerking. Die drummers doen alles met grote gebaren. Als je je bekkens hoog zet, moet dat ook. Het zegt iets over Norman. Sommige drummers zijn loners, die verdwijnen in de achtergrond. Norman niet. Hij wil zichtbaar zijn en is nooit afwezig. Altijd in contact met het publiek en met ons.’

Foto

Bløf door Roald Jansen (2016)

Slager: ‘Elke band is ijdel. Bløf ook. Ergens in je hoofd zit een beeld opgeslagen van hoe je eruit wilt zien, of hoe je je band graag ziet. We hebben ontelbaar veel fotosessies gedaan. Vooral foto’s uit de jaren negentig vallen achteraf niet altijd mee.

‘Mijn favoriete Bløf-foto werd gemaakt door Roald Jansen van Set Vexy, in de Real World Studio in Bath in Engeland, waar we het album Aan opnamen. Hij staat binnen in de hoes of het cd-boekje. Het album verscheen in 2017, de foto is van eind 2016.

‘De foto achterop de hoes is ook goed: daar staan we in pak. De foto binnen is gemaakt in de studio waar we toen bezig waren: wij voorop, met de apparatuur en iedereen die meewerkte achter ons. Dat is echt een goede foto. Zo zie ik ons graag.’

‘Helemaal mee eens’, zegt Jakobsen. ‘Dat zijn wij. En nu ga ik de kinderen uit school halen.’

Bløf: Polaroid. Sony.

Live: 14/5 013, Tilburg. 18 en 19/5 Hedon, Zwolle. Festivals en openluchtoptredens tot eind september.

Meer over